Niet om te lachen: duistere verhalen

Songs of Silence is een album met tien (bijna) tekstloze stripverhalen.

De laatste klant van de Dominicaanse prostituee op de Wallen is niet gewelddadig maar aardig. Hij heeft een doosje met een ring voor haar meegenomen. Dan vallen ze in elkaars armen.

Zo had het verhaal volgens het scenario moeten aflopen. Maar striptekenaar Pier Brito heeft het einde veranderd. In het laatste beeld verdwijnt de prostituee nu op de Amsterdamse Wallen in de menigte. Achteraf is Noël Ummels, die het scenario schreef, blij. „Brito laat zien dat de moderne slaven onder ons zijn”, zegt hij.

‘Slave to the Rhythm’ is een van tien verhalen in het stripalbum Songs of Silence, dat zaterdag ten doop wordt gehouden op het Stripfestival in Breda. Ummels schreef de tien duistere verhalen, die allemaal genoemd zijn naar bekende popliedjes en die geen of nauwelijks tekst bevatten, en zocht er tekenaars bij uit alle delen van de wereld.

Wie op humor of vrolijk avontuur rekent – nog steeds de hoofdschotel van het stripverhaal in Nederland waar de Franse, Spaanse en Amerikaanse graphic novels nooit echt zijn doorgebroken – komt bedrogen uit. De meeste verhalen spelen zich af in de krochten van grote steden van Azië of Latijns-Amerika. Een heeft de oorlog in de Centraal-Afrikaanse Republiek als decor (dat verhaal, ‘Somebody to Love’, getekend door Didier Kassaï, zelf uit dat land afkomstig, stond op 5 september op de Achterpagina). Er is een verhaal over een koe en een paard die van elkaar houden (‘Crazy Horses’, geniaal-slordig getekend door de Argentijn Feliciano Zecchin), dat in Amerika speelt en eigenlijk over iets anders gaat.

En dus ‘Slave to the Rhythm’, getekend door Pier Brito, een Uruguayaan die in Amsterdam woont. Grace Jones, naar wier hit uit 1985 het verhaal is genoemd, komt er zelf ook nog in voor. Behalve de prostituee lopen er nog twee moderne slaven door dit verhaal: een Filippijnse dienstbode in Dubai en een jongetje in een Bengaals kledingfabriekje. Hun lot is in elk geval droevig. Zoals in de film Babel lopen de drie verhaallijnen door elkaar, maar – anders dan je zou verwachten – komen ze aan het einde niet samen. Of toch wel, zegt Ummels, want de drie personages ontvangen elk op een eigen manier een vorm van grace, verlossing, genade. En door die de draaikolk van beelden laat Brito óók nog een Romeinse galei varen, waar de trommelslager gezelschap krijgt van gitaar en basgitaar. Als je goed kijkt, herken je in de roeiers personages uit de drie verhaallijnen.

Films en strips hebben veel met elkaar gemeen, al zijn de verschillen – binnen een kader van een stripverhaal kan je bijvoorbeeld oorzaak en gevolg tegelijk laten zien – ook interessant. Brito tekent in elk geval zeer ‘filmisch’, bijna alsof hij er met een camera in de hand bij staat, bijna te dichtbij soms. Een andere truc, die je pas in tweede instantie ziet, is dat hij zijn kaders laat ‘meedeinen’ met de galei, zodat je de golfslag bijna voelt.

Brito verdient zijn brood als anoniem tekenaar bij een Amerikaanse comics-studio. „‘Slave to the Rhythm’ was vrij werk”, zegt hij. „Als ik het script lees, komen de beelden op. Sommige realistisch, andere droomachtig. Die teken ik en later schik ik ze. Inderdaad, zoals de montage van een film.”

Songs of Silence, uitg. UN of Comics, € 29,95. Stripfestival Breda, 14 en 15 okt, Chassé Theater, Breda.