#MeToo-verhalen stellen journalisten voor dilemma

Daders en slachtoffers De media springen in op aantijgingen van seksueel misbruik. Dat levert enkel verliezers op, zegt advocaat Ivonne Leenhouwers.

Jelle Brandt Cortius in de uitzending van De Wereld Draait Door op woensdag 25 oktober.Beeld NPO

De media slaan door in de berichtgeving over de #MeToo-beweging. Dat zegt strafpleiter Ivonne Leenhouwers, die veel verdachten in zedenzaken verdedigt. De afgelopen weken werden in artikelen en columns verschillende mensen beschuldigd van seksueel misbruik, waarbij niet in alle gevallen de schuld van de dader onomstotelijk kon worden vastgesteld en bronnen of daders anoniem werden opgevoerd.

„De media moeten zich ervan bewust worden dat door deze werkwijze verdachten én slachtoffers beschadigd kunnen raken. Je moet niet de normale journalistieke regels laten vallen, alleen maar omdat het over zedenzaken gaat”, zegt Leenhouwers.

De #MeToo-beweging stelt journalisten voor een lastig probleem. Bij verhalen over seksueel misbruik is het vaak het woord van het slachtoffer tegen dat van de dader. Zonder onomstotelijk bewijs lopen journalisten het gevaar een individu vals te beschuldigen. Tegelijk willen ze aandacht vragen voor een wijd verspreid maatschappelijk probleem.

Pieter Klok, adjunct-hoofdredacteur van de Volkskrant: „Wij houden de regel aan dat ten minste drie bronnen afzonderlijk van elkaar een verhaal moeten bevestigen. Maar de tragiek daarvan is dat we beschuldigingen die ongetwijfeld waar zullen zijn, noodgedwongen laten liggen.”

Net als de Volkskrant bracht NRC verhalen over misbruik naar buiten waarbij het onmogelijk was te verifiëren wat zich precies had afgespeeld, bijvoorbeeld zaterdag 21 oktober in een artikel van vijf pagina’s met 23 getuigenissen over intimidatie en misbruik. „We wilden laten zien hoe wijdverbreid misbruik en seksueel grensoverschrijdend gedrag in onze samenleving zijn”, zegt adjunct-hoofdredacteur Egbert Kalse. „We hebben ons er in zo veel mogelijk gevallen van verzekerd dat er aangifte is gedaan, en ervoor gezorgd dat de vermeende daders niet herleidbaar in de stukken werden beschreven.”

Andere kwaliteitsmedia zaten de afgelopen weken op dezelfde lijn: wel verhalen over seksueel misbruik naar buiten brengen, maar vermeende daders niet bij naam te noemen.

Speculaties op sociale media

Dat leidde weer tot nieuwe problemen: op sociale media werd druk gespeculeerd over daders, en gingen vaak namen rond die niets met de zaak te maken hadden. In andere gevallen werd door speurders op internet wél de juiste dader gevonden.

Zo publiceerde de Volkskrant een opinieartikel waarin schrijver Sarah Sluimer seksueel grensoverschrijdend gedrag door de redacteur van een uitgeverij aan de kaak stelde. Andere vrouwen herkenden het gedrag van de man, legden hun klachten neer bij de uitgeverij, waarna de redacteur op non-actief werd gesteld.

Klok: „Ik dacht aanvankelijk dat de column voldoende vaag was. Maar we hebben onderschat hoe op sociale media en door weblogs als GeenStijl alles uit de kast wordt gehaald om de identiteit van iemand die schuldig lijkt, naar boven te halen.”

Een ander voorbeeld: de Nieuwe Revu plaatste een artikel waarin zeven anonieme bronnen een niet bij naam genoemde „Nederlandse Weinstein” beschuldigden. Op sociale media ging de naam van de man al snel rond, maar werden ook andere namen genoemd die niks met de zaak te maken hadden.

Jonathan Ursem, hoofdredacteur van Nieuwe Revu: „Zeker 80 procent van de speculaties die we op sociale media voorbij zien komen, klopt. Zo bekend is de naam en het gedrag van deze man dus.” Dat in de overige gevallen mensen valselijk beschuldigd worden, is volgens hem onvermijdelijk. „Ik vraag me af of het mijn taak is mensen ervan te weerhouden te speculeren.”

Jelle Brandt Corstius

De meeste ophef veroorzaakte deze maandag de aflevering van praatprogramma Pauw, waarin tv-producent Gijs van Dam bekendmaakte dat hij de man is die door presentator Jelle Brandt Corstius is bedoeld toen hij iemand ervan beschuldigde hem vijftien jaar geleden te hebben gedrogeerd en verkracht. Brandt Corstius deed dat in een open brief in Trouw zonder de naam van de dader te noemen. Hij had Van Dams naam wel aan de redactie van Trouw toevertrouwd. Van Dam ontkent de beschuldiging en zal een aanklacht wegens smaad en laster indienen tegen Brandt Corstius.

Lees ook de tv-recensie van Arjen Fortuin: Uitzending Pauw laat zien waarom slachtoffers zwijgen

Zo overkwam Brandt Corstius precies wat hij had willen voorkomen. In zijn open brief schreef hij: „Als het tot een rechtszaak zal komen, is de kans groot dat hij mij succesvol beschuldigt van smaad, en ik een tweede hypotheek op mijn huis kan nemen om de schadevergoeding te betalen.”

Critici zeggen nu dat Brandt Corstius tegen zichzelf in bescherming had moeten worden genomen. De hoofdredactie van Trouw wilde dinsdag niet reageren.

Volgens strafpleiter Leenhouwers leiden beschuldigingen van seksueel misbruik via de media tot veel ellende en verdriet bij alle betrokken partijen: „Het ontploft gewoon. Brandt Corstius wordt eerst uitgelachen door de presentatoren van Voetbal Inside en wordt dan ook nog eens op tv beschuldigd van leugens. Dat zien andere slachtoffers ook. Er zullen nu slachtoffers zijn die denken: oei, toch maar niet. Als het doel is om andere mensen ook de kans te geven zich uit te spreken, dan is het uiten van concrete beschuldigingen over iemand in de media niet de beste manier. En als de bedoeling is een algemene misstand aan de kaak te stellen, dan hoef je niet één specifieke persoon te beschuldigingen. Dan kun je volstaan met het beschrijven van je ervaringen in algemene zin.”

Trial by media

Trial by media – een volksgericht via tv, kranten en internet – is volgens haar altijd al een slecht idee, en in het bijzonder bij zedenzaken. „Die zaken hebben juist rust en zorgvuldigheid nodig. Media-aandacht is schadelijk voor de waarheidsvinding. Het doet het gerechtelijk onderzoek zelden goed.”

Ook voor mensen die beschuldigd worden van seksueel wangedrag, is het volgens haar vaak schadelijk om de publiciteit te zoeken: „Wanneer je de aandacht op jezelf vestigt, blijft bij het publiek toch de associatie hangen met grensoverschrijdend seksueel gedrag. Ook al ben je onschuldig.’’


Correctie (1 november 2017): In dit artikel stond de naam van het programma Voetbal Inside onjuist (Voetbal International). Verder werd gezegd dat er werd gelachen door ‘voetbalsupporters’, dat moest ‘presentatoren zijn’. Tot slot was de hoofdredactie van Trouw wel bereikbaar, maar wilde zij geen commentaar geven.