Defensie vervangt wapens na inspectie

De krijgsmacht heeft een schietverbod voor bepaalde typen mortieren, antitankwapens en rookgranaten tot die zijn vervangen.

Toenmalig minister van Defensie Jeanine Hennis tijdens een bezoek aan de Nederlandse missie in Mali. Foto Evert-Jan Daniels / ANP

De Nederlandse krijgsmacht heeft in Mali een schietverbod opgelegd gekregen voor meerdere wapens die na inspecties ondeugdelijk bleken. Dat heeft het ministerie van Defensie laten weten in een brief aan de Tweede Kamer. Het gaat om mortieren, antitankwapens en rookgranaten die worden gebruikt in Mali.

Onder meer het LAW-antitankwapen, dat van de schouder afgevuurd wordt, mag voorlopig niet worden gebruikt. Mogelijk hebben dat wapen en rookgranaten te lijden onder de hoge temperaturen in het missiegebied. Eerder bleken 60 mm-mortieren niet veilig omdat ze waren opgeslagen in een container waar de temperatuur tot 63 graden werd, terwijl de munitie maximaal aan 50 graden mocht worden blootgesteld.

De afgekeurde voorraden worden niet gebruikt voor die vervangen zijn door nieuwe munitie, die door inspecteurs is goedgekeurd. Alle Nederlandse militaire missies werden onderzocht, maar enkel in Mali werden afwijkingen geconstateerd.

Mortierwapen

Tevens is per 13 oktober een schietverbod uitgevaardigd voor 81 mm-mortieren, die bij missies in Mali en Litouwen worden gebruikt. Met de munitie zelf is niets mis, maar de prestaties van het wapen bleken volgens Defensie af te wijken van de standaard.

De mortieren worden door militairen in een buis gedropt, waarna ze worden afgevuurd. Bij inspectie werd bij deze handeling drukverlies geconstateerd, wat een veiligheidsrisico kan opleveren. De wapens zullen worden vervangen.

Defensie benadrukt dat “de veiligheid van de Nederlandse militairen niet in het geding is geweest”.

Mortierongeluk

Vorig jaar werd het gebruik van de 60 mm-mortiergranaten opgeschort, nadat bij een ongeluk tijdens een training met dit wapen twee militairen om het leven kwamen en een ander zwaargewond raakte. Later constateerde de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) dat de veiligheid van de granaten en medische hulp niet op orde waren. Hierdoor stapten minister van Defensie Jeanine Hennis (VVD) en Commandant der Strijdkrachten Tom Middendorp op.

Na het kritische OVV-rapport werd in september de Nederlandse bijdrage aan de Minusma-missie in Mali tijdelijk opgeschort. De circa 290 militairen zijn sinds zaterdag weer aan de slag gegaan.