Column

Ketter Franciscus, de kerkhervormer

In jaar één van Donald Trumps rol op het wereldtoneel zagen we tal van onvergetelijke begroetingen. Het begon toen hij de Japanse premier Abe pompend fijnkneep en vernederde. Vervolgens de tegenzet van de jonge Canadees Trudeau, die, opspringend vanuit zijn limousine, de Amerikaan preventief bij de schouder greep. We zagen de alfamannetjeshanddruk met Emmanuel Macron, een flirterig handje-vasthouden met Theresa May en de stuurse weigering om Angela Merkel in het Witte Huis de handdruk voor de camera’s te gunnen.

In deze memorabele beeldenreeks was toch weinig zo geestig als het evidente chagrijn waarmee het echtpaar-Trump werd ontvangen door paus Franciscus in het Vaticaan. Het was 24 mei jl. We zien een zwartgesluierde Melania, Donald met fotogrijns, en daarnaast de norse Franciscus: geen zin in het gesprek, ook niet om te doen alsof. De Argentijn, die ooit zei dat christenen „vrolijke gezichten en ogen vol blijdschap” moeten hebben, veronachtzaamde een moment zijn adagium. In 29 minuten stond Trump weer buiten; uitgepraat.

Paus Franciscus, de anti-Trump, doet verrassende diplomatieke zetten; niet impulsief en gericht op het helen van breuken. Fascinerend is zijn omgang met de herdenking van de protestantse Reformatie. Vijf eeuwen terug, op 31 oktober 1517, sloeg Maarten Luther zijn 95 stellingen aan de deur van de Wittenberger slotkerk: aanklacht tegen het gezag in Rome, eerste scheur in de ene Kerk, begin van ruim een eeuw Europese godsdienst- en burgeroorlogen, waarbij in de Duitse landen tussen 1618 en 1648 eenderde van de bevolking omkwam. Vanuit katholiek perspectief was Luther een ketter, dus brandstapelrijp; hij noemde de toenmalige paus een „ezel”. Maar de tijd heelt vele wonden en de huidige paus noemde Luther vorig jaar een „kerkhervormer tegen wil en dank”: „het was slechts zijn bedoeling om de kerk te vernieuwen, niet om een splitsing te veroorzaken”.

Hier schemert sympathie door. Niet vreemd: paus Franciscus wil zélf een vernieuwend „kerkhervormer” zijn; hij stelt de christelijke liefde boven de rechte leer, zet zaken in beweging. In een heerlijk stukje berichtte Die Zeit vorige week hoe de interne, reactionaire kritiek in het Vaticaan op Franciscus aanzwelt. Voor zijn tegenstanders is deze hervormingspaus een afvallige. Ze stuurden een lijst van Dubia (Twijfels) over een pauselijk schrijven, drukten anonieme plakkaten, haalden handtekeningen op en fluisteren in de wandelgangen: deze paus is „een ketter”. De warme woorden van de paus over de oecumenische viering van het Lutherjaar door Duitse lutheranen en katholieken zitten deze factie niet lekker; hij wil de kerkscheuring van na 1517 toch niet terugdraaien? Zover gaat de Argentijn niet, hij houdt de zaken open met een meerduidig „We gaan de toekomst anders betreden!”. Anders, samen?

Het Vaticaan brengt dezer dagen een postzegel van 1 euro uit met een schilderij uit de kerk van Wittenberg, waarop we een gekruisigde Christus zien en aan zijn voeten Luther en medehervormer Melanchthon. Een verjaardagsgeschenk van Rome aan de Reformatie met als boodschap: we eren allen dezelfde Christus. Te verkrijgen vanaf 23 november.

Gaan we één kerkscheuring terug, naar het schisma uit 1054 tussen toen Rome en Constantinopel, tussen westers en oosters christendom, katholieken en orthodoxen. Daar bewerkstelligde Franciscus al eerder een diplomatieke doorbraak. Anderhalf jaar terug, op 12 februari 2016, had de man uit Rome op Cuba een treffen met de Patriarch uit Moskou. Die is als hoofd van de Russisch-orthodoxe kerk de navolger van de Byzantijnse kerkvorsten; het was het eerste moment van dialoog sinds 1054. Franciscus’ droge, ja vrolijke commentaar: „Eindelijk”.

Luuk van Middelaar is politiek filosoof en hoogleraar Europees recht en EU-studies (Leiden, Louvain-la-Neuve). Onlangs verscheen zijn boek De nieuwe politiek van Europa (Hist. Uitgeverij).