Cultuur

Interview

Interview

Foto Andreas Terlaak

‘Uit The Gathering stappen was het moeilijkste wat ik ooit heb gedaan’

Anneke van Giersbergen

Anneke van Giersbergen werd bekend als zangeres van The Gathering. Met haar nieuwe band Vuur brengt ze nu haar debuutalbum uit.

Anneke van Giersbergen wilde graag afspreken in Eindhoven. Ze woont er niet, maar wel bijna. Ze zit middenin de verhuizing vanuit het kleine Brabantse dorpje De Rips naar de lichtstad. „Ik verhuis vaak. Na een jaar of acht begint het altijd wel te kriebelen”, vertelt ze boven een kop dampende muntthee in een koffietentje in het centrum van de stad. „Ik hou van verandering, als het maar ergens naartoe gaat.”

En Van Giersbergen (44) is overal geweest, kijk maar naar de songtitels op het debuutalbum van haar nieuwe band Vuur, dat vrijdag uitkomt, elk met de naam van een wereldstad: Berlijn, Rio, Beiroet, Santiago, Istanbul… Allemaal steden waar de Brabantse een gevoel of herinnering bij heeft, omgezet in muziek.

Veel van die plekken bezocht ze met The Gathering. In die band groeide Van Giersbergen uit tot een grootheid in de rockwereld. Toen ze halverwege de jaren negentig voor het eerst haar loepzuivere, kenmerkend vibrerende stem combineerde met de statige, donkere metal van The Gathering, haalde de band meteen de Top 40 met superhit ‘Strange Machines’.

Maar na dertien jaar stapte ze er plotseling uit. Ze wilde muzikaal haar ‘eigen boontjes doppen’ en liet The Gathering en de metal grotendeels achter zich. Ze werkte wel mee op heavy platen van onder meer Ayreon en Devin Townsend, maar op haar soloalbums die volgden zocht ze vaker de verstilling en subtiliteit.

Foto Andreas Terlaak

Nu, tien jaar na haar vertrek uit The Gathering, is Van Giersbergen toch weer terug bij de metal. Met Vuur maakt ze symfonische progmetal. Lange songs, heavy en ritmisch, mede doordat een van de beste metaldrummers van het land in de band zit, Ed Warby. Vuur is vaak catchy, en bovendien in de beste prog-traditie buitengewoon episch en bombastisch. Elk nummer moet volgens Van Giersbergen „aan het einde van een grote film” kunnen.

Met Vuur komt een einde aan een verwarrende periode voor Van Giersbergen. Want waar lag haar hart nou precies? Bij welke band, project of richting? Solo maakte ze platen als Agua de Annique, maar ook gewoon onder haar eigen naam, en om de verwarring compleet te maken ook als ‘Anneke van Giersbergen met Agua de Annique’. Ze lacht. „Och nee nee, al die namen. Superonhandig allemaal!”

Tijd voor duidelijkheid dus. Twee namen voor haar twee muzikale kanten. Alle ingetogen en akoestische muziek doet ze voortaan onder haar eigen naam, en voor het zwaardere geschut heeft ze Vuur opgericht. „Ik dacht bij mezelf: voor eens en altijd Annie, maak nou een bandnaam voor je heavy shit, en al de andere, rustige en verstilde muziek, doe dat gewoon onder je eigen naam.”

Het lijkt er een beetje op alsof u na The Gathering als vrijgezel uit een lang huwelijk bent gekomen, en helemaal bent losgegaan op elk project dat maar te vinden was.

„Daar kun je het eigenlijk wel mee vergelijken. Een band is net een huwelijk. Je levens zijn helemaal met elkaar verweven. Daar uitstappen is misschien wel het moeilijkste wat ik ooit heb gedaan. Ik zat mijn hele jong-volwassen leven in die band, ik heb alles geleerd en gedaan en gezien in The Gathering. Toen ik eruit stapte, ging er natuurlijk een wereld voor mij open. En dat wilde ik ook. In die periode moest er van alles uit mijn systeem, en aan die behoefte heb ik nu wel voldaan. Het is goed zo.”

Was het in het begin van die periode lastig om überhaupt solo aan de bak te komen?

„Ja best wel. Je zou denken, je hebt een naam in de scene, dan lukt het wel. Ik had een manager die heel enthousiast zei: ‘Oké! Het eerstvolgende ding! Grote zaal, die en die!’ Ik zei: nou, volgens mij is dat niet zo makkelijk en moet ik echt gaan knokken om weer naam te maken. Omdat iedereen dacht, dat wordt niks zonder die band, of, dat wordt leuk voor één plaat en dan is ze verdwenen. Zoveel vertrouwen in mij als solo-artiest was er echt niet.”

‘Feel Alive’, uit 2012:

Wat merkte u precies?

„Ik kreeg eerst een gigantische lading negativiteit over me heen. Mensen waren echt heel boos dat ik iets veranderde aan The Gathering. Tot doodsbedreigingen aan toe. Ik heb nog een dikke twee jaar met beveiliging rondgelopen. Echt met van die grote mannen. Vooral in Mexico, Chili, plekken waar fans doorgaans wat passioneler zijn, kon ik lange tijd niet zomaar overal komen. Ik kreeg te horen: als jij hier komt met je gezin, dan maken we je af.”

Wat heftig.

„Het is heel erg intensief, maar ergens vind ik het ook wel tof. Als het niemand iets kon schelen, dan denk je ook: wat heb ik dan die dertien jaar gedaan? Inmiddels heb ik naast het metalpubliek dat mij al heel lang kent ook mijn eigen ding opgebouwd, met mijn eigen publiek. Ik krijg vaak te horen dat mensen mij van mijn solowerk kennen, of van mijn werk met Devin Townsend. Dat voelt echt lekker. Maar, ik krijg nog elke dag mailtjes of berichtjes: ‘go back to The Gathering!’.”

U wordt vaak als een van de beste stemmen van Nederland geroemd, en daar kreeg u ook een ‘Duiveltje’ voor, de prijs van het Nationaal Pop Instituut. Maar meer dan die prijs en een Edison voor de beste dvd met The Gathering, staat er niet in de prijzenkast. Is dat niet wat mager qua waardering in eigen land?

„Nederland is gewoon down to earth met dat soort dingen. Ik kreeg ook helemaal geen doodsbedreigingen uit Nederland toen ik uit The Gathering stapte. We zijn een land waar we wat aardser zijn, waar je het niet zo snel hoog in de bol krijgt, en waar we eigenlijk geen echte sterren hebben. Ja, Marco Borsato, maar dat is ook gewoon een boy next door toch? We zijn geen land dat mensen snel op een voetstuk zet.”

We hebben wel Tiësto en Martin Garrix.

„Ja dat is waar, dat zijn écht sterren met privéjets enzo. Maar het leuke aan die gasten vind ik dat ook zij eigenlijk heel down to earth zijn. En weet je wie ik onze grootste rockster vind? Hans Klok. Die gaat over alle grenzen heen. Zo van: boy next door?? Niks ervan! Windmachine in m’n haar, dát wil ik! Hij is aan de ene kant erg Nederlands: hard werken, goed nadenken wat hij wil. Maar voor de rest is hij totáál Hollywood met mooie pakken en assistentes enzo. Dat vind ik een geweldige combi: iemand die het gewoon vet maakt en toch bij zichzelf blijft.”

Foto Andreas Terlaak

Bent u ook zo?

„Ik zou niet zo snel in een sprookjesjurk gaan zingen of zo, dat is gewoon niet mijn karakter. Ik uit me beter in m’n muziek en teksten denk ik.”

U komt over als een ontzettende positivo en lijkt altijd vrolijk. Maar in uw muziek zit veel melancholie. Is het een soort façade?

„Nee, ik ben echt vrij vrolijk. Maar ik heb ook een melancholische kant en die moet er ook af en toe uit. Muziek maken helpt, dan kun je iets met zo’n donkere kant. Maar ik zit ook al vijftien jaar in therapie. Niks wereldschokkends hoor, maar om te leren: hoe moet ik eigenlijk leven? Ik vind het leven soms lastig. En soms komt dat met zo’n ongelooflijk verdriet waarvan je niet weet waar het vandaan komt. En wat moet ik daar dan mee?

„Nou wil ik niet zeggen dat ik depressief was of ben. Echt in zo’n gat zitten en geen uitweg weten, dat lijkt me honderdduizend keer erger dan wat ik ervaar. Maar ik begrijp wel goed wat het is. Ik heb wel tijden gehad dat ik in de auto zat en dacht: als ik nou gewoon een snok naar rechts maak [ze doet alsof ze het stuur plots omgooit], nou dan rij ik de rivier in, en dat zou dan oké zijn. Zó raar is dat, want ik ben echt serieus vrolijk van aard. En ik hou van het leven en er heerst vrede om me heen, ik heb geluk met mijn ouders en mijn vrienden en met mijn gezin, en toch kan ik dat dan zo ervaren.”

Is het mogelijk om jezelf te blijven als artiest?

„Ik probeer een goede weg te vinden. Dat lukt het beste met die kleine, akoestische optredens die ik doe. Daar kun je ook meer kletsen met het publiek en hoef je niet zo bang te zijn om op je bek te gaan. Dan maak ik een stomme opmerking en denk ik meteen ‘oh pfff wat een stomme opmerking’ maar ook: nou ja, zo is het maar gewoon. Er ligt niet zo’n druk op en ik krijg dan niet zo het gevoel dat ik iets moet zijn omdat mensen dat van mij verwachten. Ik ben helemaal niet zo’n rockster. Ik ben ook gewoon maar Annie, weetjewel?”

Vuur’s ‘My Champion - Berlin’:

In This Moment We Are Free – Cities van Vuur is vrijdag 20/10 uitgekomen. Vuur treedt op: 10/12 in TivoliVredenburg, Utrecht