Column

Falende mannen in Het Instituut

Zap De moeder aller vergelijkingsvragen kwam aan bod in Het Instituut: wie zijn beter, mannen of vrouwen? Tussen de spelletjes door bracht het programma vooroordelen aan het licht.

Boter-kaas-en eieren uitleggen aan een Fin in Het Instituut (NTR / BNNVARA)

Hoe leg je zo eenvoudig mogelijk aan een Fin uit hoe een mens Boter-kaas-en eieren speelt? Ik had daar nooit over nagedacht. Ik had ook nooit verwacht dat het best leuk is om ernaar te luisteren: van de man die zijn uitleg heel slim begon met het woord hashtag tot de vrouw die zich verloor in de veronderstelling dat ze voor haar uitleg de woorden butter, cheese en eggs nodig had. Of: „Wat heeft hij daaraan? In Finland hebben ze toch geen kaas?”

De uitlegopdracht zat in Het Instituut, een van de vele min of meer wetenschappelijke programma’s van dit najaar. (Zo waren donderdagavond ook De kennis van nu en Dat had je gedacht te zien) Onder leiding van Rob Urgert en Joep van Deudekom (De kwis) en Sophie Hilbrand werden honderd proefpersonen aan een reeks tests onderworpen. Donderdag draaide het om de moeder (of vader) aller vergelijkingsvragen: wie zijn er beter, de mannen of de vrouwen?

Waarin beter? Niet in fysieke prestaties. Wel werden tijdsgevoel, efficiëntie, reactiesnelheid, opmerkzaamheid en breedsprakigheid getest. De laatste test was die waarbij Boter-kaas-en eieren moest worden uitgelegd. De vrouwen hadden daar gemiddeld 67 woorden voor nodig, de mannen 82.

Inhoudelijk viel er op alle toetsonderdelen wel wat af te dingen, maar er zaten creatieve vondsten bij. Intuïtie werd gemeten door de deelnemers Wie van de Drie te laten spelen. Het kwaliteitsverschil was kolossaal. Achteraf begrijp je niet hoe ooit een man dat tv-spelletje heeft gewonnen. Het meten van reactiesnelheid werd slapstick. Proefpersonen werden tijdens een gesprek over baby’s plotsklaps geconfronteerd met een uit het plafond vallende pop. Vrouwen vingen die een stuk vaker op dan mannen, maar de geestigste beelden waren die van de mensen die geen hand uitstaken en stomverbaasd keken wat daar nu weer op de grond plofte.

Het zal u na het voorgaande niet verbazen dat de vrouwen wonnen, met 5-4. En twee van de onderdelen die de mannen wonnen, eindigden op een haar na gelijk. Het falen van de mannen was goed voor de amusementswaarde, want de komieken Urgert en Van Deudekom begeleidden alle onderdelen met een constante stroom voorspellingen over waarom de mannen dit of dat absoluut beter zouden kunnen („Stapelen, inschatten, logisch nadenken – dat is voor mannen een tweede natuur”). Door de mannennederlaag kwam de zelfspot ontspannen naar voren, tot en met de opmerking dat mannen gelukkig véél beter tegen hun verlies kunnen dan vrouwen.

Tussen de spelletjes door bracht het programma vooroordelen aan het licht, niet in de laatste plaats bij de kijker. Want bij elke test neig je er niet alleen naar om de uitslag te voorspellen, maar ook om die vervolgens te verklaren. Want waarom zitten mannen sneller op hun plaats als je ze naar een touringcar stuurt (ja, dat kunnen ze wel)?

Tijdens het kijken kwam een nieuw experiment in me op. Hoe zou Het Instituut beoordeeld worden als in plaats van Urgert en Van Deudekom twee vrouwen van middelbare leeftijd plagerige opmerkingen over de prestaties van de mannen hadden gemaakt, constant hadden gezegd dat vrouwen eigenlijk beter waren en uiteindelijk slechts schoorvoetend de uitslag hadden erkend? Ik denk dat iedereen dan boos zou worden. Allerlei mannen (en vrouwen) zouden de vrouwen bitches vinden, allerlei vrouwen (en mannen) zouden signaleren dat vrouwen zo als humorloze passief-agressieve wezens worden geportretteerd.

Ik moet dit nog wel even testen, natuurlijk.