Column

Zo corrigeer je iemand op positieve wijze

Column Ben Tiggelaar Hoe corrigeer je collega’s vriendelijk én opbouwend, vraagt Ben Tiggelaar zich deze week af.

De afgelopen maanden was ik bij verschillende conferenties, seminars en colleges waar ‘positief leiderschap’ centraal stond. Telkens kwam dezelfde vraag voorbij: hoe corrigeer je collega’s als je vriendelijk en opbouwend wilt leidinggeven?

Dit zijn de zeven beste antwoorden die ik noteerde.

  1. Stel heldere doelen en zorg dat iedereen ze kent

    Vertaal langetermijndoelen bijvoorbeeld naar concrete wekelijkse acties. Nog beter: vraag medewerkers om dit zelf te doen. Zonder duidelijke doelen is het lastig corrigeren. Met zelf geformuleerde actiepunten is bijsturen vaak helemaal niet nodig.

  2. Organiseer de terugkoppeling vooraf

    Bespreek met medewerkers op welke momenten en op welke wijze je complimenten zult geven en ook hoe je zult bijsturen. Tip: wacht niet te lang, maar doe het frequent, zodat je in de regel over kleine problemen en kleine correcties spreekt met elkaar. Zo maak je de drempel om bij te sturen een stuk lager.

  3. Connect before you correct

    Een regel uit de opvoedkunde en ook nuttig voor wie streeft naar een positieve werksfeer. Het probleem met sommige leidinggevenden is dat je ze alleen hoort en ziet wanneer er iets misgaat. Maar advies krijgen van zo iemand leidt hooguit tot afweerreacties. Om te zorgen dat hun tips gehoord en gebruikt worden, moeten leidinggevenden – vooraf – werken aan een normale collegiale relatie.

  4. Gebruik een waarderende aanpak

    Een deelnemer aan een paneldiscussie zei: „Ik voer iedere maand één-op-één gesprekken met iedereen in mijn team. Tijdens zo’n gesprek komt er van alles aan de orde. Ik laat in de eerste plaats duidelijk weten wat er goed gaat. En ik bespreek op welk gebied ze volgens mij nog méér in hun mars hebben. Daar maak ik ook concrete afspraken over.”

  5. Geen terugkoppeling, maar vooruitkoppeling

    Je kunt veel tijd en energie verspillen met terugkijken op gemaakte fouten. Belangrijker is meestal het stellen van de vraag: hoe zorgen we dat het de volgend keer wél goed gaat? Wat is daarvoor nodig? Dat maakt een feedback-gesprek plezieriger en geeft motivatie voor verbetering.

  6. Hanteer een leerperspectief

    Managers die regelmatig woorden gebruiken als: leren, uitproberen en experimenteren maken het eenvoudiger voor hun medewerkers om ‘domme’ vragen te stellen en fouten toe te geven. Waardoor er vervolgens ook echt geleerd wordt. Laat ook regelmatig merken dat je zelf niet alles weet. Door vragen te stellen en niet altijd meteen zelf alle antwoorden te geven.

  7. Brengen en halen

    Geef als leidinggevende niet alleen tips en adviezen aan je medewerkers, maar vraag ook aan hen wat jij zelf beter kunt doen. Kom hier ook op terug en vraag hen of zij progressie zien. Laat duidelijk merken dat iedereen in de organisatie probeert om zichzelf steeds weer te verbeteren.

Positief leiderschap, dat klinkt een beetje dubbelop. Niemand streeft tenslotte naar negatief leidinggeven. Maar als ik de tips hierboven nog eens doorlees, denk ik: zo eenvoudig is het allemaal niet. Een slechte verhouding tussen managers en werknemers ontstaat razendsnel en vaak ‘vanzelf’. Terwijl positief leidinggeven een bewuste keuze vergt en dagelijkse overwinningen op jezelf.