Belastingvlucht van de brillenverkopers

Belastingontwijking

Wereldberoemde multinationals als Starbucks betalen dankzij geraffineerde constructies weinig belasting. Maar ook de brillenwinkel op de hoek heeft de fiscale vluchtroute ontdekt.

Pearle Opticiens in Nieuw-Vennep. Foto Bart Maat/ANP

Herman Gouma zit thuis en in de schuldsanering. Een paar jaar geleden ging zijn brillenzaak in Enschede failliet. Zelfstandige opticiens in Nederland hebben het moeilijk. Het aantal zelfstandige optiekzaken is op zijn retour terwijl de brillenketens oprukken. „Bij de grote jongens werden glazen verkocht tegen prijzen waartegen ik ze inkocht”, aldus Gouma.

Didi Smael van Greefhorst Optiek uit Bunde heeft vergelijkbare ervaringen. Haar zaak ging vorig jaar failliet. „Ik kreeg steeds vaker klanten over de vloer die een tweede bril gratis gingen eisen. Tsja, als zelfstandige zaak is dat niet te doen. Dat win je niet.”

Nederlanders geven jaarlijks 1,3 miljard euro uit aan brillen, omgerekend 75 euro per persoon. Van de 2.200 optiekzaken behoort inmiddels bijna de helft bij een keten. Die ketens zijn dikwijls onderdeel van een internationaal concern dat in handen is van private investeerders. Qua omzet gaat al meer dan de helft naar ketens, en ook de markt voor gehoorapparaten verschuift op deze manier.

De kleine opticiens zijn ouderwets en gaan niet met hun tijd mee, zeggen ze bij de ketens. De klant eist betere service tegen een lager tarief dan de zelfstandige brillenzaken kunnen bieden.

Consumenten kopen ook steeds vaker hun bril online. Nieuwe winkelformules duiken op, zoals het hippe en goedkope Ace & Tate dat vooral op verkoop via de webwinkel mikt en daarnaast strakke witte optiekvestigingen heeft.

Maar er is meer aan de hand.

Terwijl Gouma uit Enschede een paar jaar geleden noodgedwongen zijn zaak sloot, kwam er 2 miljoen euro binnen op het hoofdkantoor van Hans Anders (192 miljoen euro omzet, 1.400 werknemers). Afzender: de Belastingdienst. Hans Anders betaalde in boekjaar 2013/2014 geen vennootschapsbelasting, maar kreeg juist geld terug. Want op papier werd er verlies geleden bij Hans Anders. Op papier – want de verliezen werden vooral veroorzaakt door dure leningen die het concern bij de eigenaar had afgesloten, een investeringsmaatschappij die formeel in Luxemburg is gevestigd en geen openbare gegevens deponeert.

Kanaaleilanden

De mintgroene Specsavers-winkel oogt bekend. Maar achter elke gevel met uitbundige aanbiedingen gaat een geraffineerde internationale belastingconstructie schuil.

Iedere winkel van Specsavers, of het nu in Meppel is, in Deurne, in Hoofddorp of in een van de andere 120 vestigingen, is een aparte besloten vennootschap. En bij iedere bv is de moederorganisatie gevestigd op Guernsey, een van de Britse Kanaaleilanden voor de kust van het Franse Normandië. De medewerkers in Nederland krijgen hun salaris overgemaakt vanaf Guernsey door Specsavers Finance Guernsey Limited.

Guernsey is een eiland dat op een zwarte lijst van belastingparadijzen staat van de Europese Commissie. Het moederbedrijf van Specsavers draagt daar het geldende tarief af aan vennootschapsbelasting: nul procent. Voor dividendbelasting geldt ook een nultarief. Zie dat maar eens te evenaren als concurrent in de Nederlandse winkelstraat.

Specsavers (wereldwijd 2,5 miljard omzet en 31.000 werknemers) maakt de cijfers van zijn vennootschappen in Guernsey niet bekend. Dat doet Specsavers alleen als het ergens van de wet moet, in de andere situaties deelt het bedrijf deze „commerciële” en „concurrentiegevoelige” informatie niet, meldt het bedrijf desgevraagd.

Brits echtpaar

Het concern is opgericht door een Brits echtpaar dat begin jaren tachtig naar Guernsey verhuisde. Dat is ook de standaard verdediging van Specsavers: we zitten écht op Guernsey. Maar dat geldt alleen voor het hoofdkantoor en de interne bank. De eerste brillenwinkel werd geopend in Bristol, Zuid-Engeland. En nog steeds behaalt Specsavers de meeste omzet in het Verenigd Koninkrijk.

Specsavers verklaart zijn succes juist door de formule van ‘partnerschap’: de winkeluitbaters zijn geen filiaalchefs, maar echte ondernemers met een ondernemingsgeest: Keep it simple, get it done, klinkt het in de jaarverslagen.

De fusie van brillenmakers Essilor en Luxottica was een van de grootste Europese fusies aller tijden: De één maakt de bril, de ander 't glas

Bij franchiseformules is het gangbaar om allerlei vaste kosten aan het moederbedrijf af te dragen. Binnen Specsavers is een standaardafdracht van rond de 20 procent van de omzet aan het moederbedrijf usance. Het is een onkostenvergoeding voor gezamenlijke marketing, administratie, ict, et cetera. Bijkomend voordeel: zo worden de winsten naar boven in de piramide gestuwd. En de top zit in Guernsey.

Volgens belastingexperts is het moeilijk om vast te stellen wanneer er te veel kosten worden afgedragen binnen een franchiseketen en zo de winst kunstmatig wordt verlaagd. „Het gaat niet om de fees, maar om wat er tegenover staat.”, zegt Jan Bouwman, hoogleraar belastingrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Realiteitsgehalte

Die discussie doet denken aan hoe koffieketen Starbucks in opspraak is geraakt, zegt Richard Happé, emeritus hoogleraar belastingrecht. „Het is heel moeilijk om het realiteitsgehalte van afgedragen fees vast te stellen.” Happé kent de details van Specsavers’ constructie niet, „maar het valt niet uit te sluiten dat hier een vrij scherpe structuur in het spel is”.

Fiscaal jurist Jan Vleggeert van de Universiteit Leiden begrijpt dat zelfstandige opticiens op zo’n manier een concurrentienadeel hebben. „Maar grote internationaal opererende bedrijven hebben wel vaker voordelen ten opzichte van de lokale ondernemer. Multinationals kunnen gebruik maken van de verschillende wetgeving in de verschillende landen. Daar is niet per se iets bijzonders aan de hand. Of dat ook wenselijk is, is een geheel andere vraag, een politieke vraag.”

Zeker is dat de Specsaversorganisatie voordeel oplevert voor zijn aangesloten winkels. Maar het ondernemerschap van winkeleigenaren blijkt wel tegen te vallen. De Specsaversorganisatie heeft meestal net één aandeeltje meer dan de winkeleigenaar waardoor de eerste de aandeelhoudersvergadering domineert. De winkeldirecteur heeft niet zo veel te vertellen. Directeur-eigenaren van Specsavers hebben in de praktijk slechts de bevoegdheid om maximaal 1.500 euro uit te geven zonder ruggespraak met het hoofdkwartier.

Risicovol

Daar heeft menig Nederlandse toeleverancier zich overigens in verslikt, zo blijkt uit een aantal juridische procedures. Het blijkt risicovol om zaken te doen met de plaatselijke uitbater van een Specsaverswinkel. Want winkeldirecteuren die te veel uitgeven, kunnen door Guernsey worden teruggefloten.

De rechter gaf Specsavers in juridische geschillen hierover telkens gelijk: dan had de tegenpartij de statuten maar moeten raadplegen. Die stukken – doorgaans opgesteld door huisnotaris Baker McKenzie op de Amsterdamse Zuidas – zijn zonneklaar: bestuurders van Specsaverswinkels mogen zelfstandig maar tot 1.500 euro uitgeven.

Lees ook de gedragscolumn van Petra Jonkers: het dilemma van de gratis brillen

Kortom, filiaalchefs van Specsavers genieten als heuse ondernemers de fiscale status van directeur-grootaandeelhouders, terwijl hun ondernemerschap in de praktijk wel meevalt.

Als het op belastingafdracht aankomt toont Specsavers zich een geoliede machine. De afdracht is laag ten opzichte van de omzet. Uit onderzoek van NRC blijkt dat de Nederlandse tussenholding van Specsavers sinds 2010 in totaal 6,7 miljoen euro aan winstbelasting heeft afgedragen op een omzet van 847 miljoen euro. Dat is 0,8 procent.

Winstbelasting

Ter vergelijking: het wereldwijd opererende Grandvision, met onder meer de brillenketens Pearle en Eye Wish Opticiens, droeg de afgelopen jaren gemiddeld 2,1 procent van de omzet aan winstbelasting af. Ruim het dubbele. Dat is nog steeds weinig, maar Grandvision heeft niet zulke geraffineerde fiscale constructies als Specsavers.

De Nederlandse overheid blijkt de constructie van Specsavers in een aparte vertrouwelijke afspraak te hebben goedgekeurd. Met een zogeheten Advance Pricing Agreement heeft de fiscus vooraf ingestemd met de manier waarop Specsavers met zijn interne geldstromen omgaat. „Specsavers werkt nauw samen met de Belastingdienst, we hebben een goede en open werkrelatie met hen”, laat Specsavers weten. De afspraken over belastingafdracht zijn volgens een woordvoerder van het concern het „resultaat van een volledige en transparante review van de financiële status van Specsavers inclusief de gehanteerde heffingen en prijsmechanismes in Nederland alsook voor de gehele groep.”

Oneerlijke concurrentie

Waarom gaat de Nederlandse fiscus bij Specsavers akkoord met een regeling die zo gunstig is en waar zelfstandige opticiens geen gebruik van kunnen maken? Is hier niet sprake van oneerlijke concurrentie, gefaciliteerd door de overheid? Het nieuwe kabinet wil juist belastingontwijking aanpakken, getuige het regeeraakkoord. En is zo’n vertrouwelijke deal met Specsavers wel in het belang van de Nederlandse schatkist?

Het ministerie van Financiën kan die vraag niet beantwoorden „in verband met onze wettelijke geheimhoudingsplicht”. Een woordvoerder wijst op de wettelijke regeling dat interne verrekenprijzen en andere vergoedingen binnen een concern aftrekbaar zijn van de winst zolang zulke „royalties” ook in verhouding tot een derde zouden worden betaald.

Duidelijk is dat de fiscus de gang van zaken bij concurrent Hans Anders te ver vond gaan. Daar deed de Belastingdienst onderzoek naar de afgedragen vennootschapsbelasting. De brillenketen stelde de winst te laag voor – en droeg daardoor te weinig belasting af – zo is het verwijt. De Belastingdienst noch Hans Anders wil het conflict toelichten omdat de zaak onder de rechter is. Uit de jaarrekeningen, die de Nederlandse tussenholding deponeerde, blijkt dat ze bij Hans Anders 6,1 miljoen euro extra aan winstbelasting hebben afgedragen om afdrachten over voorgaande jaren te corrigeren. Hans Anders betaalde vóór de correctie gemiddeld 0,6 procent op de omzet aan winstbelasting. Dat is door de ingreep van de fiscus verdubbeld naar 1,2 procent.

Belastingopbrengsten

De Nederlandse overheid heeft minder inkomsten uit vennootschapsbelasting. Kwam in de jaren negentig van de vorige eeuw tot wel 18 procent van alle belastinginkomsten van de winst uit het bedrijfsleven, de laatste jaren ligt dat percentage fundamenteel lager, zo blijkt uit cijfers van het CBS. In de recente crisisjaren lag de ratio op 9 procent. Vorig jaar groeide het naar 13 procent. De lagere inkomsten komen deels door beleid en door een inzakkende economie, maar het is niet uit te sluiten dat een veranderde belastingmoraal, zoals in de brillenbranche, een rol speelt.

Specsavers is zich ervan bewust dat zijn belastingmoraal discutabel is. In het Verenigd Koninkrijk heeft Specsavers zich al verscheidene keren moeten verdedigen voor de Guernsey-route. En in het jaarverslag van de Britse dochtermaatschappij benadrukt het bedrijf hoeveel belang het hecht aan het betalen van belasting. „Belastingafdrachten leveren een vitale bijdrage aan de sociale zekerheid in landen waarin we opereren.”

‘Jammer’

In Haaksbergen is vorige maand een nieuwe optiekzaak geopend. Jarenlang runde Berthil Beumer samen met zijn vrouw Carla een brillenwinkel in het dorp. Welke zelfstandige zou hun zaak willen voortzetten na hun pensioen? Hij nam er een adviseur voor in de arm.

Geïnteresseerden waren er genoeg. Maar zakelijk lukte het niet om Beune Optiek aan een zelfstandig ondernemer over te dragen. De ene keer wilde de bank van de bieder niet, de andere keer zag de verhuurder het niet zitten met de ondernemer die de zaak wilde voortzetten.

Dus werd het toch een keten.

De blauwe pui van Beune Optiek is aan het einde van de zomer vervangen door het geel van de landelijke keten Eye Wish Opticiens. „Jammer”, zegt de pensionado, „maar we hebben het geprobeerd”.