Heviger strijd om roofkunst na Gurlitt-zaak

Exposities Bern en Bonn

Exposities met door nazi’s geroofd werk markeren een nieuw bewustzijn over roofkunst, met name in Duitsland en Zwitserland.

De gouache Zandvoort Strandcafé (1934) van Max Beckmann: wordt nog onderzocht, herkomstgeschiedenis is onduidelijk; misschien direct van kunstenaar gekocht door Hildebrand Gurlitt.

De mondiale strijd over teruggave van door de nazi’s geroofde kunst is 72 jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog heviger dan ooit.

De opening van tentoonstellingen van mogelijk door de nazi’s geroofde kunst uit de verzameling Gurlitt donderdag en vrijdag in musea in Bern en Bonn, markeert bovendien een nieuw bewustzijn van de omgang met naziroofkunst in Duitsland en Zwitserland. Die collectie bevat werk van onder meer Paul Cézanne, Claude Monet en Max Beckmann, en is naar schatting honderden miljoenen euro’s waard.

Voor het eerst sinds de vondst in 2012 van 1.500 kunstwerken uit het bezit van Cornelius Gurlitt, zoon van een kunsthandelaar van de nazi’s, doen Duitse en Zwitserse musea systematisch onderzoek naar de herkomst van naziroofkunst en kunst van verdachte herkomst. Dat zegt Rein Wolfs, de Nederlandse directeur van de Bundeskunsthalle in Bonn, waar vrijdag de tentoonstelling Bestandsaufnahme Gurlitt: Der NS-Kunstraub und die Folgen opengaat. In het Kunstmuseum Bern gaat tegelijkertijd een expositie open met werk uit de Gurlitt-collectie van kunstenaars die door de nazi’s verbannen werd, ‘Entartete Kunst’.

Lees ook het interview met Rein Wolfs, directeur van de Kunsthalle in Bonn: ‘Voor Duitsers is deze expositie confronterend’

Duitse musea hebben nooit zo systematisch hun collecties hoeven onderzoeken op naziroofkunst zoals de Nederlandse vanaf 2009 hebben moeten doen. Wolfs: „Dat is nu in Duitsland en ook in Zwitserland door Gurlitt in een stroomversnelling terechtgekomen, omdat de politiek er meer geld voor ter beschikking heeft gesteld en er publieke druk is ontstaan. Dat zal ook tot meer restituties leiden, al is het probleem dat erfgenamen steeds moeilijker te vinden zijn.”

Er is door de Gurlitt-zaak sprake van een waterscheiding in de bewustwording, aldus Wolfs: „Voor veel Duitsers is het heel confronterend hoe de systematische nazistische kunstroof een enorme impact heeft gehad op kunstverzamelingen in Europa, van musea en van particulieren. Ikzelf had er wel een idee van, maar wist niet dat de invloed zo structureel is geweest.” Van zes werken uit de Gurlitt-collectie staat nu wetenschappelijk vast dat ze door nazi’s geroofd zijn. Andere werken worden nog onderzocht, een werkgroep noemde begin 2016 meer dan 150 werken ‘verdacht’.

Rechtszaken in de VS

Juridisch zijn er veel voetangels en klemmen bij de opsporing van roofkunst. Duitsland, Frankrijk en Groot-Brittannië, Oostenrijk en Nederland hebben eigen restitutiecommissies opgericht. Dat gebeurde nadat 44 landen in 1998 de Washington Principles on Nazi-Confiscated Art ondertekenden. Uitgangspunt is het zoeken naar ‘fair and just solutions’ bij oorlogsclaims. Probleem is dat de richtlijnen per land vaak anders geïnterpreteerd worden.

Om die reden spannen sommige beroofde erfgenamen, of juristen die van roofkunst opsporen hun beroep maken, veel rechtszaken over roofkunst aan in de Verenigde Staten. Er zijn in de VS ten minste vijf Europese roofkunstclaims voor de rechter geweest.

De Nederlandse juriste Evelien Campfens, gespecialiseerd in roofkunstkwesties en oud-secretaris van de Nederlandse Restitutiecommissie pleit daarom voor de oprichting van een Europese restitutiecommissie – een instituut dat op transparante wijze helpt naar het zoeken van rechtvaardige oplossingen bij roofkunstclaims.

Aan het eind van de oorlog is ook in Duitsland kunst geroofd door de Russische troepen. Langs diplomatieke weg proberen Duitse museummedewerkers met Russische en Oekraïense musea tot afspraken te komen over de miljoenen kunstwerken en boeken die door het Rode Leger uit het verslagen nazi-Duitsland zijn geroofd. Probleem daarbij is dat de oorlogstrofeeën tot nationaal bezit zijn verklaard.