Nol Hendriks: Handelen in spijkerbroeken en spelers

Nol Hendriks 1937-2017

De suikeroom van Roda JC, overleed zaterdag. De textielhandelaar voorzag dat een plek in de subtop zonder clubfusie op termijn onhaalbaar was.

Nol Hendriks bij een wedstrijd van Roda, in 2013. Willem Vernes

„Ik heb niet eens een zwemdiploma”, vertelde Arnold ‘Nol’ Hendriks tijdens een interview dat hij in 1987 bij zijn vijftigste verjaardag gaf aan Het Limburgs Dagblad. Wat hij wel was? Een in de praktijk gevormde hogeschoolhandelaar, gehaaid tot en met. Van geld wilde hij altijd meer geld maken: uit eerzucht, niet per se uit hebzucht.

De in Renkum geboren Hendriks verhuisde tijdens de Tweede Wereldoorlog naar Limburg, waar zijn vader mijnwerker werd. Nol bleek een verkoper. Vanaf zijn veertiende ging hij langs de deur met groente, fruit en leesportefeuilles. Later begon hij voor zichzelf en schopte het tot multimiljonair, eerst met kousen en later met textiel.

Zakelijk instinct

Met hetzelfde zakelijk instinct begon Hendriks zich in 1981 actief met Roda JC te bemoeien. Zonder bestuursfuncties had de suikeroom toch een grote stem in het beleid van de club. „Roda JC heeft zich verkocht aan Nol Hendriks en dat is gevaarlijk”, waarschuwde trainer Rob Baan, nadat hij in 1988 aan de kant was gezet ten gunste van de door Hendriks gewenste Jan Reker. Maar met die nieuwkomer en opvolgers als Huub Stevens en Sef Vergoossen schopte de club het wel tot subtopper in de eredivisie en werd tot twee keer toe de KNVB-beker gewonnen.

Hendriks investeerde persoonlijk in bepalende spelers als Martin van Geel, Eric van der Luer, de Nigeriaan Tijjani Babangida en de Griek Yannis Anastasiou en verkocht hen en vele anderen met winst. Vergoossen, coach van Roda in de periode 1998-2001 en daarna bevriend gebleven met Hendriks: „Uiteindelijk had hij meer verstand van voetballers dan van voetbal. Hij zag hun kwaliteiten en wat er extra uit viel te halen.”

Gloriejaren

In die gloriejaren speelde Roda ook geregeld Europees voetbal. Sportief hoogtepunt was de 0-1 tegen het grote AC Milan in San Siro in 2002.

Soms kwam Hendriks’ bedrijf ook op andere manieren van pas. In 1988 staken de shirts van de Ierse scheidsrechter en zijn grensrechters onvoldoende af tegen de donkere outfits van de Portugese tegenstander, Vitória Guimarães. Hendriks haalde uit het magazijn lichtblauwe shirts en liet daar de UEFA-embleems opnaaien.

Met zijn reguliere handelswaar sloeg hij iets later bijna zijn allergrootste slag op transfergebied. Tijdens een uitduel met CSKA Sofia viel het oog van de suikeroom op de in het Westen nog onbekende Hristo Stoitsjkov. De textielhandelaar maakte een principedeal: voor ongeveer honderdduizend gulden en tienduizend spijkerbroeken zou de spits naar Kerkrade komen. Maar tijdens het daaropvolgende thuisduel gingen de Bulgaren door na strafschoppen. Sofia lootte in de volgende ronde FC Barcelona en Stoitsjkov verkaste naar Catalonië.

Kogelvrij vest

Hendriks droomde toen al van één club in het diepe zuiden van Nederland. Dat bood perspectieven op structureel meedraaien in de top van de eredivisie en „ieder jaar Europees voetbal in Zuid-Limburg”. In 2002 kwam het tot gesprekken met Fortuna Sittard en MVV. Hendriks probeerde het in het stadion uit te leggen aan supporters. Er waren inmiddels zoveel bedreigingen binnengekomen dat hij op advies van de politie een kogelvrij vest had aangetrokken.

In 2009 zou de emotie het nog eens winnen van de ratio tijdens de discussie over Sporting Limburg, een samengaan van Roda en Fortuna. De relatie tussen Hendriks en de club uit Kerkrade was toen al zo’n drie jaar bekoeld. Bij tijd en wijle schermde hij nog met beloftes om opnieuw geld te steken in de eredivisionist, maar altijd op zijn voorwaarden.

Dat ging niet meer. Voorzitter Theo Pickée, met wie Hendriks een klik had, was in 2003 al overleden. Clubs waren bureaucratische molochen geworden met besturen, directies en raden van commissarissen. Vergoossen: „Nol was een gevoels- en familiemens, die ook zakelijk graag iets van die intimiteit en korte lijnen terugvond. Op een zeker moment bestond dat niet meer en werd over alles lang vergaderd.”

Schemerzone

Later kondigden zich wel nieuwe redders van Roda aan: Frits Schrouff, groot geworden in de handel in Aziatische voedselproducten en net als Hendriks een man van de regio, en recenter de Zwitsers-Russische zakenman Aleksei Korataev, inmiddels verwikkeld in een strafzaak in de Verenigde Arabische Emiraten. Zij hebben de club voorlopig niet uit de schemerzone tussen eredivisie en eerste divisie kunnen halen, laat staan naar het niveau getild uit de hoogtijdagen van de suikeroom aller suikerooms: Hendriks.

Bij die bepalende rol voor Roda – en „breder voor het Limburgse voetbal” – past volgens Vergoossen een blijvend eerbetoon. „Een standbeeld zou mooi zijn.”