Nieuwe schikking SBM in Amerika

Corruptie

SBM vreest voor een nieuwe boete in de VS na dubieuze verkooppraktijken. Een schikking in Brazilië laat nog op zich wachten.

SBM Offshore verwacht een nieuwe boete in de Verenigde Staten te moeten betalen voor een corruptiezaak in Brazilië en heeft daarom een voorziening van 238 miljoen dollar (205 miljoen euro) getroffen. De toeleverancier aan de olie- en gasindustrie maakte maandag ook duidelijk geen enkel perspectief te hebben op een snelle juridische oplossing in Brazilië zelf. Zolang de omkoopaffaire op deze belangrijke markt voor SBM niet is afgedaan, is het voor het bedrijf zinloos mee te dingen naar aanbestedingen van Petrobras. Interne regels van dat Braziliaanse oliebedrijf bepalen dat.

Beleggers schrokken maandag van de bekendmakingen, zo bleek. De koers van SBM daalde vanaf het begin van de handel met meer dan 10 procent.

De corruptieaffaire loopt al zo’n vijf jaar. In 2012 bleken verschillende SBM-medewerkers zich schuldig te hebben gemaakt aan oneerlijke verkoopdeals waarna schikkingen in Nederland en de VS volgden. De VS hielden zich nadrukkelijk het recht voor om de zaak te heropenen als zich nieuwe feiten zouden aandienen. Inmiddels is een voormalige medewerker met de Amerikaanse nationaliteit in Brazilië aangeklaagd. En nu duidelijk is dat de VS aanstuurt op een nieuwe boete, moet SBM een voorziening treffen. Eerder trof het bedrijf al een schikking met het Nederlandse Openbaar Ministerie van 192 miljoen euro. Aanleiding was het betalen van honderden miljoenen aan smeergeld in Angola, Equatoriaal-Guinea en Brazilië.

Het Schiedamse bedrijf, waarvoor zo’n 7.000 mensen werken, toonde zich maandag in een toelichting op het nieuws weinig optimistisch over de voortgang in Brazilië. Het bedrijf tracht een schikking te bereiken met zes verschillende autoriteiten: om zeker te weten dat daarmee de zaak is gesloten wil SBM met alle partijen gelijktijdig een overeenkomst. „De complexiteit valt niet te onderschatten”, zei bestuursvoorzitter Bruno Chabas. Een schikking van 275 miljoen dollar werd vorig jaar door een rechter verworpen.