De Maas nam bezit van het huis

Wateroverlast

Het Limburgse Borgharen werd in 1993 en 1995 overstroomd door de Maas. Donderdag wordt gevierd dat dat risico nu, dankzij het Grensmaasproject, een stuk kleiner is. Op bezoek bij de slachtoffers van toen.

Het Grensmaasproject bij Borgharen en Itteren. Zicht op Itteren vanaf de overkant van de Maas in Smeermaas (België). Foto Chris Keulen

De nervositeit van weleer is grotendeels verdwenen. Bij flinke, aanhoudende regenbuien begon Leon Ubachs (63) uit Borgharen vroeger al snel via Teletekst, speciale telefoonnummers en later via internet de waterstanden bij te houden in Nederland en België, „tot ver in de Ardennen”. Als het echt dreigend leek te worden, sloeg hij met zijn vrouw Marlies aan het opruimen. Meubels gingen naar boven of voor even naar elders.

Dankzij het Grensmaasproject voelen ze zich nu veilig. Grootschalige grondverplaatsing en zand- en grindwinning gaven de rivier meer ruimte. Donderdag wordt feestelijk gevierd dat het overstromingsrisico is teruggebracht van eens in de vijftig jaar naar eens in de 250 jaar. Tegelijkertijd is er de wetenschap dat de natuur in al haar grilligheid niet aan statistische precisie doet. Vlak voor Kerstmis 1993 overstroomde het huis van de Ubachsen. Dertien maanden later, in januari 1995, kwam het water weer.

De woning van toen verruilden Leon en Marlies zo’n anderhalf jaar geleden voor een bungalow nog geen honderd meter verderop. Jarenzeventigelementen zoals een zitkuil verdwenen. Dankzij een verbouwing werd het huis helemaal van deze tijd. Een plek om oud te worden. Met vorstelijk uitzicht op de nieuwe natuur. Toch knagen de oude angsten nog af en toe aan Leon Ubachs. „Waarom zijn we verhuisd binnen Borgharen en niet naar hoger gelegen delen van Limburg? Stel dat het water hier binnenkomt.” Marlies (59) slaat een hand voor het gezicht bij alleen al de gedachte: „Ik moet er niet aan denken. En we hebben nu geen boven meer.”

Zuidelijk deel van het Grensmaasproject

Nationale bekendheid

De overstromingen van 1993 en 1995 gaven aan de anonieme rivierdorpen Borgharen en Itteren (beide onderdeel van de gemeente Maastricht) nationale bekendheid. Ging het daar mis, dan konden ook gebieden stroomafwaarts wateronheil verwachten. Mensen leefden te midden van een zee van water, journalisten en ramptoeristen kwamen in groten getale. Cabaretiers en columnisten maakten ondertussen grappen over die Limburgse dramaqueens en hun nattigheid. Freek de Jonge oogstte avond na avond een lach met: „Ik zag op CNN in Itteren mensen op een tafel voor het raam staan. Het water stond zo hoog dat je de voordeur nog uit kon lopen en met de bus naar het crisiscentrum had kunnen rijden als het streekvervoer niet gestaakt had.”

Leon Ubachs, geboren en getogen in Borgharen, heeft zich wel gestoord aan dat soort lolligheid: „Natuurlijk was het onvergelijkbaar met de ramp van 1953 of dodelijke overstromingen elders. Toch was de impact enorm. In eerste instantie dachten we dat het water niet binnen zou komen, daarna aan tien à twintig centimeter. De meubels zetten we op kistjes en de auto met krikken en hulp op blokken.” Maar de Maas nam echt bezit van het huis „waar we zo hard voor hadden gewerkt”. Het water steeg tot negentig centimeter.

Het duurde een tijd voordat alles weer droog en netjes was. Marlies Ubachs: „Tot september hebben we hier op tuinstoelen gezeten.” De schade bedroeg zo’n vijftigduizend gulden. In eerste instantie zouden de Ubachsen zo’n 2.400 gulden vergoeding krijgen van het Nationaal Rampenfonds. Dat werd uiteindelijk na enig getouwtrek 24.000 gulden.

Wateroverlast

In januari 1995 kwam het water minder hoog en bleef de schade beperkt tot voornamelijk viezigheid. Leon: „Toen duidelijk werd dat het weer een overstroming werd, hebben we de meubels elders opgeslagen en op laten halen door de leveranciers die ze nog maar kort daarvoor hadden geleverd. De keuken hebben we helemaal uit elkaar gehaald.”

Het goede nieuws na twee overstromingen was dat er werk werd gemaakt van hoogwaterbeveiliging. Binnen een jaar na de laatste vloed was het dorp Borgharen omgeven door kades en dijken. Daarna kregen al bestaande plannen om de Maas meer ruimte te geven steeds duidelijker vorm. „Het geluk was ook dat de economie op dat moment goed draaide”, denkt Leon Ubachs. Naar inspraakavonden over het Grensmaasproject is hij nooit gegaan. Voer het maar snel uit, dacht hij.

Door de ingrepen in en rond de Maas veranderde Borgharen het afgelopen decennium van aanzien. Ten zuiden van het dorp wordt aan de overkant van de rivier nog gewerkt. Tijdens de crisis lag de grindwinning er enkele jaren stil vanwege de beperktere afzetmogelijkheden. Sinds vorig jaar is alles weer opgestart. Na 2019 moet het gebied veranderen in een waterpark met volop geulen, eilandjes en fiets- en wandelpaden. Ten westen van Borgharen is het stroombed van de Maas flink verbreed. Vroeger was de rivier door zijn verdiepte ligging wat verstopt. Nu zijn flink wat uiterwaarden weg of verlaagd. Ten noorden van het dorp is dat op nog grootschaliger wijze gebeurd.

Foto Chris Keulen

Boerenbedrijf

Aan de ene kant van de weg naar Itteren heersen daar nu het water en de natuur. Aan de andere kant wordt nog geboerd. Daar staat de Wiegershof. De boerderij dateert van 1793.

Sinds 1886 boeren telgen uit de familie Limpens op het gepachte rijksmonument en de omliggende gronden. Jos Limpens (75) hoorde van zijn vader de verhalen over de overstroming van 1926. „De paarden stonden toen zes dagen lang in het water. Net op het moment dat ze door hun hoeven begonnen te zakken, zakte het waterpeil.” In 1993 kwam de Maas de koeienstal binnen. „De koeien hebben toen ongeveer een dag in het water gestaan”, vertelt Marcel Limpens (47), de opvolger van Jos als boer. „Ook dat was al erg vermoeiend. Na het wegtrekken van het water zijn ze zeker 24 uur blijven liggen.” Evacueren van de dieren lukte niet. Zomaar stalruimte vinden is niet makkelijk. Laat staan een ruimte met een melkmachine. „In 1996 hebben we een nieuwe stal gebouwd. Op verhoogde grond, vanwege de overstromingen.”

Chris Keulen

In vroeger tijden hielden de bewoners van Borgharen meer rekening met de Maas dan later, zegt Jos Limpens. De Wiegershof ligt wat hoger. De oude kern van het dorp ook. Die bleef bij de overstromingen in de jaren negentig dan ook grotendeels droog. „In de nieuwbouwwijk die rond 1980 werd opgeleverd, kon het maaiveld zogenaamd wel lager. De mensen uit Borgharen zelf die er bouwden, hebben bijna allemaal gesmokkeld en de grond een beetje opgehoogd voor ze een huis neerzetten.”

Door het minder hoge overstromingsrisico verdwijnt dat besef misschien nog verder, denkt Jos Limpens. Terwijl hij de Grensmaas geen garantie vindt voor droge voeten. „Het weer wordt steeds extremer. Kijk wat een najaarsstorm laatst al voor schade veroorzaakte in Duitsland.”

De Wiegershof kijkt nu deels uit over boerenland en deels over Natura 2000-gebied. „Mooi”, vindt Marcel Limpens. „Maar misschien ook beperkend. Als ik ooit nog eens wil uitbreiden, word ik meteen geconfronteerd met de stikstofuitstoot.” De nieuwe natuur die het Grensmaasproject achterlaat, trekt ook enorme hoeveelheden trekvogels aan. „Vooral de ganzen zijn een soort grasmaaiers. Die vreten zo alles kaal.”

In het uitgediepte Maasbed schieten nu ook bomen en struiken op. Jos Limpens: „Mensen die huizen hebben gekocht vanwege het uitzicht op de rivier raken langzaam verscholen achter het groen.” Zijn zoon Marcel: „En wat gaat er gebeuren met het vuil dat na hoogwater in de takken blijft hangen? Na de overstroming van 1993 hebben we met vijf, zes man zes weken gewerkt om alle rotzooi van het land te halen. Met volop bomen en struiken gaat dat lastiger. En wie gaat dat doen?”