Commentaar

Het kalifaat is weg, maar de terreur blijft

Op het hoogtepunt was de fictieve Islamitische Staat een gebied zo groot als Jordanië en herbergde het zogeheten kalifaat rond 8 miljoen mensen. Het kalifaat was uitgeroepen op 29 juni 2014 in de Grote Moskee van de Iraakse stad Mosul door Abu Bakr al-Bagdadi, van wie niet zeker is of hij nog leeft. De informele ‘hoofdstad’ was de Syrische stad Raqqa.

Mosul werd al in de zomer bevrijd, na een maandenlang Iraaks offensief. Raqqa viel dinsdag, na vier maanden strijd, een overwinning voor de Syrian Democratic Forces, de door de VS gesteunde anti IS-alliantie die hoofdzakelijk uit Koerdische strijders bestaat.

Daarmee kwam na ruim drie jaar vrijwel een einde aan het kalifaat – een krankzinnig, nietsontziend en uiterst gewelddadig project, dat onder andere leunde op rekruten uit de hele wereld die naar het Midden-Oosten reisden om een bijdrage te leveren aan de jihad. De wervende kracht van een eigen territorium is IS nu kwijt.

Met de val van Raqqa komt hopelijk ook een einde aan beproevingen voor de bevolking waarvan men zich nauwelijks een voorstelling kan maken. Uit de schaarse getuigenverslagen die uit de stad naar buitenkwamen doemde het beeld op van een dagelijks leven in een regelrechte hel: luchtaanvallen, regelmatige openbare executies, afgehakte hoofden en gekruisigde lichamen op straat.

Het aanstaande einde van het kalifaat is alleen al daarom een vreugdevol moment, maar meer ook niet.

De militaire operaties hadden ook een prijs. Luchtaanvallen op Raqqa hebben niet alleen IS vernietigd, maar maakten ook talloze burgerslachtoffers en hebben grote delen van de stad in puin gelegd. Naar schatting zijn duizend burgers omgekomen. Meer dan 200.000 inwoners zijn de stad ontvlucht.

De toekomst van Raqqa is verre van duidelijk. De stad is dan wel van IS bevrijd, maar het blijft een stad in een land dat al zes jaar verscheurd wordt door een gruwelijke burgeroorlog.

De bevrijding van Raqqa en Mosul betekent ook niet het einde van IS. Er zijn duizenden jihadisten gevallen in de strijd. In het gevecht om Raqqa zouden alleen al 6.000 IS’ers zijn omgekomen. Maar honderden strijders wisten te ontkomen en zijn ondergedoken in de regio. IS zegt bovendien dat er nog concentraties van strijders actief zijn op diverse plekken in Noord-Afrika, het Midden Oosten en Azië. En dan zijn er de terugkeerders. Werpen zij teleurgesteld die IS-ideologie van zich af, of keren ze gefrustreerd terug naar hun land van herkomst en zinnen ze daar op wraak voor de nederlaag?

Bovendien is er een onderscheid tussen de organisatie IS, die met de val van het kalifaat een enorme klap heeft gekregen, en de jihadistische beweging die eraan ten grondslag lag. De redenen die tot IS hebben geleid zijn met de militaire overwinning niet weggenomen.

Deze week zagen we het einde van het kalifaat, maar belangrijker voor de toekomst is de metamorfose die IS al begin vorig jaar inzette: van een organisatie van opstandelingen met een vast hoofdkantoor naar een ondergronds terroristisch netwerk met vertakkingen ver buiten Syrië en Irak.

De landen en groeperingen die IS hebben verslagen waren gericht op het bestrijden van een terreurorganisatie en streefden daarnaast hun eigen doelen na. Ze hadden niet tot doel de conflicten in het Midden-Oosten op te lossen. Wat blijft, is de chaos in de regio

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.
Opmerkingen? Mail ons