Recensie

Speelse ‘My fair lady’ klinkt helaas net iets te kil

Theater

De muziek in deze nieuwe uitvoering van ‘My fair lady’ komt van een band, dat schept afstand. Jammer, want regisseur Paul van Ewijk heeft een speelse uitvoering gemaakt.

De teksten van ‘My fair lady’, in vertaling van Seth Gaaikema zijn tintelfris gebleven.Foto Roy Beusker

De ouverture van de nieuwe My fair lady wordt gespeeld door een weelderig orkest. Maar het staat op de band. Een musicalproducent kan zich nu eenmaal geen grootscheeps orkest in levenden lijve meer veroorloven. Terwijl de bruisende muziek van componist Frederick Loewe een omvangrijke bezetting vergt. De orkestband, ingespeeld door het eminente Metropole Orkest, is een compromis – alles is live gezongen, alle muziek komt van de orkestband.

Dat schept, letterlijk en figuurlijk, afstand. Waar nog bij komt dat het geluid van de microfoontjes voor de acteurs en de begeleiding op de band scheller is dan men zou willen. Wat romig en rijk geschakeerd zou moeten zijn, klinkt veelal net iets te kil.

Spijtig is dat, want regisseur Paul van Ewijk heeft een speels geënsceneerde My fair lady gemaakt waarin het verhaal over de hautaine Henry Higgins die een vitale volksmeid ombouwt tot elegante dame, fantasievol tot leven wordt gebracht. Met zacht licht, multifunctionele zetstukken en fraaie vondsten, zoals de grasblokken op wieltjes die door de spelers worden voortgerold om te suggereren dat we bij de paardenraces op Ascott zijn.

Chris Tates speelt in deze nieuwe versie de Higgins-rol met knorrige intonatie en lachwekkend onbegrip voor de gevoelens van het bloemenmeisje dat zijn proefkonijn is. Esmée Dekker is een overtuigende Eliza, een robuuste doorzetter met een ver reikende zangstem. Han Oldigs vertolkt haar schuinsmarcherende vader met een dubbele tong, die zowaar herinneringen op roept aan Johan Kaart, die deze rol in 1960 speelde in de eerste Nederlandse My fair lady.

Van die legendarische productie dateert bovendien de geraffineerde vertaling van de destijds 21-jarige Seth Gaaikema. Opnieuw blijkt hier dat zijn teksten tintelfris zijn gebleven.