Applaus en boegeroep in Madrid

Proces in Spaanse hoofdstad

Deze donderdag zijn de eerste Catalaanse ‘ministers’ verhoord door een rechter in Madrid. Hun voorman Puigdemont is er niet bij.

Fotografen en cameralieden donderdag voor de rechtbank in Madrid, wachtend op de Catalaanse ‘regering’. Foto Fernando Villar/EPA

Onder boegeroep en applaus meldden negen van de veertien leden van de zelfverklaarde Catalaanse regering zich donderdagmorgen bij de rechtbank in Madrid. Zoals verwacht ontbrak ‘president’ Carles Puigdemont. Spanje zal waarschijnlijk een Europees arrestatiebevel laten uitgaan. „Viva España!”, schreeuwde een groepje van de extreem-rechtse groepering Hogar Social voor de afzetting van de politie aan de Calle de Génova tegen de separatisten. Even verderop vanuit de bosjes wapperden Catalaanse vlaggen. „Jullie zijn niet alleen!”, riep aanhang van de independentistas, onder wie de voormalige regiopresident Artur Mas.

Lees ook: Gaan de Catalanen echt weg uit Spanje? - en elf andere vragen over het referendum

Het conflict tussen de nationale regering en de Catalaanse separatisten wordt nu door de Spaanse justitie beslecht. Rechter Carmen Lamela riep Puigdemont en zijn regering op voor verhoor op verdenking van rebellie, opruiïng en malversaties met publiek geld. Zes leden van het Catalaanse parlement, onder wie voorzitter Carme Forcadell, moesten zich even verderop verantwoorden bij het hooggerechtshof in Madrid. Die verhoren werden vrij snel op verzoek van de advocaten uitgesteld tot 9 november.

Puigdemont koos er samen met de ministers Clara Ponsati, Antoni Comín, Lluis Puig en Meritxell Serret voor weg te blijven uit Madrid. Vanuit Brussel liet de Catalaanse politicus weten dat zijn „legitieme regering” de beslissingen van de rechtbank in dit „politieke proces” bij Europese instanties zal aanvechten. Hij zou voorlopig niet bereid zijn vrijwillig naar Spanje te reizen. Daardoor kan er een juridische strijd ontstaan tussen Spanje en België over de arrestatie en uitlevering van Puigdemont en de andere ministers.

Lees ook het verhaal van correspondent Caroline de Gruyter over separatisme in Europa

De Catalaanse vice-premier Oriol Junqueras meldde zich donderdagochtend als eerste bij de rechtbank, even na acht uur. Ruim een half uur later stapten de andere Catalaanse ‘ministers’ gezamenlijk naar binnen. Raül Romeva, verantwoordelijk voor Buitenlandse Zaken, stak strijdbaar een arm omhoog en zwaaide naar zijn Catalaanse aanhang. In aanloop naar het verhoor gaf hij aan over „een schoon geweten” te beschikken. Tientallen agenten van de Spaanse politie hielden omstanders op afstand.

Deze ‘ministers’ hadden via een communiqué aangegeven zich bij rechter Lamela te beklagen over „het gebrek aan juridische garanties”. Ze vinden dat de rechter „politieke ideeën” wil vervolgen.

Jordi Turull, zegsman van de Catalaanse regering, werd als eerste verhoord. Na twintig minuten stapte hij naar buiten en was het de beurt aan collega Josep Rull van Territorium en Duurzaamheid. Toen kwamen de andere zeven aan de beurt. Vijf verdachten kwamen niet opdagen.