Na tien jaar crisisbestrijding verhogen de Britten de rente

Centrale Bank

De Bank of England zet babystapjes naar een minder ruim monetair beleid, maar is erg bezorgd over de Brexit.

Mark Carney (rechts), president van de Britse centrale bank. Foto ANDY RAIN/EPA

Voor het eerst in 3.773 dagen verricht de Bank of England een basishandeling: de rente verhogen. Het negenkoppige monetaire beleidscomité van de Britse centrale bank, geleid door de Canadees Mark Carney, besloot donderdag (zeven stemmen voor, twee tegen) de rente te wijzigen van 0,25 tot 0,50 procent.

De vorige keer dat de monetair economen aan Threadneedle Street dezelfde maatregel troffen, in juli 2007, zag het Verenigd Koninkrijk er anders uit. Gordon Brown was een kersverse premier. Robin van Persie speelde in de spits bij Arsenal.

Niemand die kon bevroeden dat slechts twee maanden later rijen klanten spaargeld opeisten voor filialen van Northern Rock. Voor miljoenen Britten was die bankrun het zichtbare begin van een financiële en economische crisis die uitmondde in een nationalisatiegolf van banken en jarenlang bezuinigingsbeleid. ‘Brexit’ was toen nog geen ingeburgerd begrip.

Met de kleine renteverhoging komt een einde aan een decennium waar monetair beleid alleen maar ruimer werd. De laatste renteverlaging voerde de bank door in 2016, van 0,5 naar 0,25 procent, kort nadat de Britten er per referendum voor kozen uit de EU te willen stappen. Dat besluit deed de koers van het Britse pond dalen, waardoor invoer duurder werd. Dat betekent hogere energieprijzen voor olie en aardgas dat in dollars wordt afgerekend. Dat betekent duurder eten in de supermarkten en kleding in warenhuizen.

Het gevolg? Inflatie.

Inflatie boven de norm

In september bedroeg de inflatie 3 procent. De Bank of England heeft als doel om de prijsstijgingen rond de 2 procent te houden. Het beleidscomité schrijft in zijn analyse van de stand van de economie: „Het comité verwacht nog steeds dat inflatie boven de 3 procent piekt in oktober”.

Daarom vindt het comité een renteverhoging nodig. Tegelijk hint het erop dat het de komende twee jaar nog tweemaal een renteverhoging van 0,25 procent zal doorvoeren. Dat is volgens het comité nodig om inflatie weer in het gareel te krijgen.

De somberheid straalt af van de beraadslaging van het comité. Het is duidelijk: de kosten om geld te lenen worden niet verhoogd om een te onstuimige economische groei te temperen.

Dinsdag bleek uit cijfers van Eurostat dat de Britse groei achterblijft op de eurozone. In het Verenigd Koninkrijk bedroeg de groei in het derde kwartaal 0,4 procent, in de eurozone 0,6 procent. „De risico’s zijn aanzienlijk”, schrijft het beleidscomité, voorgezeten door Carney. De manier waarop het Verenigd Koninkrijk economisch gezien de Brexit doorstaat hangt volgens de economen af van hoe huishoudens, bedrijven en financiële markten reageren.

Nu al zijn de gevolgen zichtbaar, oordeelt de Britse centrale bank, die eerder deze week voorspelde dat de Brexit tien- tot zeventigduizend banen in de financiële sector in Londen kan kosten. De onzekerheid over de toekomst na de Brexit heeft nu al effect. Bedrijven stellen investeringen uit, werknemers blijven weg. De Britse economie remt af. Dat is volgens de Bank of England een slecht teken.

„Terwijl de wereldgroei aanzienlijk is toegenomen”, schrijven de monetair economen verontrust.

Heldere politieke boodschap

De Britse centrale bank maakt zich duidelijk zorgen over mogelijke gevolgen van de Brexit. De kans is groot, volgens de bank, dat die tot een zwakkere inkomensgroei leidt. Die politiek gevoelige Brexit-schok kan de centrale bank niet wegpoetsen. De bank komt daarom met een waarschuwing, uiteraard in de bedekte termen die centrale bankiers graag hanteren. „Monetair beleid kan de noodzakelijke reële aanpassing niet voorkomen als het Verenigd Koninkrijk naar een nieuwe internationale handelsstructuur beweegt”, schrijft het beleidscomité.

Dat klinkt wollig, maar het is een heldere boodschap. Als de regering-May besluit uit de interne markt te stappen en het Britse bedrijfsleven en de arbeidsmarkt daaronder lijden, kan de Bank of England niet op magische monetaire wijze de pijn wegnemen. De boodschap aan 10 Downing Street: jullie willen de Brexit, jullie zullen met maatregelen moeten komen om de economie draaiende te houden.

Doemdenken

Dat de centrale bank de confrontatie met de politiek niet schuwt, is geen verrassing. Bankpresident Mark Carney botste al eerder met verschillende Tories. Zij vonden dat hij zich schuldig maakte aan doemdenken in aanloop naar het Brexit-referendum. Vorig jaar was er zelfs sprake van dat Carney snel zou vertrekken. Uiteindelijk beloofde hij te blijven tot 2019.

De kans lijkt klein dat Carney in die twee jaar een positieve noot zal aanslaan en serieus werk maakt van het afbouwen van het ruime monetaire beleid. De Bank of England koos donderdag om de portefeuille van tien miljard pond aan bedrijfsleningen en 435 miljard aan Britse staatsobligaties niet te verkopen. Die waren opgekocht in pogingen om de economie tijdens de financiële crisis te stimuleren. Terwijl ze de moeilijke jaren die wellicht komen tegemoet zien, blijven ze dus op de pot zitten die ze vergaard hebben tijdens de vorige crisis.