Na twee maanden vroeg de kok ineens om zijn salaris

Deze rubriek belicht elke woensdag kwesties uit het bedrijfsleven waarover de rechter zich onlangs uitsprak. Deze week: arbeidsrecht

Foto iStock

Het was de kok te veel geworden. Drie weken nadat zijn vrouw plotseling was overleden, had hij gezegd dat hij het niet meer deed, dat koken. Dat hij van plan was om naar Spanje te verhuizen. Hij had zijn spullen gepakt – zijn kombuis, zijn messen en zijn printer – en was vertrokken.

Ook toen de restauranteigenaar hem de volgende dag opzocht, bleef hij bij zijn besluit. Hij leverde de sleutels in en daarmee was de zaak afgedaan. Dacht de eigenaar.

Totdat hij ruim twee maanden later een brief kreeg, waarin de kok aanspraak maakte op zijn salaris. Hij zou nooit ontslag hebben genomen, maar zich na het overlijden van zijn vrouw alleen ziek hebben gemeld.

Voor de rechtbank Zeeland-West-Brabant stelt de kok dat de eigenaar gezien zijn situatie niet zomaar ervan uit had mogen gaan dat hij ontslag nam. Hij had door moeten vragen, toen hij zei dat hij rust nodig had. Volgens de eigenaar (en getuigen) was duidelijk dat de man ontslag had genomen en dat zijn besluit vaststond. Een paar weken na zijn vertrek was hij nog in het restaurant komen eten en had hij betaald als een gewone klant. Over zijn ziekte of mogelijke reïntegratie was niet gesproken.

Het gerechtshof Den Bosch erkent dat er een ondubbelzinnige verklaring van de werknemer nodig is om een arbeidsovereenkomst op te zeggen en dat de werkgever dit bij twijfel moet onderzoeken. Maar omdat de kok zijn spullen had gepakt, bleef herhalen dat hij geen zin meer had om te werken, zijn sleutels had ingeleverd en pas na ruim twee maanden vroeg om zijn salaris, geeft het Hof de eigenaar gelijk. Het ontslag van de kok staat vast.

Uitspraak: ECLI:NL:GHSHE:2017:4203