Feyenoord: gedachteloos, futloos en o zo breekbaar

Klassieker

2017 bracht Feyenoord veel, maar die ene obsessie blijft voortbestaan: Ajax regelmatig verslaan. De 1-4 in de Kuip voelt als een mokerslag. „Misschien heb ik het team niet goed voorbereid.”

Tonny Vilhena kan na de smadelijke nederlaag tegen Ajax wel onder de grond kruipen van ellende. Foto Olaf Kraak/ANP

Het is een macabere stilte die intreedt na de goals in de Kuip. Het is een soort collectieve rouw die zich voltrekt, die stilte, alsof je bij een begrafenisdienst zit. De opmaat naar de goals, geluidloos. De versteende blikken op de tribune, als de bal in het net ligt. De tegenzin in de stem bij stadionspeaker Peter Houtman, bij het omroepen van de doelpuntenmakers.

Vier tegengoals, precies voor de meest fanatieke Feyenoord-aanhang. Recht in het hart. Ajax-spelers die niet weten naar welke kant ze moeten lopen om te juichen, verweesd zonder steun. Stilte, ook bij hen, zo zonder uitfans – al sinds 2009 geldt het verbod, na ernstige ongeregeldheden.

Zie de uitdrukkingsloze gezichten van Kasper Dolberg en David Neres. Doelpunten zonder jubel, alsof ze niet gevallen zijn. Die stilte. „Geweldig”, zegt Klaas-Jan Huntelaar, verantwoordelijk voor de openingsgoal. De Kuip stil spelen, het ultieme voor een Ajacied.

‘Schaam je kapot’ klinkt weer

De hoogmis van het seizoen, Feyenoord-Ajax – het scorebord vermeldt na 93 minuten voetbal 1-4. De stilte wordt in de laatste minuten doorbroken door het ‘schaam je kapot’, wat februari vorig jaar voor het laatst klonk bij Feyenoord, tijdens de reeks van zeven nederlagen. Spelers duiken de spelerstunnel in – de ene partij heeft niks te vieren, de ander heeft niemand om het mee te vieren.

Feyenoord is terug bij af, vijf maanden na de vreugde-uitbarsting volgend op het kampioenschap. Onherkenbaar is dit team, zo breekbaar, zo futloos, zo gedachteloos. Powervoetbal is ‘terugspeelballenvoetbal’ geworden. Angstig, zonder lef, zonder ideeën, zonder diepte.

De implosie van Feyenoord heeft zich in zo’n vijf weken tijd voltrokken. 13 september kopte Voetbal International nog op de cover, kort voor de eerste topper van het seizoen: Feyenoord is PSV voorbij. Tussen haakjes stond er: op alle fronten. Het leek een gerechtvaardigde opvatting, die dagen. Feyenoord had het prima op de rit, waar Ajax en PSV haperden, met Europese uitschakeling tot gevolg.

Dagkoersen in het voetbal zijn moeilijk te voorspellen. Acht punten bedraagt de achterstand nu op koploper PSV, met nog driekwart van de competitie te gaan. Zes nederlagen in de laatste negen duels. Feyenoord is weer ouderwets achtervolger. De analyse van het verval is niet zo ingewikkeld. Zoek het in de optelsom.

De blessure van spits Nicolai Jørgensen (inmiddels weer terug) waardoor wekenlang zekerheden in het aanvalsspel ontbraken, het verdedigingscentrum met Eric Botteghin en Jan-Arie van der Heijden dat langere tijd is uitgeschakeld en drie nederlagen in de Champions League die het gemoed geen goed doen.

Tegen de wind in

„Er heeft ooit een groot coach tegen mij gezegd: ‘Als je vol emotie zit, kun je beter niet praten.’ Dat lijkt mij vandaag ook het beste”, zegt Feyenoord-coach Giovanni van Bronckhorst bij Fox Sports-interviewer Hans Kraay junior. Wie die coach was, wil Van Bronckhorst niet zeggen. Hij spreekt van een „enorme mokerslag”.

Feyenoord, tegen de wind in spelend in de eerste helft, lijkt niet vooruit te komen. De bottleneck is de defensie, met het centrale duo Kevin Diks en Jeremiah St. Juste. Weer een tikkie breed, of nog eens een tikke terug op doelman Brad Jones. „We hadden niet de durf om van achteruit de vrije man te vinden”, zegt Van Bronckhorst. Bij ieder balbezit van Diks voel je de ingehouden adem op de tribunes. Hij zal hem toch niet verspelen, of bij een tegenstander in de voeten schuiven?

Schlemiel

Maar de schlemiel wordt gelegenheidsrechtsback Sofyan Amrabat, die bij het uitverdedigen de bal knullig verspeelt, Ajax straft direct af: hard, hoog, Huntelaar. Het is het meest vermakelijke kwartiertje, kort na rust. Feyenoord heeft even het momentum. Jørgensen mist een strafschop, Jens Toornstra poeiert kort erop de 1-1 binnen, gevolgd door grote kansen voor Jørgensen (tegen de teen van keeper Andre Onana) en Tonny Vilhena die in het zijnet ramt.

Dan wordt het verschil in klasse benadrukt. Waar Ajax Kasper Dolberg inbrengt, moet even later bij Feyenoord de verguisde pinchhitter Michiel Kramer voor goals zorgen. Feyenoord dondert in elkaar, het middenveld gaat verloren. Ajax loopt door Dolberg (twee keer) en mede-invaller Siem de Jong uit naar een ietwat geflatteerde 1-4. Met een eervolle vermelding voor de Braziliaanse pingelaar David Neres met drie assists.

„Ajax was gewoon beter, simpeler is het niet”, zegt Feyenoord-aanvaller Steven Berghuis. „Wij waren meer hard aan het werk en het ploeteren, zij waren wat rustiger daarin.”

Best was het niet, deze Klassieker. Als je het decor wegdenkt blijft er weinig over. „Ik denk dat ik geen drie, vier passes na elkaar heb gezien”, zegt oud-Feyenoorder Jan Boskamp in de rust in de persruimte. Het is ruw, ongepolijst, druistig, opgefokt, nerveus, rommelig – ja armoedig, al is de tweede helft attractiever.

Het is de eredivisiewedstrijd met de meeste overtredingen (38) en de laagste passnauwkeurigheid dit seizoen (67,5 procent), meldt databureau Opta Sports. Dat zat hem ook in de intensiteit. Sierlijke, aanvallende spelers als Ziyech, Huntelaar, Jørgensen, Neres – ze kregen allemaal geel. Het geeft te denken.

Het is ongeveer duidelijk wat er door Van Bronckhorst is gezegd in de kleedkamer van Feyenord, na afloop. Iets met naar jezelf kijken in de spiegel, en of je er alles aan doet om het maximale eruit te halen. Hij doet het zelf ook, hij verwijt zichzelf ook het een en ander. „Misschien heb ik het team niet goed voorbereid.”

Ach, Feyenoord, 2017 bracht veel. Er is afgerekend met fixatie op de vele jaren zonder titel. Maar die andere obsessie van deze eeuw blijft voortbestaan: Ajax regelmatig verslaan.

Stille maanden wachten, in de achtervolging.