Cultuur

Interview

Interview

Scène uit de film Toen Ma naar Mars vertrok van Abdelkarim El-Fassi. De film is onderdeel van zijn theatervoorstelling.

Foto Laisa Maria

‘Ik wilde een voorstelling maken die ontroert’

Abdelkarim El-Fassi

In de voorstelling ‘Toen Ma naar Mars vertrok’ vertelt regisseur Abdelkarim El-Fassi over zijn Marokkaans-Nederlandse moeder.

Ze had een bandje ingesproken voor haar moeder in Marokko: „Lieve mama, ik wil naar huis, ik vind dit land niet leuk, ik verveel me.” Dat was lang geleden, toen ze net in Nederland was, met haar kersverse man, en terechtkwam in een rijtjeshuis in het Zeeuwse Oost-Souburg.

Film- en theaterproducent Abdelkarim El-Fassi maakte de film Toen Ma naar Mars vertrok over zijn moeder (68) die op haar zestiende met zijn vader trouwde en met hem naar Nederland ging. De film is onderdeel van een theatervoorstelling die zaterdag in première gaat. Daarin worden vanuit verschillende perspectieven verhalen over moeders verteld. El-Fassi maakte eerder een soortgelijke voorstelling Mijn Vader, de Expat over zijn vader (70).

Toen Ma naar Mars vertrok is een verhaal over vertrek en aankomst, zegt El-Fassi in een Rotterdamse koffiebar. Waarbij hij aankomst veel breder definieert dan een voet zetten op Nederlandse bodem. „Aankomst heeft te maken met je thuis voelen, je settelen, met beseffen dat je kinderen Nederlanders zijn.”

De ouders van El-Fassi komen uit Marokko, maar niet alleen Marokkaanse Nederlanders zullen zich aangesproken voelen, denkt hij. „Momenteel gaat het publieke debat over mensen die uit het Midden-Oosten vluchten, of uit Afrika. Maar het is veel breder. Mensen zijn altijd getrokken naar plekken die vruchtbaarder leken dan de plek waar ze waren. Het is een universeel thema.”

Lees ook over de documentaire 'Mijn vader, de expat': Succesverhaal zonder dat er reclame aan te pas kwam

Over Marokkaanse Nederlanders wordt vaak in problematische zin gesproken. De ouders zouden nooit écht hebben willen integreren omdat het thuisland bleef trekken. Hun kinderen groeiden op tussen twee werelden: de Hollandse wereld op school en op straat, de Marokkaanse thuis.

Dát uitgekauwde thema zit nou juist niet in de voorstelling, zegt Abdelkarim El-Fassi. „Het publieke discours gaat voortdurend over integratie en dat die mislukt zou zijn. Er wordt eindeloos gedebatteerd over moslims. Voordat je het weet, ben je alleen maar bezig met je verdedigen en uit te leggen wat we niet zijn: geen terrorist, geen crimineel. Ik maakte een voorstelling over wat we wél zijn. Wie onze ouders zijn. Over hun verhalen en dromen. Ik wilde een voorstelling maken die ontroert.”

Het thema is de opoffering van zijn moeder om haar negen kinderen op te voeden, in een land dat totaal nieuw voor haar was en waar ze de taal niet sprak. „Als je dat kan”, zegt El-Fassi, „dan heb je de skills om een multinational te leiden. Ze had het ook ver kunnen schoppen in onze wereld.”

Zij leidde een heel ander leven dan haar kinderen, een leven in dienst van het gezin. Boodschappen doen was al niet vanzelfsprekend, dat was een mannentaak. „Maar ze verkende grenzen, door op stap te gaan in Oost-Souburg. Het leek me heel mooi om haar verhaal te vertellen.”

Het was lastiger haar te overtuigen mee te werken aan een film dan eerder zijn vader, zegt El-Fassi. „Die was als man meer gewend om in het middelpunt te staan, het woord te voeren.” Zijn moeder had schroom. En het was ook de omgeving die zei: Zou je dat nou wel doen? Wat zal die tante en die buurvrouw ervan zeggen? El-Fassi: „Ze vertrouwde uiteindelijk op mij. Ik ben haar zoon, ik zou er niet iets geks van maken.”

De verhalen van de eerste generatie Marokkaanse Nederlanders hoor je niet vaak. Mijn Vader de Expat maakte om die reden veel los onder met name Marokkaanse Nederlanders. Toch wil El-Fassi die voorstelling en Toen Ma naar Mars vertrok beslist geen Marokkaanse voorstelling noemen. „De vertellers hebben verschillende achtergronden. Het zijn allemaal verhalen met Nederlands DNA. Iedereen kan zich erin herkennen.”

El-Fassi: „Mijn moeder wenst dat het goed gaat met haar kinderen. Dat wil elke moeder. Ook haar kinderen kiezen een eigen weg. Mijn moeder is een traditionele vrouw. Ze ziet haar kinderen het liefst getrouwd met een gezin. Twee dochters hebben een eigen bedrijf, een van hen woont in Hongkong. Een traditioneel gezin hebben er maar twee. Ik vroeg haar of ze tevreden is. „Ja”, zegt ze.”

Toen Ma naar Mars vertrok. Première 7/10 Oude Luxor, Rotterdam. Tournee t/m 10/2