Complottheorie

Kritisch achteraf in plaats van a priori

Illustraties Cyprian Koscielniak

Het komt mij voor dat Jaron Harambam een aanvechtbare definitie hanteert voor het begrip ‘complottheorie’ (Complotdenkers hebben soms gelijk, 25/10). Hij spreekt van een lezing van een gebeurtenis die tegen de officiële waarheid ingaat. Uitgaande van deze definitie zou iedereen die bijvoorbeeld op grond van een bepaalde expertise twijfelt aan de officiële waarheid een complotdenker zijn. Een beter uitgangspunt zou mijns inziens zijn als we alleen die mensen als complotdenkers beschouwen die bij voorbaat overal een samenzwering achter zoeken, vaak zonder al te veel informatie onder ogen gehad te hebben over de betreffende gebeurtenis(sen). Dat zou op kunnen gaan voor wie een complot vermoedt achter het fenomeen graancirkels. Voor ingewijden – mensen die al enkele decennia onderzoek achter de rug hebben – staat vast dat het merendeel van de formaties die waargenomen zijn niet door mensen zijn gemaakt, maar zij zijn niet geneigd er complotten achter te zoeken. Heel anders is het gesteld met 9/11. Wie de moeite neemt zich te verdiepen in de enorme hoeveelheid informatie hierover, zal in ieder geval tot de conclusie moeten komen dat de officiële rapporten op essentiële punten geen bewijzen laten zien en bovendien dat veel zaken helemaal niet genoemd worden, dan wel onderbelicht zijn gebleven. De onvermijdelijke vraag rijst dan wat de autoriteiten hebben te verbergen en in het verlengde daarvan dringt zich dan het idee van een samenzwering op. Dus niet a priori, maar pas achteraf en daar ligt dus het wezenlijke verschil tussen een kritisch denker en een complotdenker.

Zeist