Column

Verbeeks carcoat blijft lang dicht

De bus van FC Twente kwam aan bij het PSV-stadion. Ik zag hoe de kersverse trainer Gertjan Verbeek een beetje stram van de rit opstond en even moest zoeken naar het haakje waar zijn jas hing.

De bus van FC Twente kwam aan bij het PSV-stadion. Ik zag hoe de kersverse trainer Gertjan Verbeek een beetje stram van de rit opstond en even moest zoeken naar het haakje waar zijn jas hing.

Vlak naast de deur van de bus.

Het was een model dat tot aan zijn dijen kwam, met een lange rits en twee diepe zakken waar handen als vanzelf in glijden. In de modewereld zou men zeggen: Verbeek droeg een zwarte carcoat.

Tijdens de wedstrijd stond Verbeek veelvuldig aan de kant. Onder het pluizige haar dat al jaren schreeuwt om een kam, zette hij zijn gezicht op het standje ‘sober’.

Na het eerste doelpunt van PSV bleef hij kalm. De rits van de regenjas was tot aan de nek dichtgetrokken, er kwam geen zuchtje lucht binnen. Pas een minuut na het doelpunt bracht hij wijs- en middelvinger onder zijn ogen als waarschuwing voor zijn verdedigers; ze moesten beter uit hun doppen kijken.

Even later scoorde Twente. Verbeek schoot even uit zijn rol; hij juichte kortstondig maar was een paar seconden later weer de trainer met zijn handen in de carcoat.

De wedstrijd had een driftig scoreverloop. Steeds weer als PSV het lek boven dacht te hebben, maakte Twente onverwacht een goal. Met nog zo’n tien minuten te spelen stond het 3-3.

In het stadion streden ongeloof en opwinding om voorrang. Er rolde een bal over de zijlijn, op een paar meter van Verbeek.

Hij pakte de bal en gaf hem niet meteen aan een speler. De PSV-supporters zagen er tijdrekken in en begonnen te fluiten. Quasi-rustig had Verbeek de bal in zijn hand en genoot van de ronding en het gewicht.

Zijn handen verdwenen weer in de diepe zakken van zijn jas. Ik tastte even mee in het duister: een bos sleutels aan een leren hangertje, een half opgegeten mini-rolletje King en een servetje dat oorspronkelijk bij een wit kadetje met kaas hoorde.

Door een laat eigen doelpunt ging Twente met 4-3 de mist in. Verbeek feliciteerde collega-trainer Cocu, liep het veld in en bleef op een willekeurige plek stilstaan.

Terwijl de fans in het stadion dansten van geluk, stond Verbeek daar, als een standbeeld, nuchter en onaangedaan in zijn hooggesloten regenjas. Zijn eerste verlies als trainer van Twente kon door de harde, vochtwerende stof niet tot in zijn ziel doordringen.

Zijn ploeg had zich kranig geweerd. Voor het oog van de televisiecamera werd de vraag gesteld wat er in vijf dagen tijd toch allemaal gebeurd was bij zijn nieuwe club. Dat typisch relativerende Verbeek-woordje rolde over zijn lippen: „Nnn-ou.”

De rits van zijn carcoat was helemaal opengetrokken, de trainer droeg een zacht-roze blouse. De frisse lucht had eindelijk vrij spel. Op het gezicht van Verbeek verscheen geen kleur, wel een kleine glimlach.

Wilfried de Jong is schrijver en programmamaker.