Cultuur

Interview

Interview

Foto Marieke Rodenburg/Deuss Music

‘Het klinkt zoals je droomt dat een orgel moet klinken’

Groningen is een ‘nieuw’ Schnitger-orgel rijker. De ingebruikname wordt zaterdag gevierd met een nieuwe compositie van Seung-Won Oh voor blokfluitist Erik Bosgraaf en zijn ensemble.

Componiste Seung-Won Oh (1969) en blokfluitist Erik Bosgraaf (1980) hebben elkaar lang niet gezien – de laatste keer was een jaar geleden via Skype. „Jij zat toen in de Filipijnen, met dat zwerfkatje!”, roept Bosgraaf. „Dat screenshot is nog maanden mijn bureaublad geweest.” Oh knikt treurig, de navelstreng zat er nog aan, tien dagen later was het katje dood. Ander onderwerp graag.

Gezellig is het. Maar een echt interview wil de lichtelijk chaotische werkbespreking maar niet worden. De twee zijn te enthousiast over hun eerste samenwerking en over de mogelijkheden, en er is nog te veel te doen.

Oh zegt dat ze de deadline niet gaat halen met alle nieuwe indrukken die ze vandaag heeft opgedaan: ze heeft de hele dag in Groningen doorgebracht om het gereconstrueerde Schnitger-orgel in de Lutherse Kerk te leren kennen. Bosgraaf maakt het niet uit. Hij heeft nog geen noot gezien, maar ze hebben „een intuïtieve connectie”, zegt hij.

Tijdens het gesprek blijkt dat ze elkaar al een tijdje op afstand volgden, voordat Bosgraaf eindelijk de stoute schoenen aantrok en Oh vroeg of ze een stuk voor hem wilde schrijven. Dat het een stuk voor kerkorgel zou worden had niemand kunnen bedenken – Oh heeft geen enkele ervaring met het instrument. De compositieopdracht van het Schnitgerfestival bleek niettemin de perfecte gelegenheid. Oh componeert het stuk om de ingebruikname van het gereconstrueerde orgel luister bij te zetten. Onder de titel Mixtures brengen Bosgraaf, zijn barokensemble Cordevento en organist Matthias Havinga het zaterdagmiddag in première.

„Dit is nieuw terrein voor mij. Het wordt waarschijnlijk mijn meest conservatieve stuk”, verzucht Oh. „Dat denk je vóórdat je met mij hebt gewerkt, en dat gebeurt morgen”, stelt Bosgraaf haar gerust.

De veelbekroonde muziek van Oh heeft vaak een theatrale onderstroom en zit vol geheimzinnige timbres. Ze studeerde en werkte lange tijd in Nederland maar woont inmiddels in Chicago, waar ze sinds 2011 compositie doceert aan DePaul University. Bosgraaf geldt als ’s werelds avontuurlijkste blokfluitist, die net zo lief (en net zo goed) Telemann als Boulez speelt, of zich juist uitleeft in vrije improvisatie. „Componisten zijn af en toe enorme controlfreaks” zegt hij, „dan is het lekker om even alles los te laten.”

De katalysator van hun langgekoesterde samenwerkingswens was het verhaal van een zeventiende-eeuwse schipbreukeling, vertelt Bosgraaf. In 1653 verging het schip waarop VOC-boekhouder Hendrick Hamel onderweg was van Batavia naar Japan. Hij spoelde aan in Korea en werd daar jarenlang onderhouden door de koning. Hamels verslag van die ervaring was Europa’s eerste kennismaking met Korea, waar hij nog altijd een beroemdheid is.

Bosgraaf dacht: wat nou als Hamel blokfluit speelde? „Zo gek is dat niet, want dat was in de Gouden Eeuw het populairste instrument. Stel je voor dat Hamel een blokfluit bij zich had en samenspeelde met de Koreanen, hoe zou dat hebben geklonken?” Door de combinatie van oude instrumenten en Oh’s achtergrond is Mixtures een eigenzinnige poging die muzikale ontmoeting te verbeelden.

Wat is het nieuwe Schnitger-orgel precies? De Duitser Arp Schnitger (1648-1719) is wel ‘de Stradivarius onder de orgelbouwers’ genoemd (al is niet duidelijk bij wie dat pakkende citaat vandaan komt). Hij bouwde overal in Noord-Europa, maar Groningen is de enige stad waar maar liefst drie Schnitger-orgels bewaard zijn. Daar komt nu een reconstructie bij. In de Lutherse Kerk stond van 1699 tot 1896 een Schnitger-orgel dat de afgelopen tijd door de in Zwitserland werkzame, maar in Groningen geboren meesterbouwer Bernhardt Edskes gereconstrueerd is. Op YouTube is een video te zien van oudemuziekcoryfee Ton Koopman die het orgel uitprobeert en er zeer over te spreken is : „Het klinkt zoals je droomt dat een orgel moet klinken”, aldus Koopman.

Ook Oh is vol van het Schnitger-geluid, maar in deze fase van het compositieproces ziet ze vooral problemen. Dat ligt een beetje in haar aard: ze is een twijfelende perfectionist die graag ‘onmogelijke dingen’ wil. Ze zoekt de grens van het haalbare en gaat daar dan overheen. Enter Bosgraaf, die niets liever doet dan dingen die eigenlijk niet kunnen.

Een mooi moment: Oh haalt haar schetsen tevoorschijn en laat Bosgraaf haar eerste ideeën voor Mixtures zien. Bosgraaf is enthousiast, maar benadrukt vooral wat er allemaal nog méér kan: „Ik kan dit clean spelen, of met multiphonics, of erbij zingen. Toonhoogte is maar tien procent van wat ik kan doen. Ik beslis niks, maar ik wil alle mogelijkheden aandragen.”

Deze eerste samenwerking maakt onderdeel uit van een groter project dat Oh en Bosgraaf voor ogen zweeft, waarin ook film een rol zal spelen. „Een one-night-stand is niet interessant, noch voor de componist, noch voor de performer”, zegt Bosgraaf. Oh: „Een nauwe band over lange termijn verschaft je componeren diepte. Ik hou ervan om nauw samen te werken met een performer.” Bosgraaf: „Dat is het hele punt van dat jij geen dooie componist bent.”

Mixtures van Seung-Won Oh door Erik Bosgraaf (blokfluit), Matthias Havinga (orgel) & Cordevento XL, 4/11 Lutherse Kerk Groningen. Schnitgerfestival 31/10 t/m 5/11. Inl.: schnitgerfestival.nl