Ze kon alles kwijt in haar maaltijdbox

Eefje Brugman (1968-2017) leerde pionieren bij internetbedrijf Lost Boys en begon de eerste duurzame maaltijdbox van Nederland.

Eefje Brugman (links) in 1980 met tweelingzus Baukje en broer Jan en met een maaltijdbox van haar eigen bedrijf.

Vanaf hun vierde vormden de zusjes ‘een front’, vertelt hun moeder, Nienke Brugman. „Daar kwam je niet doorheen. Wij hadden in die tijd geen televisie, maar toen ze bij de buren een keer een kinderprogramma hadden gezien, verklaarden ze dat ze nu ‘Tommie en Nico’ waren. Jongens, en dus hadden ze mitrailleurs nodig. Met de nodige aarzeling heb ik twee plastic exemplaren aangeschaft. Twee gewapende blonde engeltjes, huppelend door het hoge gras: dat beeld vergeet ik nooit.”

Tot die tijd hadden universitair docent Engels Nienke en haar man, arabist Jan Brugman, zich juist verbaasd over de grote verschillen tussen hun tweelingdochters, beiden vernoemd naar een grootmoeder. Baukje was fel en fanatiek en kon alles als eerste; Eefje was meegaander, keek eerst een tijdje toe. „Toen ze op de montessorischool voor het eerst van elkaar gescheiden werden, huilde Eefje een week lang elke ochtend dikke tranen. Baukje paste zich sneller aan.”

Na de geboorte van broertje Jan in 1973 verhuisde het gezin van Wassenaar naar Den Haag: een sprookjeshuis met overal hoekjes en gangen, een schitterende, door vader Jan onderhouden tuin en wanden vol boeken. „Jan was lankmoedig: laat ze maar, dat komt wel goed”, zegt Nienke. „Ik had een wat strengere rol. Er waren regels, maar er mocht veel. Vriendjes en vriendinnetjes kwamen bij voorkeur bij ons, omdat je zo fijn met matrassen van de trappen af kon glijden.”

Terwijl haar zus hard werkte op het gymnasium, had Eefje op het Haags Montessori Lyceum een rustiger, onbezorgder tijd. „Mijn ouders waren eerste generatie-academici, echt inhoudelijk gedreven”, zegt Baukje Brugman. „Eef was daar niet zo van onder de indruk. Ze was slim genoeg, maar ze wilde gewoon een leuke schooltijd, met hockey, toneel en haar eerste serieuze vriendje.” Tijdens hun studie aan de Universiteit van Amsterdam stortten de zussen zich vol in het studentenleven. Baukje studeerde af in de rechten, Eef maakte arbeids- en organisatiepsychologie niet af, tot stomme verbazing van haar ouders. „Ze was bijna klaar, maar ze werkte al”, zegt Baukje. „Ze was al op haar plek.”

Die plek had ze na wat kleine baantjes gevonden bij internetpionier Lost Boys, een Nederlandse start-up waar Eef de schakel vormde tussen klanten en ‘IT-nerds’. Ze werkten zestig uur per week, borrelden en feestten samen.

In 1994 ontmoette ze in het uitgaansleven de man die de liefde van haar leven zou worden: Kees Oostermeijer, acht jaar ouder en sportleraar op de Hogeschool voor Economische Studies. „We kwamen uit heel andere werelden”, vertelt hij. „In het begin was het best lastig om dat bij elkaar te brengen. Maar Eef was trouw, ze gaf nooit op.” In 2001 werd zoon Gijs geboren, zes jaar later volgde dochter Jikke. Oostermeijer: „Eef gaf alles haar volle aandacht, van werk tot vrienden en de kinderen; ik lette op de randvoorwaarden en regelde veel. Dat werkte fantastisch.”

Het clubgevoel van de begindagen van Lost Boys vond Eef in 2003 opnieuw bij restaurant Fifteen, de Amsterdamse franchise van een keten van Jamie Oliver, waar ze kansarme jongeren begeleidde die er een koksopleiding kregen. Op werkreis naar Engeland raakte ze onder de indruk van Olivers methode om kwaliteitsproducten van lokale leveranciers te gebruiken; een vorm van praktisch idealisme die haar zat als gegoten.

In 2010 begon ze – aanvankelijk met een compagnon – de eerste duurzame maaltijdbox van Nederland, de Krat. Oostermeijer: „Ik had zelf eerder een biologische markt opgezet en weet wat ondernemen is. Dit concept viel volledig samen met wie Eef was: zorgzaam, gefocust, goed in mensen verbinden, dol op koken. Dan zet je alles op alles.” Onder haar leiding groeide de Krat van een lokaal naar een landelijk bereik. Eerder dit jaar verscheen Een krat vol recepten, een vuistdik kookboek waarvoor ze alle recepten thuis en in de kantoorkeuken van het inmiddels vijf employés tellende bedrijf ontwikkelde. „Die precisie”, zegt moeder Nienke licht verbaasd. „Ik wist dat ze mijn plezier in koken geërfd had, maar een kookboek schrijven is wel even wat anders.”

Op 6 oktober overleed Eefje Brugman aan de gevolgen van een hersenbloeding. De schok was enorm: voor haar familie, vrienden, buren en haar collega’s bij de Krat, die het bedrijf in haar geest zullen voortzetten.