Nieuwe orang-oetansoort ontdekt, meteen met uitsterven bedreigd

Voor het eerst in negentig jaar is er een nieuwe grote mensapensoort ontdekt. Het trieste is dat er nog maar 800 tapanuli-orang-oetans op Sumatra leven.

Jonge tapanuli-orang-oetan met moeder Andrew Walmsley

Op het Indonesische eiland Sumatra is een nieuw soort orang-oetan ontdekt. Het gaat om een kleine populatie mensapen in het natuurgebied Batang Toru, ten zuiden van het Toba-meer. Deze orang-oetans verschillen in skelet, gedrag en DNA van Borneose orang-oetans en Sumatraanse orang-oetans die verder noordelijk op het eiland leven. Er zijn genoeg verschillen om deze orang-oetan te erkennen als aparte soort, vinden kenners van mensapen.

Een internationaal team van primatologen publiceerde de soortbeschrijving donderdagmiddag in Current Biology. Ze hebben het dier ‘tapanuli-orang-oetan’ gedoopt, naar de drie Tapanuli-districten (noord, centraal en zuid) waar de aap in voorkomt. De officiële soortnaam is Pongo tapanuliensis.

Maxime Aliaga
Maxime Aliaga
Maxime Aliaga
Maxime Aliaga

„Die naam hebben we met natuurbescherming in het achterhoofd gekozen”, zegt de Nederlandse primatoloog Serge Wich van de Universiteit van Amsterdam en de John Moores University die betrokken was bij het onderzoek. „We willen lokale trots oproepen.”

Dat er in de 21ste eeuw nog een nieuwe mensaap beschreven wordt is uitzonderlijk. Het gebeurde voor het laatst in 1929, toen anatomen inzagen dat bonobo’s uit Congo geen chimpansees waren. „We zijn daarom uitermate streng geweest qua bewijsvoering”, zegt Nederlandse primatoloog Erik Meijaard van Australian National University, die de Tapanuli-populatie ontdekte. „We hebben van drie invalshoeken gebruik gemaakt: morfologie, genetica en gedrag.”

Subtiele verschillen

De nieuwe orang-oetansoort is de zevende niet-menselijke grote mensaap, naast de chimpansee en de bonobo, de oostelijke gorilla en de westelijke laaglandgorilla en de Borneose en de Sumatraanse orang-oetan.

De uiterlijke verschillen met de andere twee orang-oetansoorten zijn subtiel. De vacht van de tapanuli-orang-oetan is meer ‘kaneelkleurig’ dan oranje en de haren zijn wat warriger dan de golvende haren van de Sumatraanse orang-oetan. De biologen noemen verder de grote snorren van de mannetjes en de baarden van de vrouwtjes als onderscheidende kenmerken.

Luister hier naar de tapanuli-orang-oetan. Opname: James Askew

De tapanuli-orang-oetan is ook te herkennen aan zijn gebrul: de territoriale long call van de tapanuli-mannetjes heeft een hogere frequentie dan de roep van de Sumatraanse orang-oetan, en klinkt langer, vaker en sneller dan die van de Borneose.

Het besef dat de orang-oetans ten zuiden van het Toba-meer een eigen soort vormen is de afgelopen twintig jaar gestaag gegroeid. Het begon met de ontdekking van de populatie door Erik Meijaard, in 1997. Meijaard: „In een Nederlands artikel uit 1935 zag ik een verwijzing naar een populatie ver ten zuiden van het toen bekende verspreidingsgebied. Toen ik er ging kijken vond ik in het Batang Toru-gebied deze populatie.”

De volgende stap werd gezet in 2011, toen genetici zagen dat de orang-oetans uit Batang Toru genetisch afwijken van Sumatraanse orang-oetans. Uit aanvullend DNA-onderzoek blijkt nu dat de Borneose en Sumatraanse orang-oetans evolutionair het dichtst bij elkaar staan. De tapanuli-orang-oetans zijn al zo’n 3,4 miljoen jaar geleden van deze twee afgesplitst. De onderzoekers denken dat de tapanuli-orang-oetans de eerste afsplitsing zijn van de oerpopulatie orang-oetans die Indonesië vanuit het Aziatische vasteland koloniseerde.

Het laatste puzzelstukje viel op zijn plek in 2014, toen er een tapanuli-orang-oetan voor anatomisch onderzoek beschikbaar kwam. „Deze orang-oetan zat aan de rand van het bos een doerian te eten in een ‘tuin’ met fruitbomen”, zegt Gabriella Fredriksson, een Nederlandse primatoloog die al jaren in dit gebied werkt. „Locals hebben hem toen verwond met luchtbuksen en parangs [kapmessen, red.].”

De aap stierf bij een opvangstation aan zijn verwondingen en werd daar begraven. Fredriksson: „Een jaar later heb ik hem opgegraven en het skelet schoongemaakt.” Dat skelet is nu het holotype – het exemplaar waarop de soortbeschrijving van de tapanuli-orang-oetanis gebaseerd. De nieuwe orang-oetansoort heeft onder andere bredere hoektanden, een platter gezicht, smallere snijtanden in de bovenkaak en een smaller gehemelte.

De schedel van de tapanuli-orang-oetan heeft onder andere bredere hoektanden en een platter gezicht

Ernstig bedreigd

Het trieste nieuws is dat de tapanuli-orang-oetan meteen de ernstigst bedreigde mensaap van de zeven is: er leven er nog maar minder dan 800 in het wild, in een versnipperd bos dat kleiner is dan de provincie Utrecht. Biologen maken zich zorgen over de kwetsbaar kleine populatie tapanuli-orang-oetans.

Maxime Aliaga
Andrew Walmsley
Andrew Walmsley
Graham Usher
Impressie van het leefgebied van de orang-oetans op Sumatra.

De grootste bedreiging komt van habitatverlies. Primatoloog Serge Wich heeft het gebied zien veranderen in de vijftien jaar dat hij er werkt. „Toen ik in 2001 begon leefden er niet alleen orang-oetans in de hoge bergen, maar ook nog in de moerassen aan de kust”, zegt Wich. „Die moerassen zijn nu oliepalmplantages.” De onderzoekers maken zich grote zorgen over de geplande aanleg van een waterkrachtcentrale met dam in de Sibundong-rivier. De infrastructuur die daarvoor nodig is zou het leefgebied van de tapanuli-orang-oetan in tweeën klieven.

Ondanks de bedreigingen blijft primatoloog en natuurbeschermer Gabrielle Fredriksson positief: „De orang-oetan heeft misschien een mooie long call, maar daar luistert niemand naar. Toch zijn er overal mogelijkheden tot succesvolle natuurbescherming en samenwerking. De stem van de bevolking zal daarbij het belangrijkste zijn.”

Correctie (02-11-2017): In een eerdere versie van dit artikel werd de oostelijke gorilla abusievelijk aangeduid als oostelijke laaglandgorilla. Dit is gecorrigeerd.