Recht & Onrecht

Slepen of niet slepen, dat is níet de vraag

De zogenoemde sleepwet verdient een goed debat, maar niet op basis van versimpelingen die de waarheid geen recht doen, schrijft Bob Hoogenboom in de Politiecolumn. Of er voldoende (krachtig) toezicht is op de veiligheidsdiensten, is één van de echt belangrijke vragen.

Amerikanen hebben er een goede uitdrukking voor: dumbing down. De kunst om complexiteit te reduceren tot hapklare brokjes voor een groot publiek. In de afgelopen weken is de nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (WIV) op een kinderlijke wijze teruggebracht tot het woord ‘sleepnet’ .

Rattenvanger van Hamelen

Van bezorgde studenten tot verontwaardigde mensenrechtenorganisaties. Van snelle columnisten tot het satirische Lubach op Zondag. Veel Nederlanders lopen achter een moderne versie van de rattenvanger van Hamelen aan die steeds hetzelfde deuntje fluit.
Met golven van maatschappelijke privacy-verontwaardiging als gevolg. Laat nu dit doordringen in de persoonlijke levenssfeer van potentiële bedreigers van de nationale veiligheid de kernfunctie zijn van geheime diensten. Iedere staat in het verleden en vandaag de dag beschikt over diensten die de continuïteit van die staat bewaken.

Spionage is oeroud

(Contra)spionage is het op een na oudste beroep. Mozes vluchtend uit Egypte stuurt twaalf ‘verkenners’ van iedere stam vooruit om heimelijk het Beloofde Land en de vijand daar in kaart te brengen. Een dienst benadert stelselmatig mensen (bronnen) en heeft binnen organisaties - die als bedreigingen voor de nationale veiligheid worden gezien - mensen (agenten) die informatie verstrekken. Diensten beschikken over observatieteams. Naast deze human intelligence wordt stelselmatig technical intelligence ingezet: afluisterapparatuur, tracking & tracing en video surveillance. Spionagesatellieten van de grote landen maken opnamen van enkele vierkante meters waar ook ter wereld. Telecommunicatie via de ether wordt stelselmatig ‘uit de lucht geplukt’ door schotels over de hele wereld, ook in Nederland. Deze signal intelligence wordt structureel aangevuld met open source Intelligence: analyses van open bronnen: (social) media en bijvoorbeeld wetenschappelijke publicaties.

De mythe van absolute privacy

De AIVD heeft toegang tot databestanden van de overheid (o.a.politie). Al deze bevoegdheden zijn wettelijk verankerd. Het merendeel van de activiteiten vindt heimelijk plaats. Absolute privacy is een mythe. Google, de Belastingdienst, zorginstellingen, werkgevers, verzekeraars, advocaten en WhatsApp weten veel over ons. Maar ieder vanuit een specifieke functie en belang. En binnen wettelijke kaders. Er zijn ‘functionele geheimen’ die wettelijk niet mogen worden gedeeld. Dat geldt ook voor geheime diensten: ‘The self-protection of the society (..) needs a certain amount of secrecy, so does the internal protection (..) from the conspiracy to use violence to subvert the social order’. De vergaarde informatie wordt gebruikt om overheden, uitvoeringsorganisaties en het bedrijfsleven te informeren over (inter)nationale politieke ontwikkelingen, dreigingen en het geven van adviezen om de weerbaarheid van organisaties te verhogen. Diensten zijn onderdeel van internationale samenwerkingsverbanden binnen de EU, de NATO en diensten wereldwijd. In operationele processen worden actiegroepen, staten en terroristische bewegingen geïnfiltreerd om bedreigingen van de nationale veiligheid te voorkomen.

Misverstanden en stereotypen

Diensten zijn ondergeschoven kindjes in het maatschappelijk debat over veiligheid. Er zijn veel misverstanden en stereotypen in omloop. Diensten maken structureel onderdeel uit van politiek-bestuurlijke processen De AIVD screent ambtenaren en functionarissen die zogenaamde vertrouwensfuncties vervullen. Ook zijn diensten betrokken bij het in kaart brengen van terrorismefinanciering. Hetzelfde geldt voor cyber security. De huidige discussie over de WIV is zeer beperkt. Er wordt geen recht gedaan aan de veelomvattende functie en taakuitoefeningen van inlichtingen- en veiligheidsdiensten.

Digitale waakhonden

Er wordt geen recht gedaan aan de digitalisering van de samenleving en de noodzaak om diensten te transformeren in de richting van digitale waakhonden van de democratische rechtsstaat. Er is deze dagen nogal wat te doen over spionage door landen, bedrijven en (criminele) hackers. En dat zal niet afnemen. Er wordt geen recht gedaan aan de kern van het operationele werk: doordringen in de persoonlijke levenssfeer van burgers die de nationale veiligheid bedreigen . Niet van ons allemaal. Niet ongericht. Niet willekeurig. De WIV staat het simpelweg niet toe. Hier is sprake van bangmakerij en onjuiste feiten .

Oesterkramp

In plaats van karikaturen dienen onze gesprekken te gaan over het waarom van diensten. Maar politiek noch diensten zelf lijken echt in staat ons dit functionele verhaal te vertellen. Zij lijden aan ‘oesterkramp’ .
Daarnaast dienen onze gesprekken te gaan over de (on)macht van toezicht in het kader van de WIV. Juist omdat verreikende bevoegdheden in de wet zijn opgenomen dient het toezicht krachtig te zijn. Of het toezicht tanden heeft wordt betwijfeld door o.a. de Raad van State, de Autoriteit Persoonsgegevens e.a.. Dit toezicht tot op het bot analyseren - en waar nodig bijstellen, dat is de hoofdvraag. Het niveau van die analyses en aanbevelingen dient dan wel verder te reiken dan handtekeningen over een onderdeel van de wet. En wat meer diepgang te hebben dan 140 tekens in een Tweet of een satirisch televisieprogramma.

Blogger

Bob Hoogenboom

Bob Hoogenboom is hoogleraar fraude en regulering aan Nyenrode waar hij 'fraude en witwassen' in de accountantsopleiding en 'governance/corporate governance & pps' in het modulair MBA-programma doceert. Samen met Marc Schuilenburg geeft hij het mastervak 'Politie en Veiligheid' aan de VU. Bob schrijft blogs op maatschappijenveiligheid.nl en accountant.nl over actuele fraude- en politievraagstukken en twittert als @abhoogenboom. Sinds 1988 is hij als part time docent verbonden aan de Politieacademie. Voor zijn proefschrift Het Politiecomplex (1994) ontving hij de Publicatieprijs van de Stichting Maatschappij en Veiligheid.