Zo maakt Paulien Cornelisse haar affiches

Ze gooit de inhoud van haar beduimelde etui op het bureau en vist er iets zilverkleurigs uit. Wilfried de Jong over het gereedschap van Paulien Cornelisse.

Fotografie Merlijn Doomernik

Elke keer als ze haar eigen naam op een affiche of boek tekent, komt ze in de problemen. De naam Cornelisse heeft eigenlijk te veel letters. Zoals een kind schrikt dat een woord niet past, zo heeft Paulien Cornelisse (41) haar achternaam op haar laatste affiche afgebroken. Bij ‘Corneli’ moet ze naar een nieuwe regel. „Je begint heel kloek met grote blokletters en dan haal je het eind niet. Zo gaat het in het echt ook vaak. Het woord ‘redenen’ past trouwens precies, zie je dat?”

Om mij moverende redenen is de titel van haar nieuwe theatervoorstelling. Drie weken was Paulien in de weer met haar penseel om de juiste combinatie van letters en kleur te vinden en toch lijkt het uiteindelijke resultaat nog steeds onaf. „Vroeger woonde ik als kind tussen kraakpanden met graffiti erop, die vaak niet helemaal gelukt was. Zo moest mijn affiche ook worden, met die sfeer van de jaren tachtig. Het hoeft niet perfect te zijn. Kijk, bij de omslag van mijn boek zie je het potloodstreepje nog naast het gekras met de pen. Niet goed weggegumd. Daar houd ik wel van, dat het niet helemaal af lijkt.”

Ze pakt een wit vel papier, doopt de harige punt in een potje rode inkt en maakt een paar zwierige bewegingen. Er verschijnt een brede, grillige lijn. „Zo maak ik mijn letters. Handgeschreven. Ik kan niet anders, ik ben geen typograaf. Voor mijn boekomslagen deed ik hetzelfde, maar dan met een fineliner. Niet iedereen begreep dat het de voorkant van een boek werd. Ze zagen er een soort grove schets in. Mijn letters zijn niet precies, ze zijn juist slordig en dat past goed bij de inhoud van mijn werk. Op het toneel vormen de zinnen zich ter plekke, ik heb geen duidelijk script in mijn hoofd.”

Het hoeft niet perfect te zijn

Terwijl ze praat, blijft het penseel rondgaan over het papier. ‘Utrecht Traveler Nr. 8’ staat op de zijkant van de houder; Cornelisse kocht hem in een Groningse speciaalzaak. „Ik ben gek op kunstenaarsbenodigdheden. Krijtjes, een goed gummetje, een puntenslijper. Ik koop het als troost, als ik iets ergs heb moeten doen: een bezoek aan de tandarts, een moeilijk gesprek of dingen die te vermoeiend zijn. Dit is zo’n mooi ding. Als het penseel in die zilverkleurige dop zit, is het net een kogel. Het is een handig systeem; als de punt nog nat is, stop ik het penseel in de dop, dan wordt mijn etui niet vies.”

Om mij moverende redenen. Vreemde titel. „Het is een chique manier van ‘Waarom, daarom’ zeggen. Moveren komt van het Latijnse movere, dat ‘bewegen’ betekent. Het klinkt ambtelijk, politiek en juridisch maar ik gebruik het ironisch. Bijvoorbeeld: om mij moverende redenen was ik in de dierentuin. Waarom doe je eigenlijk iets? Daar gaat mijn voorstelling over. Over mensen en hun onbegrijpelijke acties.”

Cornelisse schreef alle letters op haar theateraffiche in kapitalen. Behalve de ‘i’, die heeft een puntje. „Dat deed ik ook bij mijn boekomslagen. Ik krijg met enige regelmaat mailtjes van mensen die zeggen dat het niet mag, dat puntje. Nou, bij mij wel. Het is gewoon een vrolijke punt. Die twee s’en verschillen ook van elkaar. De eerste heeft onderaan geen lusje, de tweede wel, omdat de lijn dan schuin omhoog gaat naar de ‘e’ van Cornelisse.”

Nog één vieze vraag. Sabbelt ze aan de haartjes van haar penseel? „Ja, natuurlijk. Als ze schoon zijn, maar ook als er nog iets aan zit. Vies? Nee, hoor. Het puntje smaakt naar verf, of naar inkt. Aardeachtig. Lekker.”