Columnist Stevo Akkerman krijgt J.L. Heldringprijs

Trouw-columnist Stevo Akkerman heeft zaterdag de J. L. Heldringprijs gekregen, de prijs voor de beste columnist.

Stevo Akkerman won zaterdag de J. L. Heldringprijs, Foto Roos Pierson

Stevo Akkerman, columnist van Trouw, heeft zaterdag op de Nacht van NRC in Rotterdam de J. L. Heldringprijs gekregen. Akkerman, die pas sinds mei vorig jaar zijn column schrijft, haalde in zijn dankwoord zijn eerste column aan, waarin hij zich keerde tegen „het gekakel en gekrakeel van de vrijemeningsuiterij” en een lans brak voor „de keiharde nuance, het onverbiddelijke enerzijds-anderzijds”.

De jury van de columnistenprijs roemt Akkermans „afgewogen analyses van wat politici, partijen en gewone mensen beweegt.” En stelt verder dat de columnist schrijft in de geest van de naamgever van de prijs, in zoverre dat hij analyseren en informeren stelt boven stellige meningen: „Stevo Akkerman biedt ruim baan aan de twijfel in zijn voortreffelijk geschreven columns, juist door de eigen onzekerheid over zijn standpunten niet onder stoelen of banken te steken.”

Akkerman in een reactie: „Als dat in de geest van Heldring is, dan kan ik me daar in vinden. Het past toevallig bij mijn persoonlijkheid. Er wordt in het publieke debat zoveel geschreeuwd en zo weinig geluisterd en gedacht.” Een verschil met Heldring: „Ik sta op pagina twee, dus ik moet wel de actualiteit begeleiden, maar ik kan ook schrijven over mijn moeder die in een verzorgingshuis zit. Soms raakt het persoonlijke het maatschappelijke. Zo’n persoonlijk verhaal zou Heldring nooit schrijven.”

Akkerman (Den Helder, 1963) begon zijn loopbaan in 1985 bij dagblad Het Binnenhof en werd daarna verslaggever voor de Persunie. Hierna was hij correspondent in Praag voor de radio en regionale kranten. Hij werkte op de buitenlandredactie van Het Parool en Trouw. Hij schreef drie romans en een journalistiek boek. In 2013 verscheen zijn bekroonde roman Donderdagmiddagdochter, over het verliezen van zijn kind. Nu werkt hij voor de redactie religie en filosofie. Sinds anderhalf jaar is hij vaste columnist.

Weggedreven van de kerk

Van huis uit is Akkerman gereformeerd vrijgemaakt, maar hij is van de kerk „weggedreven”. Hij noemt zich nu „min of meer gelovig, waarbij twijfel even belangrijk is als geloof.” Een houding die volgens hem veel Trouwlezers kenmerkt. Ook in zijn columns komt zijn geloof terug. „Ik vind dat er te weinig oog is voor het geloof. Sinds de secularisatie is er enige verlegenheid ontstaan over gelovig zijn.”

Lees ook over de winnaar van vorig jaar: Marja Pruis

Als voorbeeld van Akkermans „relativering van alles wat heilig is”, noemt de jury zijn „hekeling van de exploitatie van God als duizenddingendoekje”: „Juist door zijn onnadrukkelijkheid ontmaskert hij des te overtuigender het gescherm van politici met de beweerde joods-christelijke grondslagen van onze samenleving.” Akkerman licht toe: „Voor christenen is dat gedram over de ‘joods-christelijke traditie’ ergerlijk. Het wordt dan ook ingebracht door mensen die joods noch christelijk zijn. Dat iets een traditie zou zijn, zegt trouwens niets. Er zijn ook tradities die helemaal niet zo positief zijn. Voor mij betekent christelijkheid eerder: naastenliefde en een hart voor buitenstaanders.”