Commentaar

#MeToo gaat niet om beroemde namen maar om slachtoffers

#MeToo begon als een actie waarbij slachtoffers van seksueel machtsmisbruik zich niet langer storen aan de ongeschreven zwijgplicht. In plaats van zich te schamen en hun verdriet te verbijten, begonnen zij massaal hun ervaringen te delen. Ze durfden dat aan doordat een aantal actrices de moed opbracht om zich uit te spreken over de seksuele vernedering die ze te verduren kregen van Harvey Weinstein, een van de machtigste mannen van de Amerikaanse filmindustrie.

Wat de ‘#MeToo-beweging’ is gaan heten, gaat dezer dagen een nieuwe fase in, met beroemde daders die hun wangedrag gelaten erkennen. In de VS beschuldigde een aantal mannen bijvoorbeeld de acteur Kevin Spacey van aanranding. Een aantal vrouwen citeerde staaltjes van vergaand intimiderende, invasieve vuilbekkerij van acteur Dustin Hoffman. Sinds dinsdag betreft het in Nederland, minder beroemd maar toch pikant, Job Gosschalk. Vele jaren vervulde hij als castingdirector, producent en regisseur een monopoliepositie in de film- en tv-industrie. Uit een aantal, meest anonieme, getuigenissen doemt hij op als spin in een web waar het makkelijk jonge acteurs vangen was. Onder het mom van een auditie liet hij hen, volgens getuigenissen, zich uitkleden of masturberen. De buitenstaander zal zeggen: als je dat niet wilt, loop dan weg. Maar dat is te makkelijk geconcludeerd. Gosschalk gedroeg zich als zijn vakgenoot Weinstein: hij kende zijn macht en intimideerde het beoogde slachtoffer met de belofte van een rol. Haalde dat niets uit, dan kwam het dreigement van een gefnuikte carrière. Overigens, wie iets doet waar een ander voor weg zou moeten lopen, kan weten dat hij over de schreef gaat. Iets waarover gezwegen moet worden, is zelden in de haak.

Spacey, Hoffman en Gosschalk hebben hun seksueel wangedrag erkend en hun excuses gemaakt, maar zo komen ze er niet mee weg. Netflix blies het laatste seizoen van House of Cards af. Gosschalk werd per direct ontheven van de regie van de film waar hij mee bezig was. Allemaal groot nieuws. Intussen belemmeren deze beroemde daders het zicht op de slachtoffers. Die hadden te lijden onder het stuitende gebrek aan gevoel bij de daders. Die werden uitgeleverd door een omgeving die wegkeek. Die stonden alleen, ook al wist hun omgeving wat ze doormaakten, al was het maar bij geruchte. Dat seksueel machtsmisbruik nu eindelijk serieus wordt genomen, is exclusief te danken aan hen: de slachtoffers die de moed opbrachten om zich uit te spreken, en met zovelen dat er geen ontkennen meer aan was.

Nu er gerespecteerde carrières op het spel staan, wordt er gesproken van een trial by media: hou op met daders erbij te lappen, sleep ze voor de rechter. Maar de rechtbank is voor zulke klachten onvoldoende toegerust. Dat de aanklacht tegen het seksueel machtsmisbruik zich ontvouwt via de media is behelpen, maar niet ondoenlijk. Ze moeten zich meer dan ooit bewust zijn van hun effect en verantwoordelijkheid. Echter, het verhaal van de al dan niet vermeende slachtoffers is cruciaal. Hen van een heksenjacht beschuldigen, is de wereld op zijn kop. Niet de machtsmisbruikers zijn betreurenswaard, maar de vrouwen en mannen die zich niet konden onttrekken aan nietsontziende geilheid.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.

Correctie (8 november 2017): De onthullingen over Job Gosschalk dateren van dinsdag (7 november), niet van woensdag (8 november), zoals hier eerder stond.