Bij welke temperatuur stopt een vlieg met vliegen?

Wekelijks zoekt de redactie wetenschap het antwoord op een veelgestelde vraag. Deze week: bij welke koude verdwijnen spinnen en insecten?

Foto iStock

Terwijl het buiten al best fris was, verscheen er half oktober een kruisspin in de hoek van het raam, bij de tuin aan de straatkant. Ze spon haar web. Rustig, spaak na spaak, wiel na wiel. Een vraag kwam opzetten. Spinnen zijn koudbloedig, en voor hun activiteit afhankelijk van de buitentemperatuur. Hoe koud moet het worden voordat de kruisspin stopt met spinnen? Wanneer stopt de bromvlieg met brommen? En andere insecten?

„Van spinnen weet ik het niet, maar van sommige fruitvliegen wel”, zegt evolutiebioloog Gerdien de Jong van de Universiteit Utrecht. De soort Drosophila melanogaster, met een licht lijf en rode facetogen, vertoont activiteit boven 12 °C. Maar Drosophila obscura, die donkerder is, kan nog tot 7 °C, zegt De Jong. Kortom, er is de nodige variatie. Logisch ook, gezien de enorme rijkdom aan insecten, en niches die ze bezetten. Later stuurt De Jong nog een e-mail. Ze heeft het even nagezocht voor bromvliegen. Voor de soorten Calliphora vomitaria (de blauwe bromvlieg) en Calliphora vicina (de roodwangbromvlieg) is de ondergrens ook 12 tot 13 °C.

„Je stelt eigenlijk de verkeerde vraag”, zegt Marcel Dicke, hoogleraar entomologie aan de Wageningen Universiteit. Voorbereidingen voor de winter treffen insecten in gematigde gebieden niet op basis van de temperatuur, maar van daglengte. „Dat is een betrouwbaarder signaal”, zegt Dicke. Sommige soorten, zegt hij, registreren daarvoor veranderingen in de duur van dag en nacht. Andere soorten gaan af op het verschil tussen de temperatuur ’s nachts en overdag. Weer andere soorten kunnen beide. „En als het vóór die tijd een keer heel koud wordt, treedt Darwin keihard in werking. Als je daar als individu niet op bent aangepast, verdwijn je.”

Speciale staat

In gematigde gebieden overleven insecten de winter vaak in een speciale staat, een soort winterslaap: de diapauze. „Sommige insecten overwinteren als ei, sommige als pop, andere als volwassene”, zegt Dicke. Ook hier weer een grote variatie. Om bestand te zijn tegen de kou maken insecten vaak speciale moleculen aan, zoals glycerol en trehalose. Die verlagen het vriespunt van water en bloed, zodat zich niet zo snel kristallen vormen die de cellen beschadigen.

„Bromvliegen overleven de winter meestal als pop”, schrijft entomoloog Peter van Helsdingen van Naturalis Biodiversity Center in Leiden in een e-mail. „Van te voren heeft de vliegenlarve zich volgevreten aan allerlei halfvergane en rottende substanties, meest van kadavertjes van overleden zoogdieren en vogels.” Na de winter kruipt uit de pop een volwassen vlieg, die eitjes legt voor een nieuwe generatie.

„Kruisspinnen daarentegen overwinteren in het ei-stadium”, schrijft Van Helsdingen. Het zijn vrouwtjes, die je nu overal ziet – na een tiental vervellingen in de voorgaande maanden zijn ze tot hun huidige, in het oog springende formaat gegroeid. De mannetjes zijn inmiddels verdwenen, na de paring doodgegaan. De vrouwtjes moeten nog flink voedsel vergaren om eieren te kunnen maken, legt Van Helsdingen uit. „Ze worden in deze tijd steeds dikker en zwaarder.” Op een gegeven moment verdwijnen ze ergens in een verborgen hoekje om hun eieren in een spinsel te verpakken en te verstoppen. „Soms komen ze daarna terug om nog meer te eten voor een tweede legsel.” Of dat lukt hangt af van het weer en de aanwezigheid van insecten. „In de winter gaan ze allemaal dood.”

Peter Koomen, spinnendeskundige bij natuurmuseum Leeuwarden voegt eraan toe dat hij uit de literatuur geen ondergrens kent waarbij de kruisspin het begeeft. „Ja, als het vriest. Maar zover laat-ie het meestal niet komen. Als het kouder wordt zoeken ze vaak nog een warmer plekje op als dat kan – regelmatig trekken ze woningen binnen.”