Kunst voor bodemprijzen

Kunstmarkt In galeries heeft hij geen vertrouwen meer. Ook daarom veilt Ron Klein Breteler in één keer 226 werken uit zijn collectie bij het Haags Venduehuis.

Ron Klein Breteler (71) werpt een groot deel van zijn geliefde „tweede huid” af. Met die tweede huid doelt de gepensioneerde architect en stedenbouwkundige op de circa vierhonderd kunstwerken die hij de afgelopen kwart eeuw verzamelde. Nu hij en zijn echtgenote kleiner gaan wonen, besloot hij 226 kunstwerken af te stoten. Dat gebeurt met een zogenoemde one owner sale , op 26 oktober door het Haags Venduehuis.

Die opmerkelijke veiling belooft een buitenkans te worden voor liefhebbers van abstracte, hedendaagse kunst. Zelden is zoveel contemporaine kunst met zulke lage richtprijzen te koop aangeboden.

Zeven doeken van de vorig jaar overleden Amsterdamse schilder Jerry Keizer worden, afhankelijk van het formaat, ingezet met bedragen variërend van 300 tot 1.500 euro. De galerie van Keizer, Nouvelles Images in Den Haag, vraagt voor vergelijkbare schilderijen het tienvoudige.

Ook van Woody van Amen, Armando en Klaas Gubbels, om een paar van de bekende kunstenaars te noemen, is werk te koop onder de 1.000 euro. Soms gaat het om een fractie van wat hij er ooit voor heeft betaald, erkent Klein Breteler. De verzamelaar is bereid om met die lage prijzen genoegen te nemen. „Het alternatief was de kunst in een opslag te doen. Dan geef ik liever jongeren en anderen met een bescheiden budget de kans om een echt kunstwerk aan te schaffen.”

Maria Roosen (1957): ‘Washed Tree’ , sculptuur uit 2012). Richtprijs 800-1.200 euro

Geschrokken van de prijzen

Van de minder bekende kunstenaars uit zijn collectie is soms nog nooit eerder werk geveild. Zijn de betrokken kunstenaars en galeriehouders blij met zijn initiatief? Klein Breteler lacht: „Natuurlijk niet. Vanmorgen kreeg ik nog een belletje van een galeriehouder. Ze was geschrokken van de lage prijzen.”

Verkopen via galeries, Ron Klein Breteler heeft daar langzamerhand bedenkingen bij. „Wat op een veiling 1.000 euro doet, kost in een galerie al snel het viervoudige: 2.000 voor de galeriehouder, 2.000 voor de kunstenaar. Voor beginnende verzamelaars zijn dat onmogelijke bedragen.”

Het galeriemodel, met een ruimte op een dure locatie waar een paar bezoekers per dag langskomen, is volgens Klein Breteler geen lang leven meer beschoren. „Tijden veranderen. Galeriehouders die de verkoopprijs van een kunstwerk bepalen door de lengte en de breedte in centimeters bij elkaar op te tellen en dat getal te vermenigvuldigen met de factor van een kunstenaar, dat is onzin. Een objectieve prijs bestaat niet; bij kunst geldt toch eerder ‘wat de gek ervoor geeft’.”

De oplossing is op internet te vinden, zegt hij. „Daar zijn opener, en ook meer toegankelijke marktbenaderingen mogelijk.”

Mathieu Ficheroux (1926-2003): ‘Movie Star’, collage uit 1964. Richtprijs 200-400 euro

Nest zonder kunst

Klein Breteler begon relatief laat met verzamelen: op zijn 44ste. „Ik kom uit een nest zonder kunst. Mijn vader was aannemer.” Zelf werd hij architect. Op het Rotterdamse bureau waar hij kwam te werken hing wel kunst aan de muur en werden met de jaarwisseling zeefdrukken van Rotterdamse kunstenaars cadeau gedaan.

Op de KunstRai in 1991 kocht hij bij galerie Art Affairs zijn eerste drie kunstwerken: neon-sculpturen en branddrukken van Jan van Munster. „Ik dacht: Dit is het!” Daarna is hij losgegaan, zegt Klein Breteler, en heeft beeldende kunst zijn leven enorm verrijkt. Zonder vast budget kocht hij gemiddeld zo’n vijftien werken per jaar.

Met veel van de kunstenaars van wie hij werk kocht, is hij bevriend geraakt. Hij heeft hen niet ingelicht over de veiling. Sommigen zullen misschien schrikken, veronderstelt hij. En nee, op een enkele uitzondering na, zullen de betrokken kunstenaars en galeriehouders niet op hun eigen werk gaan bieden, verwacht hij. „Daar hebben ze veelal het geld niet voor, als ik zo vrij mag zijn.”

De veiling roept herinneringen op aan de veiling van de privé-verzameling van Emmo Grofsmid en Karmin Kartowikromo, de bij een auto-ongeluk omgekomen Rotterdamse galeriehouders. Bij die verkoop, in december 2011 bij het inmiddels verdwenen veilinghuis Gavelers, ging hedendaagse kunst soms voor een paar tientjes van de hand.

Een genante vertoning, herinnert Klein Breteler zich die veiling. Toch is hij niet bang voor een herhaling. Hij rekent op de publicitaire kracht van het Venduehuis. „Er is een prachtige catalogus gemaakt. Ik heb goede hoop dat minimaal de geschatte prijzen zullen worden gehaald.”

Peter van Beveren, de verantwoordelijk adviseur van het Venduehuis, is eveneens optimistisch. Vanaf het moment dat de catalogus twee weken geleden online ging op de internationale veilingsite Invaluable druppelden in Den Haag de eerste mails en telefoontjes binnen. Soms van ver weg, zegt Van Beveren.

Ook bij de beurs Art The Hague proefde Van Beveren begin deze maand belangstelling voor de veiling. Op die beurs klampten ook een paar kunstenaars hem aan, zegt Van Beveren. Ze klaagden over de in hun ogen tragische teloorgang van hun eigen werk. Maar die houding, zegt de adviseur van het Venduehuis, „is een algemeen Nederlands kunstenaarsgevoel”.

Veiling: A Tasteful Journey. The Ron Klein Breteler Collection. Op 26 okt. in Pulchri in Den Haag. Kijkdagen 21-15 okt. Online catalogus: venduehuis.com