Waarom gaat natte wol zo snel muf ruiken?

Wekelijks zoekt de redactie wetenschap het antwoord op een veelgestelde vraag. Vandaag: waarom stinkt natte wol?

Foto Getty / Istock

De muffe geur van natte wol herkennen veel mensen direct. Zoals de geur van pas gemaaid gras, warme zomerregen, appel, vers brood, benzine, riool en lijk.

Kent u de geur van natte wol echt niet? Koop een paar goedkope dikke wollen sokken, ga naar de badkamer, stop de sokken in lauw water, wring ze uit, leg ze op een handdoek te drogen, doe de verwarmde badkamer goed dicht en kom na een paar uur terug. „Die geur in uw badkamer is die van natte wol”, schrijft de gepensioneerde chemicus Ed Caruthers op een internetforum waar iemand vraagt waarom natte wol zo stinkt. Caruthers’ antwoord: het is het wolvet, de lanoline.

Aai een schaap, of beter: steek je hand even diep in zijn vacht. Wat je terugkrijgt is een hand die voelt alsof hij net met een vette handcrème is ingesmeerd. Het ruikt alleen niet cosmetisch. Het ruikt redelijk goed naar natte sok.

In schapenvachten die direct van het geschoren schaap komen, is tot 45 procent van het gewicht geen wol. In de wolkrullen zitten zand, plantenresten en keutels verstrikt geraakt. Vocht zit erin en veel wolvet, wel 10 procent van het vachtgewicht.

Uit één afgeschoren vacht wordt ruim een kwart liter bruikbaar wolvet gewonnen. Wolvet, of lanoline, is overigens chemisch geen vet zoals rundvet of olijfolie. Het bestaat niet uit lange koolstofketens die met zijn drieën aan glycerol zijn gebonden. Het bestaat uit vooral uit bindingen van verschillende ringvormige moleculen.

Wolfabrikanten hebben liever niet dat fijne wollen maatpakken en damesvestjes in een zweterige omgeving naar natte wol gaan ruiken. Het valt niet mee dat voor elkaar te krijgen, want wol kan nog heel lang vluchtige moleculen afgeven. Een wolhaar bestaat uit twee celtypen. In de staafvormige cellen binnenin de wolhaar liggen lange eiwitmoleculen (keratine) in vaste patronen om elkaar heen gewonden, schrijven wolkenners van het Deutsches Wollforschungsinstitut in Aken.

Tussen die vezels, in de celmembranen en in de buitenste, platte bedekkende cellen liggen allerlei meer of minder vast gebonden moleculen die in de loop van de jaren bij wasbeurten los kunnen komen. Hoe heter het water, of hoe langer de wol nat blijft, des te meer gebeurt er. Het is een kwestie van uitspoelen, maar er schieten ook chemische verbindingen los en er worden nieuwe gevormd.

Iedere keer komen er weer wolvetmoleculen vrij die niet aan de buitenkant van de woldraden kleefden, maar er in opgenomen waren, of er zelfs chemisch aan gebonden waren.

Het nattewolaroma wordt overigens aangevuld met een vleugje stank van zwavelverbindingen. Het eiwit keratine, het hoofdbestanddeel van wol is net als alle eiwitten opgebouwd uit aminozuren.

Keratine bevat relatief erg veel van het zwavelhoudende aminozuur cystine. Bindingen tussen twee zwavelatomen in twee cystines geven wolvezels veel sterkte. Maar heet water en zeep kunnen die bindingen losmaken. De zwavelatomen die vrijkomen geven wat rotte-eierenlucht, of andere luchtjes als er grotere zwavelhoudende moleculen worden gevormd.

De wolfabrikanten bestrijden die eeuwige nattewollucht tegenwoordig door wolvezels te coaten of chemisch te bewerken, zodat er weinig meer uit vrij kan komen. Vandaar waarschijnlijk dat op internetfora over nattewollucht ook steeds mensen reageren met: „Ik ruik niks.”