Commentaar

Aan een Huis voor Valse Verwachtingen bestaat geen behoefte

Na ruim een jaar blijkt het zogeheten Huis voor Klokkenluiders in Utrecht in een diepe bestaanscrisis verzeild. De gedachte achter de instelling was dat zij werknemers beschermt die een maatschappelijke misstand in de eigen organisatie aanhangig willen maken. De instelling combineert de functies van inspectie annex rechtshulpverlener. Het Huis beschikt over strikt gescheiden afdelingen advies en onderzoek. Een curieuze combinatie, schreef NRC bij aanvang van de instelling, waarvan nog moest blijken of dat zou gaan werken. Nu is duidelijk geworden dat dit nog niet het geval is. Maar om een andere reden dan destijds werd verwacht.

Van de ruim achthonderd meldingen van misstanden die het afgelopen jaar binnenkwamen, bleken er ongeveer dertig „onderzoekswaardig”. Maar inmiddels is de helft daarvan alweer niet ontvankelijk verklaard op formele gronden, zo berichtte NRC afgelopen week.

In zestien maanden tijd is niet één zaak afgerond. Uit frustratie over deze gang van zaken is bestuursvoorzitter Paul Loven nu opgestapt. Een onderzoek moet uitmaken waar het is misgegaan. En wat er nodig is om het instituut aan de praat te krijgen.

Voor de betrokken klokkenluiders is het falen van de organisatie een nieuwe tegenslag. Zeker waar het gaat om werknemers die hun eigen werkgelegenheid in de waagschaal stellen voor het algemeen belang. Een snelle politieke interventie is in dit geval dan ook geboden.

Gebleken is dat tussen de vijf bestuursleden onenigheid bestaat over hoe om te gaan met meldingen van klokkenluiders. En volgens een woordvoerder kan de bestuursvoorzitter op basis van de huidige wet „zijn verbindende rol als voorzitter niet invullen”. Duidelijk moet worden of het hier gaat om problemen in de personele samenstelling van het bestuur.

Eerder waren er al grote interne spanningen omdat een medewerker van de AIVD gedetacheerd bleek bij het Huis voor de Klokkenluiders. Maar mogelijk gaat het inderdaad om feilen in de wet. Als die eerst moeten worden gerepareerd voordat het Huis kan doen waarvoor het is bedoeld, is het ook zaak dit snel te doen. Daarover moet het nu in gang gezette onderzoek uitsluitsel geven.

Mogelijk moet ook opnieuw gekeken worden naar het hybride karakter van deze nieuwe institutie. De toegevoegde waarde van het Huis is nog steeds niet gebleken. De politiek had destijds hooggespannen verwachtingen. De Eerste Kamer stemde unaniem voor de initiatiefwet uit de Tweede Kamer. Maar de vraag is nog steeds of het Huis de meest geëigende manier is om de bedoelde misstanden te bestrijden. Kennelijk is de praktijk weerbarstiger dan het bevlogen ideaal. Als dat zo is, moet ook dat onder ogen worden gezien. Bij het wekken van valse verwachtingen is niemand gebaat.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.