Raad van State: strandhuisjes Zuiderstrand mogen

De gemeente Den Haag heeft terecht vergunningen verleend voor veertig omstreden strandhuisjes op het Zuiderstrand van Kijkduin.

De omstreden strandhuisjes in Kijkduin kregen volgens de Raad van State terecht vergunningen van de gemeente Den Haag. Foto David van Dam

De gemeente Den Haag heeft terecht vergunningen verleend voor de veertig strandhuisjes op het Zuiderstrand van Kijkduin. De Raad van State schrijft in een oordeel woensdag dat het plan past in het beleid van de gemeente en dat er “zorgvuldig” een locatie is gekozen.

De uitspraak betekent het einde van een langlopend proces over twee vergunningen die in 2015 werden toegwezen. Die stonden ieder twintig seizoensgebonden strandhuisjes toe aan de boulevard ten zuiden van Kijkduin en golden voor een periode van vijf jaar. De huisjes mogen er de komende paar jaar nog van maart tot november staan.

Lees de reportage over Kijkduin: Strandhuisjes met grimmige sfeer

De zaak was aangespannen door watersportvereniging Sail Center 107. De strandhuisjes zouden de watersport aan het strand in de weg staan. Volgens de Raad van State “heeft de gemeente rekening gehouden met aspecten als bereikbaarheid, parkeergelegenheid en natuur”.

35 in plaats van 40 huisjes

De rechtbank in Den Haag stelde de watersportvereniging eerder in 2016 in het gelijk waardoor de vergunningen werden vernietigd. Vervolgens besloten de ondernemers met een nieuw plan voor 35 strandhuisjes te komen waarbij niet direct naast de zeilschool wordt gebouwd. Eind 2016 verstrekte de gemeente voor dat plan twee vergunningen.

Hoewel de uitspraak over de vergunningen uit 2015 onherroepelijk is, loopt er ook nog een procedure over de vergunningen uit 2016. Natuurorganisaties stapten naar de rechter omdat de huisjes niet zouden passen in het zogeheten ‘kustpact’. Daarmee moet de oprukkende bebouwing aan en langs de Nederlandse kust gereguleerd worden.