Recensie

Vlotte impressies uit een chaotisch dagelijks bestaan

In Hipsters, baarden, martelaren schetst journaliste Anna Krijger (1984) de Israëlisch-Palestijnse samenleving in vele facetten. Krijger zat met haar man, oud-NRC-correspondent Derk Walters, drie jaar in Tel Aviv en Oost-Jeruzalem. Tot ze dit jaar moesten vertrekken, omdat Israël het visum van Walters niet wilde verlengen. Zijn stukken bevielen de autoriteiten kennelijk niet.

De met een vlotte pen geschreven impressies, deels uit het ontspannen Tel Aviv, deels uit het meer nerveuze Jeruzalem en de Palestijnse gebieden, lopen uiteen: van de Palestijns-Israëlische architect en homo George, de ultranationalistische Jood Eytan, die tendentieuze filmpjes helpt produceren, tot de Soedanese asielzoeker Walyaldin Suliman en Hanan Hillo, een Palestijns-Israëlische actrice in de succesvolle tv-serie Fauda.

Fascinerend is een tweeluikje over de ultra-nationalistische Joodse kolonist Yehuda Glick, op wie in 2014 een aanslag werd gepleegd door de jonge Palestijn Mu’ataz Hijazi. Glick raakte zwaar gewond, maar overleefde. De volgende dag werd Mu’ataz door een Israëlisch arrestatieteam doodgeschoten bij zijn huis.

Krijger bezoekt het huis van de treurende familie een paar keer en ontdekt bij het tweede bezoek dat de slaapkamer van Mu’ataz van vloer tot plafond met beton is dichtgegooid, bij wijze van straf. Gewoonlijk zou het huis van de familie van de dader met de grond gelijk zijn gemaakt, maar omdat de familie er niet van wist en Glick overleefde, beperkten de Israëliërs zich tot deze sanctie.

Aan het eind van haar boek spreekt Krijger ook Glick, inmiddels parlementariër. Ze krijgt geen hand van hem, maar hij is vriendelijk en zeer geïnteresseerd wanneer blijkt dat Krijger ook bij de Hijazi’s thuis is geweest. Vierden ze feest, waren ze trots, wil hij weten. Nee, zegt Krijger een beetje ongemakkelijk op de ene vraag; ja, op de andere. Meer kan ze hem niet vertellen.

Het boek zit vol aardige weetjes, zoals het feit dat Israël naar verhouding het grootste aantal veganisten ter wereld telt, zo’n 5 procent van de bevolking. Of het feit dat 12 procent van de Israëlische bevolking tot de zogeheten haredim horen, een snel uitdijende sekte van extreem orthodoxe joden die zijn vrijgesteld van de dienstplicht en al hun tijd wijden aan religieuze studie.

Wat wel opvalt in het boek is dat de Israëlische Jan Modaal er bekaaid vanaf komt. Krijger heeft duidelijk meer interesse in allerlei minderheden, van welke religieuze denominatie dan ook, en in de Palestijnen en zelfs in huisdieren, die wel uitvoerig aan bod komen. Dat doet wat onevenwichtig aan.

Een ander kritiekpuntje is dat ze nogal wat mensen opvoert, vaak pagina’s achtereen, met alleen een voornaam. Helemaal aan het eind onthult ze bovendien nog dat sommige namen gefingeerd zijn. Dan voel je je als lezer toch een beetje genomen.