Waarom ontbrak Hasna? En meer diverse kopzorgen

Me Too – maar jij niet? Tot haar woede ontbrak de foto van columniste Hasna El Maroudi in een portrettengalerij bij een NRC-opiniestuk over de #MeToo-campagne. Terwijl zij daar nota bene driemaal over had gesproken in De Wereld Draait Door. Wél geportretteerd: zeven witte vrouwen en een witte man.

El Maroudi, redacteur van Joop.nl, sprak op Twitter van „je invechten tot je een ons weegt”, tevergeefs. Haar hoofdredacteur klom nijdig in de pen op die site: ze „is niet wit” en kwam „dus” niet in NRC. „Alsof ze niet bestond.”

Nu zal de trouwe NRC-lezer nog wel weten dat Hasna El Maroudi bestaat, want zij schreef van 2004 tot 2006, toen redacteur van het online jongerenmagazine Spunk, een column in het katern Leven&cetera van NRC. Ook daarna maakte ze geregeld haar opwachting in de kolommen. Haar meest recente opiniestuk dateert van vorig jaar (Eindelijk zwemmen met boerkini, 25 augustus 2016). Niet wit en toch de krant in.

Futiele kwestie? Nee, al is het maar omdat zo’n omissie onmiddellijk wordt gepolitiseerd als een symptoom van racisme of op zijn minst witte oogkleppen. Een lezer stuurde ooit een krant terug met woeste krassen door alle witte gezichten. Daar was duidelijk meer aan de hand dan een poging tot ambachtelijk meedenken.

Dus eerst: hoe ging dit?

Vooral haastig, zegt de fotoredacteur die het beeld koos. Het is altijd extra druk op vrijdagmiddag en de fotoredacteur maakte een eigen keus (het stuk noemde geen namen): screenshots van acht talkshowgasten, zes slachtoffers en twee vrouwelijke journalisten met uitgesproken (sceptische) opinies.

Had de Joop-columniste daar niet bij gemoeten? De fotoredacteur zegt: zij had er ook net zo goed tussen kunnen zitten, dit was een snelle greep.

Maar ja, met ‘toeval’ en ‘niet de bedoeling’ kom je tegenwoordig niet weg in discussies over kleur, want dat is voor critici gewoon een eufemisme voor white innocence: jullie zíén een vrouw van kleur niet eens staan!

De chef Opinie is niet ongevoelig voor dat verwijt. Zij „baalt” ervan, zegt ze, dat dit bij het nakijken van de pagina’s niet is opgevallen, ook haar niet. Terwijl zij vindt dat de redactie er juist gespitst op moet zijn. „Ik snap de boosheid erover. Ik vind het ook goed dat er lawaai over wordt gemaakt. Misschien zegt het iets over onze witte bubbel. Het verwijt van racisme gaat me wel te ver.”

Dat laatste lijkt mij dan weer een understatement. Want ja, El Maroudi had zeker in de selectie gepast, maar van die omissie een symptoom maken van totale witte blindheid lijkt me nu juist een voorbeeld van rolbevestigend denken. Zie je wel, het wereldbeeld klopt. Tegenvoorbeelden kunnen altijd worden afgedaan als doekjes voor het bloeden, commercieel opportunisme of smoesjes. Zo heb je altijd gelijk.

Een krant moet daar niet zielig over doen, kritiek op stereotypering is nodig en soms pijnlijk raak, zoals diverse incidenten laten zien waar ik hier eerder over schreef (de afkeurend bedoelde maar toch ongelukkige kop met het n-woord, de cartoon van een kannibaal).

Het houdt lezers ook bezig. Een meer bezonken lezer dan die met zijn kraspotlood stuurde me vorig jaar een gedetailleerd overzicht van foto’s in de zaterdagkrant: louter sterke, wijze en verantwoordelijke mannen, vond zij, en luisterende, emotionele en bescheiden vrouwen (voor wie het wil nagaan: het was de zaterdagkrant van 15 oktober 2016).

Over die mail is uitgebreid gesproken met de zaterdagredactie, die sommige kritiek deelde, andere afwees als vooral in the eye of the beholder. Voorbeeld van het eerste: de kop Hertjes met inhoud op de Zuidas, boven een stuk over seksisme bij bedrijven („Lijkt een mooie vondst, maar is toch echt neerbuigend”, aldus de lezer). Van het tweede: het citaat „Die kruiden kan ik er ook zelf in doen” van een vrouw bij een stuk over kritische consumenten („Rolbevestigend: zozo, juffrouw, kunt u dat zelf”).

De verontwaardiging over de talkshowgast is ook nogal zuur omdat NRC nu juist het afgelopen jaar, eindelijk, werk begint te maken van diversiteit. Ik zal een aantal van die recente initiatieven opsommen zodat u weet, wat u er verder ook van vindt, hoe dit witte bolwerk zichzelf, een beetje, probeert te ont-bolwerken.

Om te beginnen zijn enkele nieuwe columnisten aangetrokken die nu eens niet wit of man zijn (warempel, een van hen werkt voor Joop.nl). Om aan te geven hoe gevoelig de kwestie is: ik vind het al lastig hen te noemen, want voor je het weet gelden ze als ‘excuus-Truus’ of hun aanstelling als blaxploitation. Dat zou hun schromelijk tekort doen. Nee, dit moet ook geen dwang worden aan de hand van een of andere verdeelsleutel, het gaat om de broodnodige diversiteit aan ervaringen, gezichtspunten en argumenten in een krant.

Op initiatief van een aantal redacteuren is daarnaast afgelopen zomer een begin gemaakt met een ‘Denktank’ van zo’n dertig niet-witte Nederlanders, die hun mening geven over blinde vlekken in de krant of op de site. Dat heeft geleid tot bijeenkomsten met deelredacties, een Facebook-groep waarin de krant en site worden besproken en een WhatsApp-groep voor tips en suggesties.

Het streven is het bewustzijn van de redactie zo te vergroten. Maar er is ook een concreet ambachtelijk doel, namelijk een grotere variatie aan bronnen. Dat is niet politiek correct, het moet leiden tot betere journalistiek.

Er gebeurt dus wel degelijk iets, al is dit allemaal pril. Op felicitaties hoeft de krant niet te rekenen, want voor radicale critici zijn goede bedoelingen toch eerder een teken van kwade trouw. Eén misser, zoals met die foto, en de vooroordelen zijn weer bevestigd.

Die over de krant, bedoel ik dan.

Reacties: ombudsman@nrc.nl