Cultuur

Interview

Interview

Hij keek de dood in de ogen, nu schaatst hij weer

Denny Morrison

De Canadese schaatser Denny Morrison had een zwaar motorongeluk en een beroerte. „Mijn hele lichaam was kapot, alles was gebroken.”

De thee is koud geworden, constateert Denny Morrison glimlachend nadat hij een slok heeft genomen. Zijn verhaal was lang en indrukwekkend, geen tijd gehad om te drinken. „Een halfvol glas”, zegt hij met een hoofdknikje. „Dat kon ik in mijn linkerhand nog niet eens van deze tafel naar de volgende brengen zonder de helft eruit te gooien.” Een afstand van drie meter. „En als je nog geen halfvol glas kunt vasthouden zonder te morsen, hoe moet je dan ooit weer balanceren op een ijzer van één millimeter? Met 60 kilometer per uur door de bocht gaan?”

Een heldendicht in een reeks getallen waaide dit najaar over vanuit Calgary: 1.08,59 op de 1.000 meter, 1.44,16 op de 1.500 en 3.40,44 op de drie kilometer. PB, personal best, stond achter het laatste. Ongelofelijk maar waar: Denny Morrison (32) is terug op topniveau. Afgelopen weekeinde keerde hij terug in de internationale competitie, met onder meer een vierde plaats op de ploegachtervolging bij de wereldbeker in Heerenveen. „Mijn zelfvertrouwen is altijd heel hoog geweest, mijn hele leven. Maar nu is het nog af en toe shaky.”

Natuurlijk, hij won al olympische medailles, wereldtitels. Maar na een topseizoen 2015 sloeg het noodlot keihard toe. Eerst een ernstig ongeluk met de motor, een jaar later een beroerte. „Een op de vijf mensen op de intensive care komt te overlijden”, stelt Morrison. „En ik lag daar twee keer binnen een jaar.”

Aan drie of vier gevolgen van het ongeluk had ik kunnen overlijden.

Denny Morrison

Huiveringwekkende foto van de restanten van de motor, waarmee Morrison op 7 mei 2015 in Calgary botste met een auto. „Mijn hele lichaam was kapot, alles was gebroken.” Bovenbeen, elleboog, ruggewervel. Geperforeerde long, gescheurde lever en nier, gekneusd hart en andere interne organen. Hoofdletsel, ook dat. „Pretty ugly”, beschrijft hij met gevoel voor understatement. „Aan drie of vier gevolgen van het ongeluk had ik kunnen overlijden.” Pas na 36 uur komt hij bij kennis. „Toen begon ik me te realiseren wat er aan de hand was. Ik voelde me niet zozeer gebroken, maar vooral breekbaar.”

Negen dagen na zijn ongeluk is het huwelijk van zijn oudere broer Jay, waar hij getuige zou zijn. „Artsen zeiden: ‘Je kunt er onmogelijk naartoe.’ Dus nam Morrison in het ziekenhuis zijn speech op. „Dat Jay altijd twee jaar ouder was, twee jaar groter, sterker en knapper. Dat ik achter hem aanjoeg sinds ik een jaar was, dat hij altijd de norm stelde. En dat hij de lat voor mij nu wel erg hoog had gelegd door met Liz te trouwen. Zoiets.” Maar op de bruiloft geen bandje. Morrison presteert het onmogelijke en is er bij. „Ik wilde ze per se verrassen. Mijn moeder en zus wisten dat ik kwam, mijn vader en mijn broer niet. Dat was emotioneel, ja.”

Comeback in Calgary

Binnen negen dagen weer tussen de mensen, maar een terugkeer als topschaatser duurde langer. „Mijn dijbeen was niet zomaar gebroken. De gebroken delen waren over elkaar heen geschoven, met alles wat daartussen zat.” Een gescheurde kruisband in de rechterknie levert hinder op tot de dag van vandaag. Maar in maart 2016 rijdt hij in Calgary zijn comebackrace. „1.09,4, sneller dan mijn tijd bij de Spelen van Vancouver 2010. Die race was zo belangrijk, om mezelf en de rest van de wereld te laten zien dat ik terug was.” De Arizona Trail is zijn volgende uitdaging, een bizarre mountainbiketocht van 1.400 kilometer in 25 dagen. „Hitte, kou, lekke banden, kapotte fietsen. Vreselijk maar we haalden het.”

Op de terugweg is het mis. „Ik was moe en zelfs groggy. Ik sliep op de achterbank, dat deed ik anders nooit. Bij een tankstation werd ik wakker. Geen gevoel in mijn linkerbeen. Zal wel bekneld hebben gezeten, dacht ik. ‘Tank maar voor 25 dollar’, zei ik tegen mijn vriend die reed. Ik brabbelde en kwijlde een beetje. ‘Wat?’, vroeg hij. ‘Voor 25 dollar gas’, zei ik. Voor mezelf klonk ik volledig normaal. Maar hij verstond me niet. ‘Doe maar 30 dollar’, zei ik, om er vanaf te zijn.” Ik stapte terug in de auto en viel meteen weer in slaap. Even later maakte Josie, mijn vriendin, me wakker en ging ik een stukje lopen op mijn slippers. De linkerslipper schoot steeds van mijn voet af. Ik was in de war, raakte gefrustreerd.”

Lees ook over de opvallende samenwerking tussen Koen Verweij en Russische schaatsers

Vriendin Josie Spence, ook schaatsster, herkent de signalen. Morrison is getroffen door een beroerte. „Je hebt dat zelf niet door, iemand anders moet het zien. ‘Vergeet wat we aan het doen zijn’, zei ze. ‘We gaan direct naar het ziekenhuis.’ We waren er binnen tien minuten, ze deden meteen een MRI. Daarop kon je zien dat delen van mijn hersenen geen bloed meer kregen. Je realiseert je dat je… dat je dood aan het gaan bent. Iedereen kent de verhalen wel dat je dan ineens het grote perspectief ziet. Hier zit ik, het meest essentiële onderdeel van mijn lichaam werkt niet meer. Dat is eng.”

Morrison wordt naar een groter ziekenhuis gebracht, voor een spoedoperatie. „Ze maakten een snee in mijn bovenbeen, gingen via een ader naar binnen door mijn lichaam, langs het hart naar de nek. Daar hebben ze twee stents geplaatst. Gedurende die operatie hebben ze mijn gedachten geopend, letterlijk. Ik zag in hoe belangrijk Josie was in mijn leven. Zij is mijn beschermengel. Ze was er na het motorongeluk, toen heeft ze aan mijn bed gezeten en mijn hand vastgehouden terwijl ik sliep. Ze was er toen ik de beroerte kreeg. Onderweg naar het ziekenhuis hield ze dezelfde hand vast. Ik was in de war, kon niet communiceren. ‘Alles komt goed’, zei ze. En ze heeft gelijk gekregen.”

Denny Morrison (C) in actie met Team Canada op de achtervolging tijdens de wereldbekerwedstrijden in Thialf Heerenveen. ANP/Jerry Lampen

Hersenfuncties aangetast

Het herstel? „Na het motorongeluk waren de problemen puur fysiek, mentale problemen heb ik toen niet gehad. Ik kon mijn topsportvaardigheden gebruiken om te herstellen. Bij de beroerte was het probleem juist puur mentaal. Fysiek ging het vrij snel beter. Ik voelde me goed, mijn lichaam was in orde. Maar ik mocht van de artsen niet te diep gaan. ‘Als je dat wel doet zet je je leven op het spel’, zeiden ze. Natuurlijk gaat zoiets in je hoofd zitten. Er zijn ook hersenfuncties aangetast. Ik wil niet te veel in detail treden, maar ik heb moeilijke tijden doorgemaakt. Nog steeds af en toe.”

En schaatsen? „Ik heb geen angst. Een paar weken na de operatie heb ik al weer intensief getraind. Ik was steeds onder controle en we wisten zeker dat het probleem geheeld was. Ik neem elke dag een aspirientje, om het bloed dun te houden en een nieuw probleem te voorkomen. Dat is een slechte herinnering, elke morgen. Ik nam normaal nooit pillen. Nu moet het van de dokter, om mezelf in leven te houden.”

Ik heb het vuur nog, ik wil winnen. Maar ik wil allereerst mens zijn. Ja, dat kan samen.

Denny Morrison

Erover praten valt soms moeilijk. „Dan grijpt het me naar de keel. Op mijn huwelijksdag met Josie in mei, toen ik mijn gelofte oefende, raakte het me hard. Op de plechtigheid zelf ging het wel, omdat ik was voorbereid.” Hij werkte zijn verhaal uit tot een speech voor een volle zaal: Becoming Denny Morrison. „Hoe ik ben geworden wie ik nu ben.” En hij vliegt weer als vanouds op dunne ijzers met 60 per uur over het ijs. „Ik wil proberen de grootste comeback te maken in de Canadese sportgeschiedenis”, zegt hij. De twijfel voorbij.

Zoveel gewonnen, zoveel doorgemaakt. En dan toch alles weer opzij voor de Spelen in Pyeongchang? „Ik spreek veel mensen die een beroerte hebben overleefd. Ik weet hoe hard zij vechten voor herstel. Hoe kan ik dan niet vechten? Ik word wakker en denk: ik moet trainen. In dat opzicht heeft schaatsen mijn leven gered. Het geeft me een doel.”

Al is dat doel inhoudelijk wel veranderd. „In Vancouver 2010 was het alles voor mezelf en medailles. Nu is het voor mensen die een beroerte hebben overleefd, voor mijn familie, mijn team en coach. Voor alle mensen eigenlijk. Ik heb het vuur nog, ik wil winnen. Maar ik wil allereerst mens zijn. Ja, dat kan samen. Maar wat me nu motiveert en inspireert is totaal anders dan toen ik twintig was. Dat zal wel zijn wat ze levenservaring noemen.”