Recensie

Gatti speelt Beethoven met risico

In Beethovens Vioolconcert schakelde solist Frank Peter Zimmermann tussen vederlicht vlinderachtig spel, explosieve gedrevenheid en technische duivelskunststukjes.

De paukenist van het Concertgebouworkest had het druk afgelopen vrijdag. Onder leiding van chefdirigent Daniele Gatti speelde het orkest twee werken waarin de pauken vanaf de eerste maten fungeren als stuwende hartenklop: Brahms・ Eerste symfonie en Beethovens Vioolconcert. De Duitse violist Frank Peter Zimmermann soleerde.

Zimmermann is een alleskunner die met zijn verbluffende technische surplus niet terugdeinst voor risico’s. Zijn Beethoven-interpretatie had iets uit-de-losse-polserigs en schoot heen en weer tussen vlinderachtig spel, explosieve gedrevenheid en technische kunststukjes (getuige de puntgaaf gespeelde meerstemmigheid in de Kreisler-cadens van het eerste deel). Vaak adembenemend, maar met weggemoffelde versieringen en troebele trillers soms ook wat rafelig.

Gatti deed zijn reputatie van avontuurlijke durfal gestand met contrasten tussen een serene orkestklank en de dramatiek van scherp aangesneden accenten, licht ontvlambare fortes en geprononceerde fraseringen. Het resultaat: veel spannende details, al miste de uitvoering het majesteitelijke dat Beethovens Vioolconcert eveneens aankleeft.

In een geëtste interpretatie van Brahms Eerste symfonie (uit het hoofd gedirigeerd) viel alles op z’n plek. In de vervaarlijk pompende openingsmaten smeedde Gatti het fundament voor een welvende spanningsboog die hij pas aan het slot van de finale tot een ontlading liet komen. Daartussenin: een verzengende strijkersklank, strak gemodelleerde overgangen en zorgvuldig opgebouwde, in koper geklonken tutti’s. Groots en meeslepend, met in het Andante sostenuto een toef opera-temperament en mooie vioolsolo’s van concertmeester Liviu Prunaru.