Column

Zang en ongemak tijdens Luthers jubileum bij de NPO

Zap De extase was ver te zoeken in de vier uur die de NPO dinsdag besteedde aan 500 jaar Reformatie. Het hoofdprogramma ‘In Holland staat een kerk’ van de EO was onderhoudend, maar verwarrend.

2Doc: De erfenis van Luther (EO)

Andries Knevel deed zijn best hoor. Hij sprak gloedvol over „dat aloude prachtige christelijke geloof” en over Maarten Luther, „die ene man, met die hamer, die spijkers en de stellingen, die vertelde dat het allemaal anders moest”. Verder was de extase ver te zoeken in de vier uur die de publieke omroep dinsdag besteedde aan 500 jaar Reformatie. Gelovigen en ongelovigen verdrongen elkaar om kanttekeningen te plaatsen bij de ‘viering’ van de dag waarop Luther zijn 95 stellingen op de kerkdeur van Wittenberg nagelde. Het leek soms wel een wedstrijdje christelijke zelfkastijding.

Dat zag je een avond eerder al bij Pauw, waar EO-directeur Arjan Lock nog vóór er een kritische vraag was gesteld, al begon over het antisemitisme van Luther. Dinsdagmiddag begon de rechtstreekse uitzending van de officiële viering vanuit Wittenberg met een gelijksoortige disclaimer. Toen een uur later Jacobine Geel met vier kenners in gesprek ging over de betekenis van Luther en de reformatie, begon ze haar rondvraag met: „Is het reden voor een feestje of voor droefenis?”

Het daaropvolgende gesprek leverde legio kritische noten op, vooral van Ernst van den Hemel (prachtnaam voor een religiewetenschapper) die memoreerde hoe Luther „kon schelden als geen ander” en later „radicaliseerde”. Luther en Calvijn waren „geen gezellige jongens” en zeker geen helden van een tolerante traditie. Geel, over de wending die het gesprek nam: „We gaan langzaam naar het ravijn.” Gelukkig eindigden de sprekers met de constatering dat een hervormingsjubileum nog nooit in zoveel harmonie was gevierd.

De hoofdschotel van de Lutheravond was het programma In Holland staat een kerk (EO), waarvan Andries Knevel het gastheerschap moest delen met Jörgen Raymann. Terwijl Knevel op locatie zocht naar iets wat het midden hield tussen protestantisme en de Nederlandse volksaard (zuinigheid hielp, zoveel was duidelijk) presenteerde Raymann in de Rotterdamse Laurenskerk het binnenprogramma. Dat bestond grotendeels uit muziek (Stef Bos, Leona Philippo, het Radio Filharmonisch orkest), terwijl er op de buitenmuren animaties werden geprojecteerd. Vooral die van de beeldenstorm, compleet met vlammen, was spectaculair.

Raymann praatte de muziek aan elkaar met grapjes die nog niet lang geleden vloeken in de kerk zouden zijn geweest. De Beeldenstorm had hij aan zijn dochter uitgelegd: „Het is alsof iemand al je Justin Bieber posters in je kamer van de muur rukt en die dan samen met je Justin Bieber-dekbed in de tuin in de fik steekt.”

Het was onderhoudend, al werd mij steeds minder duidelijk voor welke parochie hier nu precies werd gepreekt.

Dat was veel helderder in de door de NTR verzorgde uitsmijter, het ‘visuele essay’ De erfenis van Luther van Peter Greenaway. Het was schitterend. Greenaway liet beelden van kunst uit de tijd van (en na) Luther een uur lang prachtig in elkaar overvloeien, terwijl hij leven en werken van Luther zeer kritisch doornam. De hervormer was een ijdeltuit die „de deur naar ideeën over vrijheid had opengezet en die deur weer had dichtgesmeten toen hij de controle over die ideeën kwijtraakte.”

Greenaway greep uiteraard de kans om uit te weiden over de indigestie van Luther en de vele uren die deze in de ‘schijthuistoren’ doorbracht. Luther was naar eigen zeggen ook de man die de duivel, als deze ’s nachts aan zijn bed verscheen, kon verjagen met een scheet. Greenaway had ook hier prachtige beelden bij gevonden.