Europees agentschap is een goudmijn

De wildgroei aan EU-agentschappen

Elk land wil wel een ‘stukje EU’ herbergen. Het nut van al die EU-agentschappen lijkt bijzaak.

Het Vivaldi-gebouw, dat het EMA moet gaan huisvesten. Afbeelding The Dutch Bid for EMA

Pakt Amsterdam de hoofdprijs met het binnenhalen van het Europees Medicijnen Agentschap (EMA)? Op de Europese Herfsttop donderdag en vrijdag staat EMA, dat vanwege Brexit uit Londen weg moet, officieel niet op de agenda. Maar in de marge van de top woedt de strijd om het agentschap wel degelijk.

Want het is voor de regeringsleiders van de 19 kandidaatsteden een goudmijn. De stad die wint haalt met EMA veel in huis: ruim 800 EMA-werknemers en jaarlijks nog naar schatting 36.000 bezoekers namens de farmaceutische industrie. Extra impuls voor de huizenmarkt, nieuwe internationale scholen voor expatkinderen, gegarandeerde hotelbezetting en overvolle restaurants – Amsterdam is er klaar voor „en voldoet aan alle eisen”, zei premier Mark Rutte al in april.

Troostprijs is het eveneens in Londen gevestigde EU-agentschap Europese Bankenautoriteit (EBA) waarvoor slechts acht steden warm lopen.

Promofilmpjes

Pas na een stemming in een Europese ministerraad in november valt het definitieve besluit over de nieuwe bestemmingen. Maar op YouTube zijn de EMA-promofilmpjes al te zien. En in alle kandidaatsteden, van Boekarest tot Amsterdam, van Milaan tot Porto, klinkt de wervende boodschap even ronkend. Het Lille-filmpje eindigt zelfs met honderden mensen op straat die in koor ‘EMA, wij wachten op jou!’ zingen.

„Het is een soort Eurovisie Songfestival”, zegt SP-Europarlementariër Dennis de Jong. „Een zeer dure show, want in elke stad worden gebouwen aangeboden, vaak met flinke financiële staatssteun.”

Al jaren volgt De Jong de EU-agentschappen en hij is zeer kritisch over het nut van hun geografische spreiding. Ze doen „stukjes EU-werk” dat volgens hem beter centraal – in Brussel onder de hoede van de Europese Commissie – kan worden gedaan.

Al in 2011 deed de SP-er samen met de Nijmeegse Radboud Universiteit onderzoek naar EU-agentschappen. In 1990 waren er nog maar drie. Inmiddels zijn het er 46. Conclusies van het onderzoek: te veel, te duur en geen transparantie bij de toewijzing aan steden.

Plantenrassen

Er kwamen agentschappen voor plantenrassen, voor innovatie en technologie, voor opleiding en onderzoek. Veel doublures, vinden critici. En bij de toewijzing aan steden was de motivatie vaak ‘een arme regio iets gunnen’, in plaats van praktische criteria zoals bereikbaarheid. Een agentschap kwam terecht op Kreta, terwijl de werknemers ervan kantoor houden in Athene. Zo ook het Spoorwegagentschap in het achtergestelde Noord-Franse Valenciennes: in de praktijk wordt het werk gedaan in het nabijgelegen Lille.

Vooral vanaf 2004 ging de groei hard, zegt Merijn Chamon die aan de universiteit in Gent promoveerde op een studie naar EU-agentschappen. „Het was het jaar van de grote EU-uitbreiding naar het oosten en een ‘herenakkoord’ schreef voor dat ook de nieuwe EU-lidstaten een agentschap moesten krijgen.”

Betrokkenheid

Voorstanders van spreiding zeggen dat het de betrokkenheid bij de EU bevordert in het gastland. Maar er zijn inmiddels te veel agentschappen, zegt Chamon. „En de lidstaten zijn verantwoordelijk voor de wildgroei, niet bij de Europese Commissie. Alleen de landen hebben belang bij zoveel mogelijk agentschappen, want dan kunnen ze die onderling verdelen.”

Het gebrek aan toezicht vanuit Brussel op agentschappen is een bijkomend probleem, zegt SP-er De Jong. „De nieuwe trend is dat bepaalde agentschappen, die vergunningen moeten afgeven voor bijvoorbeeld medicijnen, zich laten financieren door het bedrijfsleven. Dat roept steeds meer twijfels op over de onafhankelijkheid van die agentschappen.”

Dat Nederland meedoet aan de race om EMA heeft SP-er De Jong verbaasd. „Rutte is altijd zo kritisch over verspilling van EU-geld. Het had de premier gesierd als hij tegen al zijn collega-regeringsleiders had gezegd: laten we dit agentschappenspel stoppen.”

Maar waar moet EMA dan naar toe? De Jong: „Gewoon naar Brussel. Dat optuigen van agentschappen, verspreid over heel Europa, is geldverspilling.”