VS zijn nog niet af van Russische trollen

Inmenging in Verkiezingscampagne

De Russische pogingen om Donald Trumps campagne te helpen via sociale media blijven de VS bezighouden. Congresleden willen actie.

President Trump sprak zaterdag per videoverbinding een benefietconcert in Texas voor orkaanslachtoffers toe. Foto Richard Carson/Reuters

Iedereen die de Amerikaanse presidentsverkiezingen van vorig jaar op Twitter volgde, kende het Twitteraccount @Ten_GOP. Het account, dat ruim 100.000 volgers had, werd beheerd door de regionale afdeling van de Republikeinen in de staat Tennessee. Het ging over Hillary Clinton, de media of vermeende stembusfraude.

Tweets werden duizenden keren geretweet, onder meer door Donald Trump jr. en Trumps adviseur Kellyanne Conway. „Duizenden deplorabelen scanderen tegen de media: ‘Vertel de waarheid!’ Retweet als je ook helemaal klaar bent met de bevooroordeelde media!” Maar de invloed reikte verder. @Ten_GOP werd geciteerd door Russische media, Fox News en complottensite Infowars. Het account verspreidde nieuws over gelekte e-mails van de Democratische Partij, die gepubliceerd werden door WikiLeaks.

Een paar maanden geleden verdween @Ten_GOP plotseling. The Daily Beast onthulde vorige week waarom: het account had niets met een regionale partijafdeling te maken, maar werd beheerd door Russische internettrollen. Het bedrijf Internet research Agency uit St. Petersburg zat achter de tweets, met als kennelijk doel het dagelijkse gesprek over Trump te beïnvloeden. In augustus sloot Twitter @Ten_GOP, net als ruim tweehonderd andere verdachte accounts. Maar toen waren de verkiezingen al negen maanden voorbij.

Steeds meer details komen naar buiten over de Russische beïnvloeding van de Amerikaanse presidentsverkiezingen. Internettrollen gebruikten sociale media op veel grotere schaal dan tot nu toe bekend was. Eerder deze maand overhandigde Facebook een overzicht van 3.000 advertenties aan het Congres. Die advertenties waren volgens Facebook gekocht en verspreid door internettrollen.

Hetzelfde gebeurde op Google, de grootste online advertentiemarkt ter wereld, volgens een intern onderzoek van het bedrijf. Russische functionarissen zouden advertenties hebben gekocht die probeerden tweespalt te zaaien in Amerika. Gekochte posts deden het voorkomen alsof ze waren geschreven door moslims, of Black Lives Matter-activisten.

Op YouTube werden, in Russische opdracht, filmpjes gepubliceerd met een vergelijkbaar doel. Zo waren er de nogal amateuristische vloggers ‘Williams’ en ‘Kalvin’, die de zwarte gemeenschap in Amerika toespraken. Ze noemden Hillary Clinton „een van de slechtste kandidaten ooit”. „Alles wat ze wil is macht. Ze neemt het op voor de moslim [sic].” Deze filmpjes waren gemiddeld met enkele honderden kijkers aanmerkelijk minder succesvol dan de campagnes op Facebook, waar zeker tien miljoen Amerikanen bereikt werden.

Niet na te gaan is of deze Russische inmenging een beslissende rol heeft gespeeld in de verkiezingen. De meeste Facebook-advertenties waren, zo meldde CNN, speciaal gericht op de zogeheten swing states, waar Trump en Clinton elkaar weinig ontliepen. Trump won nipt in de staten Wisconsin, Michigan en Pennsylvania, waar de advertenties getoond werden. Twee commissies in het Congres en speciaal onderzoek van Robert Mueller speuren na in hoeverre deze sociale media-campagne de verkiezingen hebben beïnvloed.

Maar die onderzoeken zullen nog maanden op zich laten wachten. En vooral Democraten zijn bezorgd over de tussentijdse Congresverkiezingen van november 2018. Met steun van de Republikein John McCain hebben twee Democratische senatoren een wetsvoorstel ingediend, waarin ze tech-bedrijven onder meer willen dwingen openbaar te maken welke organisaties voor meer dan 500 dollar aan advertenties inkopen. „Onze volgende verkiezing is over 383 dagen”, zei senator Amy Klobuchar. „Rusland zal blijven proberen ons land uit elkaar te spelen.”

Maar de tech-sector heeft weinig zin in grootschalige politieke bemoeienis met de snel groeiende online adverteerdersmarkt. Facebook besteedde in 2016 ruim 5,5 miljoen dollar aan lobbywerk in Washington, Google zelfs ruim negen miljoen. Hoewel de bedrijven zeggen graag met het Congres samen te werken om herhaling te voorkomen, en ze zelf vergelijkbare maatregelen hebben aangekondigd, lobbyen ze vooral voor zo min mogelijk regels.

Volgende week, op 1 november, moeten de bedrijven zich in het Huis van Afgevaardigden verantwoorden over de kwestie.

Ze krijgen daarbij medewerking van het Witte Huis, dat poogt de rol van Russische trollen zo klein mogelijk te maken. President Trump vindt dat de nadruk op Russische inmenging afbreuk doet aan zijn verkiezingszege. CIA-directeur Mike Pompeo, een bondgenoot van Trump, zei vorige week op een bijeenkomst in Washington: „De inlichtingendiensten denken dat de Russische betrokkenheid de uitkomst van de verkiezingen niet heeft beïnvloed.” Korte tijd later werd die verklaring weer ingetrokken, maar de boodschap was duidelijk: Trump heeft geen zin ‘Rusland’ weer op te rakelen.