Diefstal van kunst? Aan de orde van de dag

Kunstdiefstal

Uit het Westfries Museum werden 24 schilderijen gestolen, 5 kwamen terug. Nu is er een tentoonstelling over diefstal van kunstwerken.

Een van de uit het Westfries Museum gestolen schilderijen na restauratie. Jacob Waben, Vrouw Wereld, 1622.

Er is veel emotie op de tentoonstelling Roofgoed, kunstdiefstal in Nederland in het Westfries Museum in Hoorn. De aarzelende stem van de conciërge, en hoe hij een beetje beeft, als hij in een filmpje vertelt hoe hij, 10 januari 2005, „op kantoor kwam”, het pad naar het museum afliep, „en daar zag ik de luiken openstaan”. De vochtige ogen van directeur Ad Geerdink, op een ander filmpje, wanneer hij, 17 september 2016, in Kiev vijf van de 24 uit het museum gestolen schilderijen terugziet. Medewerkers van het museum die, drie weken later, hun hand voor de mond slaan als de schilderijen worden uitgepakt: twee van de vijf hadden jarenlang opgerold gezeten, ze golfden ervan, hele stukken verf waren eraf gespat.

Restauratie na crowdfunding

Alle vijf de doeken zijn nu gerestaureerd, een crowdfundingsactie bracht bijna het hele bedrag op dat daarvoor nodig was, en weer voor publiek te zien. Ze hangen apart in twee zaaltjes, met bordjes waarop de namen staan van mensen die geld hebben gegeven, bijna allemaal particulieren. Vooral Vrouw Wereld (1622) van Jacob Waben, met de prachtig wulpse vrouw die als vanzelf alle aandacht naar zich toetrekt, is een blikvanger. Keukenstuk (1620-25) van Floris van Schooten was het zwaarst beschadigd, het was een van de opgerolde werken. Van de beschadigingen is niks meer te zien.

 
Floris van Schooten, Keukenstuk, 1620-25, voor en na restauratie. Foto’s Ronald de Jager

Maar misschien wel meer nog dan de teruggevonden werken, wil de tentoonstelling laten zien dat diefstal van kunst en antiek aan de orde van de dag is. In een andere zaal hangen en liggen daar voorbeelden van, waaronder ook meubels, zilverwerk en restanten van bronzen beelden. Want ook dát heeft het Westfries Museum het afgelopen jaar gedaan: uitzoeken hoe het zit met de diefstal van kunst en antiek. Directeur Ad Geerdink: „De sfeer rond kunstdiefstal is er een van spanning, van romantiek bijna. Een beetje een charmante vorm van criminaliteit, dat beeld. Maar dat is absoluut niet de werkelijkheid. Zowel aan de daderkant niet, als aan de kant van de impact niet.”

 
Jacob Waben, Vrouw Wereld, 1622, voor en na restauratie. Foto’s Ronald de Jager

Achthonderd diefstallen per jaar

Feiten die het museum op een rij heeft weten te zetten: waarschijnlijk gaat het om achthonderd tot duizend gevallen per jaar, en veel vaker dan in een museum, gebeurt dat in de openbare ruimte (bronzen beelden) en, in bijna de helft van de gevallen: bij particulieren. Van al die diefstallen wordt niet meer dan acht procent opgelost. Groot probleem: particulieren beschikken vaak niet over exacte gegevens, laat staan foto’s van de gestolen objecten. Het staat in grote letters in de tentoonstellingszaal: ‘Tip voor alle particuliere kunst- en antiekbezitters: documenteer uw eigendommen.’

 
Hendrick Bogaert, Boerenbruiloft, 1671-1675, voor en na restauratie, Foto’s: Ronald de Jager

En nee, kunstdieven zijn geen gentleman-inbrekers. Ad Geerdink: „Wat ik ook heb geleerd van deze zoektocht: kunstdiefstal is een harde, vaak internationale vorm van criminaliteit. Als je ermee te maken krijgt, merk je dat wat voor jou een enorme waarde heeft, voor die ander niet meer is dan een dollarbiljet. En een verkreukeld dollarbiljet is nog steeds een dollarbiljet. Dat vond ik erg confronterend.”

Roofgoed, kunstdiefstal in Nederland, Westfries Museum, Hoorn, tot 12 februari 2018. Inl: wfm.nl.