Recensie

Paustovski sleurde me opnieuw mee

Michel Krielaars

Ik speelde weer eens voor boekhandelaar toen er een jonge vrouw de winkel binnenkwam. „Heeft u deel 2 van het verzameld werk van Paustovski?” vroeg ze. „Deel 1 heb ik verslonden. Wat een geweldige schrijver.” Omdat ik zelf al zo’n veertig jaar verslaafd ben aan Rusland, raakte ik op slag verliefd op mijn klant. Ik deed daarom mijn uiterste best om haar zo goed mogelijk te helpen. Boekenliefde is tenslotte ware liefde, zoals Helene Hanff zo mooi beschrijft in 84, Charing Cross Road. In die roman in brieven bestelt een sterk op haar lijkende schrijfster in New York schriftelijk boeken bij een Londense antiquaar om tijdens haar correspondentie gaandeweg verliefd op hem te worden, zonder dat ze hem ooit zal ontmoeten.

Ik pakte het in de Russische Bibliotheek voorbeeldig uitgegeven Paustovski-deel van de toonbank, haalde het uit het cellofaan en overhandigde het aan de vrouw. „Heerlijk toch, zo’n mooie uitgave”, zei ze op melancholieke toon. Haar woorden deden mijn Russische hart nog sneller kloppen.

Om de vrouw zo lang mogelijk in de winkel te houden, bood ik haar een kop thee en wat pepernoten aan. Gezeten in een stoel tegenover de kassa begon ze nu op een willekeurige bladzijde in het boek te lezen.

Ineens zag ik mezelf in 1981 weer de winkel van de legendarische Amsterdamse boekhandelaar N. Favié binnen snellen, op een zaterdagmiddag, kort voor sluitingstijd. In NRC Handelsblad had ik zojuist een recensie gelezen van Paustovski’s Begin van een onbekend tijdperk en ik moest en zou dat boek onmiddellijk in mijn bezit krijgen.

„Heeft u de nieuwe Paustovski al?” vroeg ik aan de boekhandelaar, die de kas al aan het opmaken was. Met veel tact trok hij meteen het Privédomein-deel uit een wankele, hoge stapel en maakte me zo gelukkig.

Terug op mijn studentenkamer brak een avontuurlijke avond aan. Paustovski voerde me mee naar de Oktoberrevolutie, die dezer dagen, behalve in Rusland zelf, overal ter wereld wordt herdacht, vanwege de honderdste verjaardag van die bolsjewistische staatsgreep. Tot diep in de nacht genoot ik van zijn avonturen en van zijn ontmoetingen met excentrieke journalisten, revolutionairen en avant-gardistische intellectuelen. Hoe graag wilde ik niet in zijn voetsporen door Rusland reizen op zoek naar net zulke paradijsvogels en grote gebeurtenissen.

Dertig jaar later kwam die wens uit en deed ik als correspondent de plekken aan waar Paustovski had verbleven. Alleen las ik hem toen al lang niet meer. Uit angst dat ik hem op overdrijvingen en verdoezelingen van de waarheid zou betrappen of dat zijn herinneringen me niet meer konden boeien.

Pas toen de jonge vrouw met Paustovski onder haar arm de boekwinkel had verlaten, waagde ik het er toch op, al was het maar om in gedachten in haar buurt te blijven. En voor de tweede keer in mijn leven las ik die eerste zin: ‘In een paar maanden tijd sprak Rusland alles uit waarover het eeuwenlang had gezwegen.’ Opnieuw liet ik me meevoeren, nu in het Moskou dat ik goed kende, omdat ik er zelf had gewoond. En nog meer dan in 1981 stond ik midden in de vuurgevechten, hing ik rond op rokerige redacties, voerde ik discussies met bolsjewieken en werd ik verliefd op een revolutionaire met felle blauwe ogen, die dezelfde schrijvers bewonderde als ik.