Ze zou weleens een nachtje willen slapen in de concertzaal

De Vlaamse auteur Saskia de Coster is writer in residence bij het Antwerp Symphony Orchestra. „Anderen doen yoga, voor mij is dit een manier om gedachten te ontwikkelen.”

Foto Wouter van Vooren

Schrijver Saskia de Coster is een jaar lang writer in residence bij het Antwerp Symphony Orchestra. Elke maand schrijft ze een stuk voor het tijdschrift van het concertgebouw. „Muziek is abstract, ik vind het fijn om daar een verhaal bij te maken.” Het thema is telkens een contrast, een paradox. Bijvoorbeeld ‘gewelddadige liefde’ en ‘vergeten meesterwerk’. Afgelopen keer: ‘perfect onvoltooid’. „Ik dacht aan mijn vroegere leraar kunstgeschiedenis. Zij vond David van Michelangelo het allerlelijkste beeld ter wereld omdat het volgens haar té perfect is. Ze vertelde over het te vroeg geboren kindje van een vriendin, imperfect en nog niet af, maar voor die vriendin was een kreetje al een wereldwonder.”

De Coster woont weliswaar op slechts 500 meter afstand, maar het is niet zo dat ze nu als writer in residence extreem veel rondhangt in het concertgebouw. „Ik ben daar niet steeds lijfelijk aanwezig, het is meer een mentale residentie. Mijn vader had een kilometer aan klassieke muziekcd’s. Die waren in mijn ogen allemaal hetzelfde, allemaal saai. Dit jaar wil ik die vooroordelen omver schoppen en klassieke muziek opnieuw ontdekken. In mijn kindertijd was klassieke muziek een soort behangpapier, nu wil ik mezelf opvoeden door erover te schrijven.”

Ik ben degene met zo’n irritant oplichtend scherm in de concertzaal

Zelf luistert ze graag naar Kendrick Lamar, Julianna Barwick, St. Vincent en Fatima Al Qadiri. „Moderne elektronica is voor mij goede muziek om bij te schrijven. Monotonie, een patroon waar herhaling in zit, helpt me bij het schrijven. Mijn buren vroegen een keer: ‘Kan je alsjeblieft niet elke dag stofzuigen?’ Dat bleek over mijn schrijfmuziek te gaan.”

Als ze naar een uitvoering van het orkest gaat, gaat ze alleen. Vroeger dacht ze: alleen is zielig. „Nu vind ik het leuk om op te gaan in de muziek. Het wordt dan een soort meditatie. Zitten en ergens naar luisteren, daar gaat mijn geest van waaien. Anderen doen yoga, voor mij is dit een manier om gedachten te ontwikkelen.” Als ze naar een concert gaat, maakt ze aantekeningen in haar telefoon. „Ik ben degene met zo’n irritant oplichtend scherm.”

Schrijft ze daar dan ook of gebeurt dat later thuis? „Schrijven is ergens inkruipen in je hoofd. Ik kan dat op meerdere plekken, ook bij de kapper bijvoorbeeld. Ik heb geen vaste plek nodig, of mijn eigen bureau. Ik kan het ook in een omgeving met Qmusic en haarlak.”

Ze zou wel eens een nachtje willen blijven slapen in de concertzaal. Opgaan in die enorme zaal, als een grote verdwijntruc.