Rechters oneens over berechting afwezige jihadisten

Twee jihadisten mogen bij verstek worden berecht, vindt Rotterdamse rechter. Een andere Rotterdamse rechter oordeelde eerder dit jaar dat dit bij tien andere jihadgangers niet kon.

Foto Lex van Lieshout/ANP

Twee jihadisten die vermoedelijk nog in Syrië verblijven, mogen worden berecht. Dat heeft de Rotterdamse rechter dinsdag besloten. De uitspraak is opvallend. Een andere Rotterdamse rechter schoof eerder dit jaar een proces tegen tien jihadgangers op de lange baan, omdat het recht om hun proces bij te wonen zwaar weegt.

Het Openbaar Ministerie kon zich daar niet in vinden. De uitspraak stond haaks op meer dan honderd vergelijkbare zaken in Nederland, België en Frankrijk waarbij jihadgangers bij verstek zijn veroordeeld. ,,Hoe kan het nu toch dat de beslissingen van een andere kamer van deze rechtbank zo zeer afwijken van honderden beslissingen van tientallen rechters in binnen- en buitenland?”, vroeg de officier van justitie zich dinsdag af tijdens de zitting.

Het OM heeft geprobeerd de twee jihadisten op de hoogte te stellen van hun proces door onder meer de dagvaarding aan hun moeders te verstrekken. Beide verdachten hadden nog regelmatig contact met hun moeder. Onduidelijk is gebleven of de verdachten de dagvaarding daadwerkelijk hebben gezien. Waar een Rotterdamse rechter dit eerder niet voldoende vond om al te beginnen met de rechtszaak, vindt de nieuwe rechtbank dat het proces wél kan starten.

De twee jihadisten die nu berecht zullen worden, zijn de Rotterdammers Houssaine Z. en Saad C. Zij zouden naar Syrië zijn vertrokken met hun vriend Mohamed R., die begin dit jaar als enige terugkeerde. De zaken tegen de drie zullen in februari gezamenlijk worden behandeld. Het OM heeft al eerder laten weten dat zij zoveel mogelijk jihadisten bij verstek wil laten berechten, zodat zij bij terugkomst meteen hun straf kunnen uitzitten.