Column

De Dijk forever!

Amsterdam is hard toe aan een tweede profclub – je hoeft echt geen geharnaste voetballiefhebber te zijn om dat te beseffen. Daarom was het zo goed dat ASV De Dijk woensdag tegen Ajax mocht spelen in het bekertoernooi: het Amsterdamse onderonsje kreeg een lawine aan publiciteit en uit alles kon je het verlangen proeven naar een tweede club in 020. Er zou een reinigende werking vanuit kunnen gaan. Als de droom van ASV De Dijk uitkomt, en de amateurs uit Noord over enige tijd een proflicentie krijgen, hoeft de stad zich niet langer één op één te associëren met Ajax. Daar kleven qua uitstraling grote voordelen aan.

Kan Rotterdam behalve op de volksclub Feyenoord ook nog op de wat nettere profclubs Sparta en Excelsior bogen, het image van Amsterdam rust nu onevenredig veel op de Ajax-adjectieven poenerig en arrogant. ASV De Dijk moet daarom alles worden wat Ajax niet is en wat dat betreft gaf de bekerwedstrijd een leuk voorproefje.

Uiteraard verloren de amateurs kansloos met 4-1, maar de winst is dat hele volksstammen nu weten dat De Dijk omhoog wil – en vooral hoe ze dat wil, door klein en rauw en van het volk te zijn. Een gewonemensenclub in Noord, ja toch? Alleen al de Grote Leider Heino Braspenning, bijgenaamd de Abramovich van Noord, is van een gewoonheid die je nog maar zelden aantreft. Een succesvolle haventycoon met Amsterdamse tongval en verdachtmakingen van zwart geld: precies wat profvoetbal vroeger zo leuk maakte. Ook rond Ajax hing in de goede oude tijd een geur van dubieuze financiën dankzij lokale ondernemers met een rood-wit hart. Havenondernemer Braspenning is er zelfs al van verdacht drúgsgelden in de kleedkamer uit te delen, kortom, het wordt voetbalromantiek van het zuiverste water. Bij de beursgenoteerde, transparante Ajax NV kunnen we dat al lang vergeten.

Het moet rommelen in Noord, al zal het clubje zeker weg moeten van de logistiek onhandige locatie bij de Schellingwouderdijk. Liefst strijkt het neer in een woonwijk, zodat je vanaf het veld de rode daken van de gewone mensen in Noord kan zien. Onder de schelle klanken van Binnen zonder kloppen van De Dijk zullen de local heroes het gras op lopen – écht gras natuurlijk, liefst hobbelig – en het publiek zal de tegenstander de ergste beledigingen naar het hoofd slingeren. Net als woensdag zullen de kinderen na afloop naar aloud gebruik bezit van het veld nemen.

Ontzettend volks zal het toegaan in het stadionnetje zonder dak en zonder skyboxen en met uitsluitend bier en worst in de kantine. Ik kan niet wachten. In 2020 neem ik de metro naar Noord om me anderhalf uur kostelijk te vermaken bij De Dijk-Telstar.

Ajax gaat gebukt onder een roemrijk verleden, De Dijk heeft geen verleden. De club is enkele jaren geleden ontstaan door een fusie van twee amateurverenigingen, zodat roerganger Braspenning er heel zijn plat-Amsterdamse gogme in kan stoppen. Van mij mag ie.