Slachtoffers van Stalin herdenken is te politiek in Poetins Rusland

President Poetin zit niet te wachten op aandacht voor de terreur van Stalin. Een activistische burger die massagraven opspoort in Karelië, werd opgepakt en staat nu terecht.

Massagraf uit de tijd van Stalin bij Sandarmoch met meer dan negenduizend lichamen. Foto Hester den Boer

Karelië is op zijn mooist nu, met de berken nog vol in het blad, vlammend geel tussen de donkergroene dennen. In dit herfstbos, onder de bessenstruiken en het verende mos, liggen bijna tweeduizend slachtoffers van Stalins terreur.

Nikolaj Matveev (31).

Ivan Bombin (22).

Henryk Wieckowski (37) uit Warschau.

En Jakov Fedotov, geboren in 1895. Veroordeeld op 21 september 1938. Een week later geëxecuteerd: ’s nachts, in een ondiepe kuil, in het flakkerende licht van een kampvuur.

Historicus Vitali Razoemov vertelt over de executies bij Krasny Bor. Foto Steven Derix

In de bus heeft historicus Vitali Razoemov verteld over het handwerk van de NKVD, de geheime dienst die later zou worden omgedoopt in KGB. Om gevangenen ‘geschikt’ te maken voor transport gebruikten de beulen knuppels en ijzeren staven. Gevangenen kregen juten zakken over het hoofd. Wie schreeuwde, kreeg een handdoek in zijn mond gepropt. Geboeide mannen en vrouwen lagen op elkaar gestapeld in de geblindeerde vrachtwagen. Sommigen overleden onderweg.

In 1937 en 1938 werden er in totaal 1.196 mensen geëxecuteerd bij Krasny Bor, en in een anoniem graf gedumpt.

De plek van executie was goed gekozen: een stil stuk bos, maar niet te ver van de gevangenis – er moest op en neer worden gereden. ‘Gewerkt’ werd er van zonsondergang tot zonsopgang. Meestal werden de gevangenen van achteren door het hoofd geschoten. Soms werden ze doodgestoken, of werd hun de hersens ingeslagen. Razoemov heeft ons verteld over de NKVD’er die naalden prikte onder de nagels van veroordeelden.

Deze plek in het bos heet Krasny Bor, en als je niet weet waar het ligt, rijd je er zo voorbij. Na twintig kilometer slechte weg slaat onze rammelende bus ineens rechtsaf, een zandpad op. Pas als we zijn uitgestapt, zien we dat dit een massagraf is. Onder de bomen hebben nabestaanden gedenktekens neergezet: vaak niet meer een houten paal met een klein geëmailleerd bordje: Olavi Kainulainen-Junttila (1900-1938).

In 1937 en 1938 werden er in totaal 1.196 mensen geëxecuteerd bij Krasny Bor, en in een anoniem graf gedumpt. Pas in 1997 werden hun overblijfselen gevonden.

De man die voor die vondst verantwoordelijk is, heet Joeri Dmitriëv en bijna iedereen kent hem. Hij is de reden voor deze excursie.

Dmitriëv is het lokale hoofd van de burgerrechtenorganisatie Memorial, die zich bezig houdt met onderzoek naar de misdaden van het stalinisme. Nu wordt hij zelf vervolgd. Voor kinderporno, zegt de aanklager. Vanwege de politiek, zegt Anatoli Razoemov. Volgens de Petersburgse historicus wilden de lokale autoriteiten Dmitriëv het zwijgen opleggen. Dat zegt veel over het trauma van Stalins Grote Terreur en het politieke klimaat in het Rusland van Vladimir Poetin.

Joeri Dmitriëv in zijn woonkamer in Petrozavodsk op 26 september 2016, vlak voor zijn arrestatie. Op zijn schoot het boek met de samenlijst van de slachtoffers die zijn begraven in Sandarmoch. Foto Hester den Boer

Vanochtend verzamelden tientallen sympathisanten zich in het gerechtsgebouw van Petrozavodsk. Dmitriëv werd geboeid aangevoerd: zonder zijn baard, zijn lange grijze haar kort geknipt, glimlachend naar zijn familie en vrienden.

De deuren van de rechtszaal bleven gesloten: de strafzaak tegen Dmitriëv draait om een minderjarige – zijn eigen pleegdochter. Op zijn computer vond de politie tientallen foto’s die Dmitriëv maakte van het naakte lichaam van de nu 12-jarige Natasja.

Volgens Dmitriëv gaat het om medische documentatie, bedoeld voor de Kinderbescherming. Volgens de aanklager heeft Dmitriëv zich schuldig gemaakt aan het fabriceren van kinderporno.

Het materiaal dat is uitgelekt in de Russische media, biedt weinig houvast voor die beschuldiging. Natasja is steeds op dezelfde manier gefotografeerd: staand, van voren, soms met de armen in de lucht. De kinderbescherming had geklaagd over de groeiproblemen van Natasja. Dmitriëv legde daarom alles vast – zoals hij gewend was te doen. „Wie in de deze foto’s iets seksueels ziet, is psychisch niet in orde”, zegt Dmitriëvs volwassen dochter Katja in de gangen van het gerechtsgebouw.

Lees ook de analyse van Hubert Smeets: Zonder Lenin hadden wij geen verzorgingsstaat

Het Witte Zeekanaal

Al bijna dertig jaar houdt Joeri Aleksejevitsj Dmitriëv (61) zich bezig met de slachtoffers van Stalin. In 1988 was hij er toevallig bij, toen er menselijke resten werden gevonden bij de garnizoensplaats Besovets. De lokale autoriteiten wilden de kuil zo snel mogelijk dicht gooien. Maar Dmitriëv vond dat de slachtoffers een fatsoenlijke begrafenis verdienden. In zijn vrije tijd ging hij terug naar de plek, groef menselijke botten op, sorteerde ze, en zette ze bij.

Dat er een massagraf werd gevonden in de buurt van Petrozavodsk is geen toeval. Tussen 1931 en 1933 werkten honderdduizenden politieke gevangenen aan een waterweg tussen de Witte Zee en de Oostzee. Het Witte Zeekanaal kostte tienduizenden gevangenen het leven. Later, toen Stalins terreur escaleerde, werden de afgelegen bossen van Karelië het toneel van massa-executies.

In 1989 gaf Sovjetleider Michail Gorbatsjov de geheime dienst KGB opdracht om de archieven te openen. Dmitriëv was een van de eersten die daar gebruik van maakte. Hele dagen bracht hij door op het lokale KGB-kantoor in Petrozavodsk. Het maken van kopieën was verboden, en daarom schreef Dmitriëv de namen van veroordeelden over op archiefkaartjes. Samen met bibliothecaris en historicus Anatoli Razoemov maakte hij een gedenkboek. Tijdens de presentatie namen ze dertig exemplaren mee om uit te delen. Te weinig: in het zaaltje zaten honderden nabestaanden.

Gedenkteken voor Michail Leontjev (1897-1937).
Foto Steven Derix
Krasny Bor: de meeste gedenktekens zijn niet meer dan een houten paal.
Foto Steven Derix
Krasny Bor: de meeste gedenktekens zijn niet meer dan een houten paal.
Foto’s Steven Derix

Dmitriëv nam een simpel baantje als bewaker. ’s Winters begroef hij zich in zijn archief, voerde duizenden namen in in zijn computer. ’s Zomers trok hij met zijn herdershond – gevonden op straat – de bossen van Karelië in. Dmitriëv vond de massagraven die al die tijd geheim waren gehouden. En: hij slaagde erin om een verband te leggen tussen de namen op de dodenlijsten en de graven in het bos. Voor het eerst wisten nabestaanden waar hun dierbaren lagen.

In 1997 ontdekte Dmitriëv een enorm massagraf bij Sandarmoch, aan de andere kant van het Onegameer. In de jaren daarna richtte hij met vrijwilligers monumenten op. Samen met jonge vrijwilligers organiseerde hij expedities naar de voormalige strafkampen op het Solovetski-eiland, in de Witte Zee. De studenten van de Moskouse Internationale Filmschool kennen hem van dergelijke trips. Vandaag zijn er opnieuw veel studenten naar de zitting gekomen. De bekende schrijfster Loedmila Oelitskaja is er ook.

De ontdekking van Sandarmoch kwam net op tijd, zegt Anatoli Razoemov. Aan het einde van de jaren negentig kwam er een einde aan de openheid die was ingezet door Gorbatsjov. In 1997 verklaarde de overheid het thema voor ‘gesloten’. Daarna verdween de Grote Terreur langzaam maar zeker van de agenda. In 2000 werd een voormalige luitenant-kolonel van de KGB verkozen tot president van de Russische Federatie.

Lees ook het achtergrondverhaal van redacteur Eva Cukier: Waarom moeten we nu nog weten wat tijdens de Oktoberrevolutie gebeurde?

Klaagmuur

President Vladimir Poetin herdacht afgelopen dinsdag de doden van de stalinistische terreur in Moskou met de onthulling van een nieuw monument: een Russische ‘klaagmuur’. De Russische regering, zo zegt Anatoli Razoemov, kan de misdaden van het Stalinisme moeilijk ontkennen. Tegelijkertijd kan Poetin de aandacht voor de terreur en de Goelag missen als kiespijn. Onder zijn presidentschap spelen de siloviki – mensen uit het leger en de veiligheidsdiensten – een steeds belangrijker rol. Te veel aandacht voor het stalinistische verleden ondermijnt het gezag van de diensten. „De Russische regering wil een punt zetten”, zegt Razoemov. „Maar mensen hebben vragen. Wat is er gebeurd met hun dierbare? Waar is het graf?”

In de afgelopen jaren is het historische onderzoek naar het stalinisme in de verdrukking gekomen. Memorial, de belangrijkste organisatie op dit gebied, werd in 2013 door de Russische justitie aangemerkt als een ‘buitenlandse agent’ – een status die het werk bemoeilijkt, en een opmaat kan zijn voor sluiting. De bezetting van de Krim en de oorlog in het oosten van Oekraïne hebben het klimaat er niet beter op gemaakt. Het stalinistische verleden raakte gepolitiseerd. Elk jaar wordt er bij het massagraf van Sandarmoch een grote herdenking georganiseerd, waarbij ook internationale gasten aanwezig zijn. Er werd altijd openhartig gesproken, vertelt Razoemov. Maar vanaf 2014 werd er in Sandarmoch ineens óók gediscussieerd over Oekraïne – tot groot ongenoegen van de autoriteiten. In 2016 lieten de lokale autoriteiten voor het eerst verstek gaan bij de herdenking. Een bestuurder liet tegenover Razoemov weten waarom dat was. „Ze hebben het duidelijk genoeg gezegd: herdenken in stilte, oké. Maar géén politiek.”

Joeri Dmitriëv wordt geboeid afgevoerd in het gerechtsgebouw van Petrozavodsk. Foto Steven Derix

Roestig geweer

De laatste tijd voelde Joeri Dmitriëv dat er hem iets boven het hoofd hing. „Papa zei dat niet iedereen blij was met het werk dat hij deed”, vertelt dochter Katja. „Dat begreep ik niet. Iedereen heeft toch recht op een graf? Hoe kan iemand daar nou iets op tegen hebben?”

Archiefstukken die Joeri Dmitriëv de afgelopen decennia verzamelde over de Stalin-terreur in Karelië. Foto Hester den Boer

December 2016 werd Dmitriëv op het politiebureau ontboden. Daar werd hij urenlang verhoord over een roestig jachtgeweer dat hij ooit eens van een jongetje op straat had afgepakt. Ondertussen doorzochten rechercheurs bij hem thuis zijn computer – en vonden de foto’s.

Na Dmitriëvs arrestatie zond staatszender ‘Rusland 24’ een item uit over de zaak, waarin Sandarmoch en het onderzoek van Memorial in twijfel werden getrokken. Dmitriëv, zo zegt zijn vriend Razoemov, is slachtoffer geworden van hogere politiek. „Ze hebben één persoon op de korrel genomen, een buitengewone man, een sleutelfiguur. Zo is het karakter van de repressie tegenwoordig.”

Pleegdochter Natasja zit inmiddels in een ander pleeggezin. Op internet las ze toevallig over de zaak tegen haar vader. „Ze was geschokt”, vertelt Katja. „‘Is het echt waar dat ze hem hiervan beschuldigen’, zei ze tegen mij, ‘het klopt niet’.” Tegenover de politie heeft Natasja inmiddels een ontlastende verklaring afgelegd. Katja heeft nog intensief contact met haar. „Ze schrijft dat ze van haar vader houdt en dat ze hem mist.”

De zitting achter gesloten deuren duurt tot het middaguur. Als Dmitriëv onder applaus van zijn aanhang is afgevoerd, begeeft het hele gezelschap zich naar de bus: Dmitriëvs advocaat, Razoemov, dochter Katja, de jonge studenten van de filmschool, die met Dmitriëv op expeditie zijn geweest. Ze zijn al verschillende malen uit Moskou naar Petrozavosk afgereisd om de zaak te volgen. De trip naar Krasny Bor is een traditie geworden.

Dmitriëvs volwassen dochter Katja steekt kaarsjes aan in Krasny Bor. Foto Steven Derix

In het bos ruisen de dennen. Studente Sasja Kononova (19) heeft een oude foto meegenomen, in een plastic mapje. Onder de foto staat geschreven: Vasili Mironov. Geboren in 1903. Voormalig lid van de communistische partij. Doodgeschoten op 19 augustus 1937.

Samen met haar tweelingzus plakt Sasja de foto zorgvuldig op een van de palen. Daarna zingen de studentes fragmenten uit de orthodoxe liturgie: aarzelend, en met trillende stem. Thuis vindt ze het moeilijk om over de zaak-Dmitriëv en de stalinistische terreur te praten, vertelt Anja Belova. „Mijn moeder snapt niet waarom ik ben gegaan.” Maar Anja ziet een duidelijke parallel tussen het verleden en het huidige Rusland: „De onrechtvaardigheid.”

„Het wegstoppen van dit deel van onze geschiedenis is gevaarlijk” zegt Sasja Kononova. „Want mocht dit zich ooit herhalen, dan weet je niet aan welke kant je komt te staan: die van de executeurs, of die van de slachtoffers.”