Kamerleden rennen over de gang: hebben we een meerderheid?

Tumultueus begin van tweede dag Financiële Beschouwingen met twee hoofdelijke stemmingen over dividendbelasting.

Minister van Financiën Wopke Hoekstra (CDA) had zich „een rustiger begin als minister voorgesteld”. Foto Bart Maat / ANP.

Het is de realiteit waarmee Rutte III de komende jaren te maken heeft: een oppositie die het de coalitie door de minimale meerderheid van één zetel moeilijk probeert te maken. Het werd voor het eerst pijnlijk duidelijk voor aanvang van de Algemene Financiële Beschouwingen, donderdagochtend. Dat debat kon niet hervat worden, omdat Kamerleden tot twee keer toe vroegen om een hoofdelijke stemming. Het had allemaal te maken met de ophef rond de afschaffing van de dividendbelasting. Die maatregel, afgesproken in het regeerakkoord, is gunstig voor grote bedrijven. Linkse én rechtse oppositie vinden de ingreep, die 1,4 miljard euro kost, onbegrijpelijk.

En zo’n hoofdelijke stemming, dat kan in de Tweede Kamer leiden tot grote ophef. Dat zag er zo uit: minister van Financiën Wopke Hoekstra (CDA) stond donderdagochtend op het punt om aan de verdediging van onder meer de dividendbelasting te beginnen, toen PVV-Kamerlid Tony van Dijck om een hoofdelijke stemming vroeg. Hij stelde dat het debat niet kon beginnen voordat het kabinet in een brief had opgehelderd welke bedrijven bij premier Rutte voor het schrappen van de dividendbelasting hadden gelobbyd. De NOS meldde woensdag dat het gaat om onder meer Shell en Unilever. Het aanvragen van een hoofdelijke stemming is een individueel recht van een Kamerlid.

Paniek bij coalitie

Kamerleden van coalitiepartijen werden rennend in de wandelgangen gesignaleerd om op tijd te zijn voor de stemming. Bij de VVD en D66 werden zichtbaar zenuwachtig rekensommetjes gemaakt. Stel je voor dat een Kamerlid van de coalitie de stemming niet zou halen, en de voltallige oppositie er wél zou zijn. Dan had je zomaar een meerderheid die de minister kon dwingen het debat uit te stellen. VVD-Kamerleden Leendert de Lange en Dilan Yesilgöz kwamen op het laatste moment de zaal in en waren net op tijd om zich voor de stemming in te schrijven.

De lichte paniek bij de coalitie bleek trouwens onnodig: 73 Kamerleden stemden tegen de motie, slechts 51 voor. Opmerkelijk genoeg bleken veel PVV’ers niet in de Kamer aanwezig en ook bij andere oppositiepartijen ontbraken Kamerleden.

Toen het debat eindelijk leek te kunnen beginnen, vroeg 50Plus-Kamerlid Martin van Rooijen wéér om een hoofdelijke stemming: hij wilde premier Rutte bij het debat hebben. Zelfs SP-Kamerlid Renske Leijten, toch niet de lauwste oppositiepoliticus, vond dat Van Rooijen hier „doorschiet”. De motie werd massaal verworpen: 104 Kamerleden stemden tegen, slechts 23 voor.

Minister Hoekstra moest een uur wachten in Vak K voordat hij eindelijk aan het woord kwam. Hij had zich „een rustiger begin als minister voorgesteld”, liet hij zich ontvallen. Het kabinet heeft wel de belofte gedaan om voor de lunchpauze per brief opheldering te geven over de dividendbelasting.

Dat de hoofdelijke stemmingen geen succes hadden, wil niet zeggen dat Hoekstra donderdag een rustig debat te wachten staat. Maar het laat vooral zien hoe snel de oppositie paniek kan veroorzaken door de kleine meerderheid van de coalitie uit te buiten.