Recensie

Een strip bevolkt door mannetjes die hardop nadenken

Voor het eerst heeft de doorgaans zeer ernstige en zeer wetenschappelijke Princeton University Press een frivool stripboek uitgegeven: „Heretics!” (Ketters!)

De strip begint op 17 februari 1600, met de omineuze tekst: „The 17th century did not start out well for philosophy.” We zien hoe Giordano Bruno sterft op de brandstapel. Hij had gezegd dat de sterren zonnen zijn waar aarde-achtige planeten omheen draaien, en ook over God en politiek had hij dingen beweerd waar men indertijd niet erg gelukkig mee was.

Het is de ideale openingscène voor een strip over wetenschap en filosofie in de zeventiende eeuw. In die tijd ging het nadenken over God en politiek nog hand in hand met het bestuderen van hemellichamen, vallende voorwerpen en balletjes die elkaar in beweging brengen. Voor veel zeventiende-eeuwers zijn „de som van de drie hoeken in een driehoek is altijd 180 graden” en „de mens moet andere mensen zo behandelen als hijzelf behandeld wil worden” uitspraken van dezelfde orde.

Steven Nadler, hoogleraar filosofie in Madison, wilde niet het zoveelste overzichtswerk schrijven over de eeuw waarin de moderne wetenschap werd uitgevonden. Omdat zijn zoon toevallig illustrator is, besloot hij om samen met hem een stripboek te maken.

De stijl is die van een artistiek verantwoorde graphic novel, waarin de denkers en wetenschappers aandoenlijke mannetjes zijn, met rode neusjes en grote verwonderde ogen, die hardop nadenken en met elkaar in discussie gaan.

Overal in Europa

Zoals het een spannend stripverhaal betaamt, verplaatst de actie zich van de ene plek naar de andere. Het begint in Rome, daarna gaan we naar Londen, Leiden, Parijs, etcetera. Op allerlei plekken in West-Europa zijn mensen in de weer met nieuwe ideeën.

Die ideeën worden in de strip op een aantrekkelijke manier gepresenteerd: speels, maar ook uitdagend. Niet te ingewikkeld, maar ook niet te kinderachtig. Je zou misschien denken: dat weet ik inmiddels wel. Descartes met „ik denk, dus ik ben”, Locke en het empirisme. De ontdekking dat de aarde om de zon draait, de zwaartekracht. Spinoza die God gelijkstelde aan de natuur en daarmee in feite God afschafte. Een deel van die ideeën is nu gemeengoed of komt dicht in de buurt van wat nu gemeengoed is, en is dus lichte kost voor de lezer.

Maar sommige ideeën die toen fel verdedigd en bediscussieerd werden, zijn nu minstens zo vreemd als toen. En juist dat levert meeslepende pagina’s op. Discussies over de ziel van materie, over de vraag in hoeverre substanties (materieel of immaterieel) elkaar werkelijk beïnvloeden, bijvoorbeeld bij botsingen, of dat dit alleen maar zo lijkt.

De redenaties zijn soms onnavolgbaar. Je kunt het menselijk lichaam in twee of vier stukken hakken, maar met de ziel kan dat niet. Ergo: de ziel is of is niet. Ook de essentie van wat bijvoorbeeld een „roos” is, of een „stoel”, kun je niet „in stukken hakken.” Ergo: die essentie is ook een soort ziel.

Voor de hedendaagse lezer is dat onzin. Maar het zet je wel aan het denken.