De (war-)taal van West

Buurttaal

Rotterdam-West is taalkundig bezien misschien wel het rijkste gedeelte van de stad. Mieke van der Linden ging in eigen buurt op onderzoek uit met student taalwetenschap Ginger Haasbroek.

Een aantal jaren geleden zijn we begonnen de advertenties bij de Albert Heijn aan de Nieuwe Binnenweg te fotograferen. Vlak bij de kassa, naast het kopieerapparaat en de ov-oplader, hangen de blauw-witte kaartjes op een KLM-blauw prikbord. ‘De leukste activiteiten en advertenties van Rotterdam’ staat erboven. Trouw gebruiker van dit prikbord is ene Yassin, die enkele jaren geleden in onzeker schools handschrift is begonnen aan zijn schriftelijke zoektocht naar liefde: „Ik zoek vriend met jonge dames, ik ben gezellig man”, schrijft hij bijvoorbeeld, en enkele advertenties later, wanhopig, „waarom durf dames niet bel?”. Een tijdje geleden werden de advertenties – overigens onmiskenbaar in hetzelfde handschrift geschreven – opeens niet meer ondertekend met ‘Yassin’, maar met ‘Koos’. Had Yassin misschien het idee etnisch geprofileerd te worden, en meende hij meer kans te maken met een oud-Hollandse naam?

Wie gedurende een lome zomer in West de ogen openhoudt, vindt een enorme rijkdom aan dit soort sociolinguïstisch interessante taaluitingen. Er is zelfs zo’n grote lokale taalvariatie, dat we besloten om, gewapend met onze mobiele telefoons, een dagelijkse wandeling te maken langs snackbars, nagelstudio’s, juweliers, avondwinkels, barbershops en kledingzaken. We hebben in totaal zo’n 700 winkelgevels, aanplakbiljetten, menu’s, en reclameboodschappen gefotografeerd en gecategoriseerd. Ons onderzoeksveld besloeg de grote winkelstraten: de Nieuwe Binnenweg, West-Kruiskade, 1e en 2e Middellandstraat, Vierambachtsstraat, Schiedamseweg, Mathenesserweg, Grote Visserijstraat en -plein, en alle aangrenzende zijstraten.

Mooi zijn de namen van winkels die tot nadenken stemmen (of vooral verwarring zaaien). Waarom heet een slagerij aan de 1e Middellandstraat ‘Slagerij Middellandse Zee’? Was het vroeger een viswinkel? „De Middellandse Zee is veel meer dan vis!” roept slager Benali bij navraag uit. „Het gaat om het gebied: Noord-Afrika, Italië, Griekenland, Israël, en zelfs een stukje Syrië!”. Wat dan te denken van Kapsalon Multicutureel in de Grote Visserijstraat, en diens buurvrouw Blanke Greet, het populaire maar onlangs ter ziele gegane Surinaamse eethuis? En denken de eigenaressen van On Fleek Boutique aan de Nieuwe Binnenweg dat de aanprijzing ‘on fleek’, die haar oorsprong vond op Afro-Amerikaanse sociale media, volgend jaar nog jonge klanten zal trekken?

Humor

Andere ondernemers lijken bewust op humor in te zetten: zo heeft de shisha-lounge aan de Gerrit Jan Mulderstraat in enorme letters ‘ROTTERDAMP’ op de gevel staan. Onze favoriet in dit genre is echter de telefoonwinkel AliPhone aan de Schiedamseweg. De naam prijkt in het Apple-lettertype op de gevel, als verwijzing naar Apples iPhone. „Om te lachen, toch?” zegt de Irakees Ali, eigenaar van de winkel. Treuriger stemt de brief van de Alliantie Schiedamseweg die hij onlangs heeft ontvangen: hij dient zijn grappige bord in het kader van ‘gevelaanpak Schiedamseweg fase 2’ in te wisselen voor het uniforme bord waar alle ondernemers in de straat aan moeten gaan geloven. „Het is de gebruiker en eigenaar niet toegestaan om andersoortige reclameborden te plaatsen”, zo vervolgt de brief die hij moet ondertekenen. Blijkbaar zijn wij met het vastleggen van de veelzijdigheid aan gevels nog maar net op tijd.

Gelukkig leveren naast winkelruiten ook eigengemaakte berichten bij deurbellen een rijkdom aan lokale taal. ‘Wij zijn naar de moskee van 13.45 tot 14.45’ meldt een ingelijst kattenbelletje bij herenkapsalon Ben aan de 2e Middellandstraat. Bij een woonhuis aan de Nieuwe Binnenweg lezen we op de deurpost de wonderlijke boodschap ‘Bel werkt vanaf ± 16.00’. Aan de Heemraadssingel treffen we bij een dokterspraktijk de mededeling aan dat de bel gestolen is, en dat de patiënten maar zullen moeten klepperen. Ook gesproken taal kan de gemeente ons gelukkig niet afnemen: voor avondwinkel Tarifit bij metrostation Delfshaven horen we een groepje jongemannen sterke verhalen uitwisselen over ‘merries’, ‘rari’s’ en ‘rolies’: respectievelijk Mercedessen, Ferrari’s en Rolexen. De hand van instanties zien we dan weer terug in de verordeningen van hogerhand die in het Oude Westen alomtegenwoordig zijn. Door de aantonende wijs lijken buurtbewoners als onmondige kinderen te worden behandeld: „In deze buurt groeten we elkaar”, lezen we, en: „Oud brood brengen we naar de broodcontainer in het Dierenhof.”

Meertaligheid

Hoewel door winkeleigenaren en voorbijgangers soms achterdochtig wordt geïnformeerd of wij misschien van de gemeente, of, nog erger, ‘de belasting’ zijn, leren we onze medebuurtbewoners op onze tochten ook beter kennen. Zo ontmoeten we aan de West-Kruiskade de Afghaanse ondernemer Amitpaul van Remon Afro Asian Market die de sikh-religie belijdt en in zijn etalage een poster van eigen makelij heeft opgeplakt waarin hij zijn Afrikaanse producten aanprijst in het Tigrinya, de taal van zijn Eritrese klanten. Ook zijn we regelmatig te vinden bij notenboer Annaser op de Vierambachtsstraat, die ons de taalpolitieke situatie in Marokko uit probeert te leggen: de Berbers van zijn generatie hebben Arabisch geleerd op school, maar omgekeerd spreekt hij, als Arabier, hun taal niet. Behendig switchen zijn Berberse klanten tussen de twee talen. De meertaligheid is sowieso niet van de lucht in Rotterdam-West: tweetalig- of soms zelfs drietaligheid valt bij sommige uitingen al niet meer op. Niemand kijkt op van teksten die deels in het Engels of in het Chinees zijn. Mysterieuzer wordt het als op een wasserette aan de Schiedamseweg de naam van het bedrijf in het Arabisch en het Engels op de gevel prijkt. Dat de wasinstructies naast het Nederlands en Engels ook in het Portugees op aanplakbiljetten staan, kan alleen maar klantvriendelijk genoemd worden: in West zijn veel Kaapverdianen en migranten uit voormalige Portugese koloniën als Angola woonachtig. Tijdens een suikerfeestbraderie aan diezelfde Schiedamseweg spreken we Ahmed, een oudere Marokkaan die in de jaren 70 als hippie naar Nederland is gekomen om Eric Clapton en de Rolling Stones in de Kuip te zien optreden. Tegenwoordig heeft hij een winkeltje met de naam ‘Hanoet’, dat zowel in het Arabisch als in het Nederlands op de gevel staat. Als we vragen wat hanoet betekent, lacht hij en zegt: „Winkel!”.

Of de winkels in West allemaal aan ‘gevelaanpak’ moeten geloven of niet, we kunnen erop vertrouwen dat Yassin er naarstig op door schrijft. „Ik zoek echt serieus vriendschap met jongedames”, schrijft hij deze week. „Ik ben lief man”. Dit keer ontbreekt echter een afzender, en treffen we alleen een mobiel nummer aan.