Controle Kamer op AIVD ‘niet diepgravend genoeg’

Toezicht op inlichtingendiensten

Oud-VVD-minister Remkes roept de Tweede Kamer op de controle op de diensten niet langer over te laten aan enkele fractieleiders.

De parlementaire controle op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten AIVD en MIVD schiet tekort. Ze kan beter worden overgelaten aan fractiespecialisten met kennis van zaken dan aan fractieleiders, die hun controle „lang niet diepgravend genoeg”, uitoefenen. Dat zegt oud-minister Johan Remkes.

Als minister van Binnenlandse Zaken (VVD) was Remkes van 2002 tot en met 2007 politiek verantwoordelijk voor de AIVD. Bovendien is Remkes, nu commissaris van de koning in Noord-Holland, voorzitter van de staatscommissie die aanbevelingen moet doen voor verbetering van de parlementaire controle. Een tussenrapport, met een inventarisatie van de problemen waarmee het parlement kampt, verscheen woensdag. De aanbevelingen voor verbeteringen volgen in 2018.

Remkes heropent de discussie over de parlementaire controle op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten op het moment dat er een referendum op komst lijkt over de bevoegdheden van de diensten. Op 1 november maakt de Kiesraad bekend of het vereiste minimum van 300.000 handtekeningen is verzameld dat nodig is om een raadgevend referendum af te dwingen over de nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten die het parlement deze zomer aannam heeft aangenomen. Als dat het geval is, heeft het referendum plaats op 15 maart 2018, gelijk met de gemeenteraadsverkiezingen.

De afgelopen jaren was er geregeld kritiek op de wijze waarop de Tweede Kamer de werkzaamheden van de inlichtingen- en veiligheidsdiensten controleert. Die controle is in handen van de voorzitters van de vijf grootste fracties. Zij worden op vertrouwelijke wijze geïnformeerd in de zogenoemde ‘commissie-stiekem’.

Binnen de VVD pleitte onder anderen Klaas Dijkhoff – toekomstig fractievoorzitter van de VVD – voor een hervorming van het parlementair toezicht op de diensten. In 2013 zei Dijkhoff als ‘gewoon’ fractielid dat het „in de rede ligt” dat de controle op de diensten wordt uitgevoerd door gespecialiseerde Kamerleden, en niet meer door de fractievoorzitters.

Dijkhoff zou als VVD-fractievoorzitter voorzitter worden van de commissie stiekem. Hij wil nu niet ingaan op zijn uitlatingen in 2013, aldus een woordvoerder van de VVD-fractie.

Volgens oud-minister Remkes werd er in zijn tijd in de commissie stiekem „nauwelijks doorgevraagd door de fractievoorzitters”. Dat kwam niet alleen door tijdgebrek, aldus Remkes. Er was ook te weinig betrokkenheid van de fractieleiders bij het reilen en zeilen van de dienst, aldus de oud-minister, terwijl in die tijd grote aanslagen plaatshadden, zoals in Madrid (2004) en in Londen (2005), en er een aanslag was in eigen land – de moord op Theo van Gogh (2004).

Remkes verwacht meer van de inbreng van fractiespecialisten op het gebied van Binnenlandse Zaken. Zij hebben meer tijd en betrokkenheid om de diensten kritisch te volgen.

Het onbehagen over ‘stiekem’ pagina 9